Nee, uw kind kán geen Mondriaan schilderen
Justine le Clercq

Illustratie: Yuko Shimizu
Nederlandse musea hebben zichzelf uit het slop getrokken met een concept: kies per jaar een thema. In 2015 gingen ze los op Van Gogh; op dit moment draait men in het Noordbrabants Museum 24-uurs diensten door Jeroen Bosch op het schild te heffen. In 2017 zijn we ook onder de pannen: dat is uitgeroepen tot Mondriaanjaar. Half april maakte men bekend welke steden en musea met deze themakermis meedoen.
Maar let op: 2017 wordt niet alleen het jaar van Mondriaan maar ook het jaar van de prangende vraag die altijd weer opspeelt: ‘Dat kan mijn kind toch ook?’
Die vraag wordt doorgaans geringschattend uitgesproken door ouders, staand voor een Mondriaan. Ook een kind kan een gele en rode streep zetten, zo is de redenering. ‘Mensen die zoiets zeggen snappen niets van kunst,’ is doorgaans de, met dédain uitgesproken, reactie van kunstkenners. En ze hebben gelijk, die kunstkenners, want een kind kan inderdaad geen Mondriaan schilderen. Maar wat is de reden dat de ene gele streep de andere niet is?
Opvoedkundige tik
Eerst iets over kinderen, u weet wel, die kabouters waar volwassenen zo angstvallig veel van houden, terwijl het diepe verlangen het addergebroed eens flink fysiek toe te takelen nooit ver weg is. Het verlangen tot toetakelen is een direct gevolg van de acties van het grut. Want wat doet een kind zo die eerste jaren? Het volgt instincten en het reageert voortdurend op prikkels. Dat laatste doet een kind via de eerste tools die het mee heeft gekregen: het uiten van basisemoties. Daarvan zijn er op dat moment vier stuks: woede, verdriet, angst en vreugde. Die andere twee, verbazing en afschuw, volgen al gauw.
Dat er van die eerste vier emoties gelijk al drie stuks naargeestig zijn, en maar ééntje vrolijk, zegt iets over het fundament van de mens waarop verder moet worden gebouwd, maar doet hier even niet ter zake.
Een kind is de hele dag bezig met het verkrijgen van drinken, voedsel en slaap. Daartoe krijst het, schreeuwt het, heeft het intens verdriet en brabbelt het er vreugdevol op los. Enige tijd later komen er (cultuurgestuurde) gevoelens bij, zoals schaamte. De emoties en gevoelens worden in die eerste jaren verder onderzocht en de grenzen worden verkend.
Die verkenning tref je soms aan op de vloer van de supermarkt waar een hysterisch schreeuwende kabouter een zak chips opeist. De ouder had nog zo gezegd: ‘geen chips’. Deze afwijzing veroorzaakt bij het kind een alles overheersend verdriet of onbespreekbare woede. Het kind is nog niet in staat om die overvloed aan emoties zelf te beheersen en op waarde en nut te schatten.
Daartoe dient dan ook de opvoedkundige tik, die het losgeslagen zenuwstelsel van het kind in één klap tot bedaren brengt. Het zenuwstelsel reageert namelijk op directe prikkels, en nog niet op een nauwkeurig opgebouwde preek. Een preek doet een beroep op de cognitieve vermogens, en daar is het rond die leeftijd nog bar mee gesteld. Na die tik/boze stem (of een koude douche, maar die is niet altijd voorhanden) kan het zenuwstelsel zich herstellen.
Onbegrijpelijke wereld
Het aanstekelijke van een kind is dat het er zin in heeft. Waarin weet het nog niet precies, maar de zin is er. Met de waarheid heeft een kind niet veel op, het interesseert ze allerminst. Fictie en feiten, zichtbaar en onzichtbaar, fysiek en astraal, het is bij kinderen een grote brij die met angst, woede, verdriet en plezier door elkaar wordt gehusseld.
Tegen de tijd dat een kind een stift in het knuistje kan houden en een lijn kan trekken wordt het dagelijks overspoeld door die al genoemde emoties. De cognitie begint al wat op gang te komen, maar de doorstane emoties (een eng beest onder bed, schaterend lachen) zijn dusdanig hevig dat een kind maar matig toekomt aan reflectie en doelgericht handelen. Tot zover ons addergebroed.
Om in dit artikel weer bij Mondriaan uit te komen eerst iets over kunst. Laten we het niet te ingewikkeld maken door te vragen wat kunst is, maar iets gerichter, wat is schilderkunst in het Westen? Tot eind 19de eeuw behelsde de schilderkunst voornamelijk het afbeelden van bijbelse- dagelijkse- of mythische taferelen, waarbij de mens een centrale rol speelt. Daarnaast zijn er nog wat stillevens van een appel of een ei.
Zeer algemeen kan je stellen dat de schilderkunst uit was op ontroering. Hierbij doel ik niet op de sentimentele ontroering van de traan, maar op de ontroering van een onbegrijpelijke wereld.
In die ontroering schuilen de basale emoties van de mens, en de daaruit voortgekomen gevoelens. Om deze te begrijpen, te beheersen, te beleven, te omhelzen en te bevragen zijn we in staat gebleken ons te uiten: niet alleen via ons lichaam (huilen, lachen, redeneren) maar ook via buiten ons gelegen middelen, via een steen (beeldhouwer) via papier (woorden, foto) etc.
Het leven en de ontroering daaromtrent wordt voor de mens niet alleen vormgegeven in het dagelijkse onderhoud, maar tevens in het overstijgen van het eigen leven en het eigen vermogen. Dit gebeurt door gebruik te maken van externe middelen en door samen te werken. Die behoefte is groots en alom aanwezig. Van een hut maken we een mooie hut. Van een grot een mooie grot door wat diertjes te tekenen op de muur.
Driehoekige tepel
In het begin van Mondriaans carrière schilderde hij dagelijkse taferelen van de mens1. Ook hij probeerde daarmee te ontroeren. Dat ging hem niet bijster goed af. Hij bleek niet in staat om de mens ontroerend af te beelden. Waarschijnlijk omdat hij niet naar de mens keek, maar erlangs. De abstracte kunst was voor Mondriaan dan ook niets minder dan een redding. Nu hoefde hij geen mensen meer af te beelden, niet meer te ontroeren; nu kon hij driehoekige tepels schilderen.
Aangezien iedereen met een aan zekerheid grenzende stelligheid weet dat een driehoekige tepel bij vrouwen niet voorkomt, kan je er een ideologie aan koppelen. Dat deed hij dan ook. Mondriaan werd theosoof.
Kerngedachte van de theosofie is dat alle wezens in essentie één zijn (…) Het ideaal is om het welzijn van de mensheid en van al wat leeft boven de eigen ontwikkeling te plaatsen2. De theosofen bestreden het materialisme in de (natuur) wetenschappen en het dogmatisme in de officiële godsdiensten (da’s nog niet zo gek) Zij beriepen zich daarbij op een samenspel van leringen die een diepere kennis dan de gewone kennis veronderstellen3 (daar gaat het al glijden).
De idee van de theosofie viel in goede aarde bij de kunstenaars aan het begin van de 20ste eeuw. Waarom? Het uitbeelden van de werkelijkheid was ze ondertussen te saai geworden. Het was ook al zo vaak gedaan; je wilt wel eens iets anders. Dus ze zochten naar nieuwe uitingsvormen.
Mondriaan zette stevig in. Hij wilde via de kunst de theosofische gedachten verwerkelijken. Hij kwam al snel op de gedachte dat je juist minder moet uitbeelden, steeds minder. Hoe minder je uitbeeldt, hoe meer je komt bij het uitbeelden van een universele waarheid. Ja, hier maakt hij een sprong waar menigeen afhaakt, maar hou vol!
Nog een keer anders gezegd: hij wil de zichtbare werkelijkheid laten verdwijnen om er iets geheel objectiefs voor terug te laten komen. Dat betekent dus ook dat in het schilderij geen emotie, of iets subjectiefs, of een beleving centraal mag staan.
Bent u er nog?
Totalitair idee
Dit resulteerde uiteindelijk in de abstracte kunst die we met zijn lijnen en kleuren van hem kennen, waarin een liggende lijn vrouwelijk is, en een staande lijn mannelijk. Alles wat kon leiden naar emotie moest uit zijn werk verdwijnen. Hier rekende hij ook het gebruik van diepte en ruimte onder, en het gebruik van ritme. Deze theorie over kunst heet Nieuwe Beelding. Het hele idee was: als je de vorm van Nieuwe Beelding doorzet dan kom je tot een eenduidige waarheid, losgeweekt van enige vorm van subjectiviteit, van ideologie (!) of emotie.
Het totale einddoel van deze theorie is dat kunst uiteindelijk overbodig wordt. (Een aantal politieke partijen is duidelijk aanhanger van deze kunsttheorie) Dit streven van de Nieuwe Beelding is niet minder dan doodeng.
Waarom?
Dit is doodeng door het totalitaire idee dat er achter zit. Ieder totalitair idee is gebaseerd op onbetwistbare uitsluiting. De geschiedenis heeft laten zien welke vormen van totalitaire ideeën er kunnen ontstaan en waar het toe kan leiden. Niet alleen in de abstracte kunst kreeg dit idee voet aan de grond. Ook de architectuur kent deze stroming, denk bijvoorbeeld aan de Bijlmermeer. We weten inmiddels welke vreselijke gevolgen dat heeft gekend.
Om tot de totale uitbanning van emotie, ruimte, diepte en ritme te komen in zijn kunst4, legde Mondriaan zichzelf een scala aan beperkingen op. Voorwaar geen makkelijke opgave. Zo was het gebruik van een diagonaal in zijn werk niet toegestaan want dat was namelijk dynamisch en dat stond voor hem gelijk aan emotioneel. De ene kleur mocht niet sterker naar voren komen dan de andere, want dan ontstaat er diepte. Dit is de reden dat hij in vroeg werk zwarte balken gebruikte om ervoor te zorgen dat het ene kleurvlak niet sterker naar voren kwam dan het andere.
Ook de plaats van een kleur op een doek heeft invloed. Voordat Mondriaan uiteindelijk besloot dat een bepaalde streep of een vlak op een bepaalde plek kwam, was er een eindeloos gepuzzel aan vooraf gegaan. En stond de streep er dan eindelijk, dan is de functie van die streep in ieder geval niet om ons te ontroeren, of om ons emotioneel te raken, of onze gedachten te laten verzanden in vergezichten. Nee, de streep is de waarheid, de universele waarheid – ontdaan van iedere eigenschap die de mens tot mens maakt.
Eindelijk terug naar de vraag: Dat kan mijn kind toch ook?
Emoties en hoop
Stelt u zich eens voor, daar zit uw addergebroed vrolijk te tekenen aan tafel. De buurkinderen zijn er ook. Stiften en vingerverf overal verspreid, grote vellen papier. Een gele streep wordt impulsief op het papier gesmeerd. Een rood vierkant wordt met uiterste inspanning ingekleurd. ‘Kijk, ik teken poes,’ brult een kind, en een blauw vierkant wordt met wilde vegen lachend gestift.
Je maakt alvast een stuk muur leeg voor de kunstwerken en schenkt cola in (of suikervrije troep). Een kamer vol kinderen en kindertekeningen is een kamer vol emoties, vol hoop, vol combinaties van werkelijkheid en fantasie, vol verwachtingen over het leven en de toekomst. Precies al die dingen die Mondriaan nu juist wilde uitbannen!
En dat, lieve ouders, is dan ook precies de reden waarom uw kind geen Mondriaan kan schilderen, want uw kind zit vol emoties en gevoelens: en gelukkig maar, want anders is er iets goed mis met uw kind.
Justine le Clercq (1967) is schrijver en tentoonstellingsmaker en werkt als HBO-docent en projectleider in de zorgsector. Van haar verschenen twee boeken. Ze heeft een website en een Facebook-pagina.
1. [Verder schilderde hij enorm veel bloemen, zijn hele carrière lang, ook toen hij abstract schilderde. Dit deed hij om geld te verdienen, want mensen waren in die tijd gek op bloemen. Hij maakte aquarellen van irissen, lelies, en meer van dat soort druiperige bloemen – het was dan ook de tijd van de art nouveau. De geschiedschrijving heeft zijn best gedaan deze bloemen voor de handel te verbergen, maar de laatste tijd duiken er hier en daar op veilingen toch wat van zijn bloemen op. ]↩
2. [www.theosofie.net: de website van het Theosofisch Genootschap te Den Haag]↩
3. [Uit: C. blotkamp e.a. De beginjaren van De Stijl 1917-1922; www.cultuurnetwerk.nl]↩
4. [In zijn laatste werken – BoogieWoogie etc- waar alleen vierkanten op staan komt de dynamiek plots terug doordat er een ritme in zit. Midden in deze ontwikkeling is hij helaas overleden. Sommige schilderijen waren nog niet af (Boogie Woogie bestaat gedeeltelijk uit plakband) Het is interessant wat Mondriaan nog had kunnen maken en zeggen over het ritme in zijn schilderijen.]↩





RSS