Souk 2012: Assala
Hassnae Bouazza

Illustratie: Marvel
De Syrische zangeres Assala Nasri is al jaren een van de grootste en meest gerenommeerde Arabische zangeressen. Dankzij haar stem- en zangkwaliteiten werd ze lang gezien als de enige, echte opvolgster van Oum Kalthoum, de Egyptische zanglegende. En ze is al de hele week in Nederland voor de concertreeks van Souk, het Nederlands-Arabische muziekfestival.
Souk heeft Assala samengebracht met het Symfonieorkest Holland Symfonia onder leiding van dirigent Jurjen Hempel – die de avond, dat ik er was, aftrapte met een zinderend orchestraal stuk van de Armeense componist Avet Terterian. Het concert wordt gepresenteerd door jazzpianist Michiel Borstlap die haar bij aan aantal nummers op de piano begeleidde en duidelijk gecharmeerd was van de frêle Syrische op enorme plateauhakken. Samen brachten ze het nummer Hekaya ten gehore, dat dankzij Borstlaps begeleiding een jazzy karakter kreeg. Assala Nasri had zelf twee van haar eigen muzikanten meegenomen: een Syrische qanoun-speler, de qanoun is een Arabisch snaarinstrument, en een Iraakse derbouka-speler, de derbouka is een slaginstrument.
De combinatie van Assala met Holland Symfonia werkt bijzonder goed; de samensmelting van oriëntaalse noten en slagwerk met Westerse klassieke strijkers was meeslepend en bij vlagen opzwepend. Haar muziek klonk voller en haar liefdesklassieker Samehtak zelfs up-beat en vrolijk. Eerder op de avond trad de Marokkaanse chaabi-zanger Souiri (chaabi is Marokkaanse popmuziek) op met een nummer en toen leek het orkest een paar tellen het ritme kwijt, maar daar was bij Assala geen sprake van.
Assala begon als jong, ielig meisje met een ernst en zwaarte die lang kenmerkend was voor haar; met de komst van de videoclip en Arabische wegwerppop werd zij net als veel van haar collega’s toegankelijker; de nummers werden korter en de teksten oppervlakkiger. Assala bleek bovendien een luchtige, aangenaam openhartige persoonlijkheid te hebben; daarvan kreeg het publiek slechts een flard te zien tijdens het concert. Assala was charmant, had zelfspot toen ze een zinnetje in het Engels uitsprak, maar was vooral heel bescheiden. Ze had jarenlang een typische manier van met haar handen zwaaien tijdens het zingen, een soort dansen met de handen, maar dat heeft ze zichzelf afgeleerd. Af en toe begon ze weer te zwaaien, om er subiet mee op te houden.
Ze bracht haar recentere werk en haar grootste hits ten gehore zoals het vrolijke Ya Magnoun, en sprak een paar keer over haar verscheurde moederland. Haar kritiek op het Syrische bewind leverde haar felle kritiek vanuit haar moederland op. In de zaal weerklonk echter niet de woede, maar de hoop en de liefde. Haar doorleefde optreden werkte aanstekelijk op het publiek dat zich gewillig liet meevoeren door die zuivere stem waar ze zo bekend om staat. Er was een goede balans tussen drama en luchtigheid in de nummers. Zelfs op de minder vrolijke nummers zag je vrouwen dansen.
Vlak voor de toegift van de avond, Mab’ash Ana, vertelde ze dat ze er mooi en vrolijk uitziet, ondanks het verdriet om haar land, want ‘we moeten sterk zijn als we Syrië willen helpen.’
Het was dan ook een feest van muzikale herinneringen en lichte melancholie. Een mooi en bij vlagen ontroerend huwelijk tussen Oost en West. Een samengaan van culturen en kunsten. Een concert zoals het bedoeld is.
Hieronder een opname van het optreden dat Assala Nasri in De Doelen in Rotterdam gaf:
![]()
![]()
Eergisteren gepubliceerd in NRC Handelsblad. Hassnae Bouazza (حسناء بوعزة) schrijft voor onder meer Vrij Nederland, De Volkskrant, NRC Handelsblad, Elle, de Arabische site van de Wereldomroep en OneWorld. Met Femke Halsema werkt ze aan een documentaire over vrouwen en de islam. In 2009 was ze te bewonderen in Vrouw & Paard, ze is regelmatig te horen bij BNR Nieuwsradio en te zien in het programma Z.O.Z.. Dat ze nog tijd heeft om in het geheim voorbereidingen te treffen voor de vestiging van het kalifaat in Nederland, mag een wonder heten. Volg haar op Twitter.





RSS