Randpartijen
Rene Koeman

Illustratie: Konstantin Flavitsky
Dit land met zijn zeventien miljoen inwoners is een land van eigenwijze mensen. Altijd geweest en het zal altijd zo zijn. Iedereen heeft overal een mening over en is het nooit (helemaal) met een ander eens. Niets nieuws onder de zon.
In de politieke afvaardiging hebben we sinds de Tweede Wereldoorlog echter wel altijd een blokvorming gehad, die grofweg ingedeeld kon worden in liberaal, socialistisch en christelijk, de zogenaamde zuilen. Er waren wat kleine partijtjes, maar die hadden niet veel in de melk te brokkelen. Een coalitie in de Tweede Kamer kon altijd rekenen op een stabiele meerderheid, hetzij links, hetzij rechts. Niet dat iedere coalitie het tot de eindstreep redde, maar er was een redelijke consistentie in het algemene beleid.
Sinds Fortuyn is er een toenemende versnippering in de tweede kamer opgetreden, niet zozeer vanwege een toename in het totaal aantal partijen, maar in de verdeling van de zetels over die partijen. De grootste partij van ons land heeft nu 31 zetels (VVD) en het aantal partijen betreft 11, na de volgende verkiezingen misschien 12. Vergelijk dat eens met zetelaantallen tot ver in de 40, in de jaren tachtig.
Zoals afgelopen weekend bleek, is er geen stabiele coalitie meer te vormen. En dat was waarschijnlijk niet anders geweest in geval Rutte voor de Paars Plus-variant was gegaan. Dat is nu het grote probleem waar Nederland voor staat. Vrijheid van vereniging is een groot goed, maar dat mag het bestuur van ons land wat mij betreft niet in de weg staan.
Wat is het nut van een splinterpartij als 55+ van Jan Nagel, die waarschijnlijk na de volgende verkiezingen één zetel gaat krijgen? Waarom moet een klein deel van de Nederlandse bevolking puur vanuit kortzichtig eigenbelang een stem krijgen? Wat is het nut van een SGP met zijn eeuwige twee zetels, waarom moet de poldertaliban een onevenredige stem hebben in het parlement? Wat is het nut van de Partij van de Dieren, een stelletje one issue-fundamentalisten, die met twee zetels meepraten over zaken die niet hun minste interesse hebben, tenzij ze het kunnen linken aan veganisme of windmolens? Waarom moet de Bible-belt een aparte vertegenwoordiging hebben in de CU met vijf zetels, zodat ze met het Boek in de hand invloed uit kunnen oefenen op ons staatsbestel?
De discussie is niet nieuw, het echte D66 van de jonge van Mierlo kaartte het al aan, totdat zijn fletse opvolgers, met als dieptepunt Pechtold, dat ideaal helemaal ten grave hadden gedragen. Alleen zijn oplossing was niet eerlijk, want in een districtenstelsel neemt de winnaar per district alle winst.
Er is maar één oplossing waar ik voor wil pleiten en dat is een kiesdrempel van minstens vijf procent. Ook dat is niet nieuw en het werkt prima in andere landen.
Alle partijen onder de zeven tot acht zetels komen gewoon niet in de Tweede Kamer. Dat scheelt vier tot vijf nutteloze randpartijen die net zo goed hun heil kunnen zoeken in een of andere vleugel van een grotere partij. Weg met dat cliëntelisme en een grotere kans op meer bestuurbaarheid van ons land.
Rene Koeman is één van de vaste reageerders op Frontaal Naakt.
24 april 2012 — Rene Koeman
Reacties op dit artikel zijn gesloten. Wilt u reageren?
Stuur een e-mail naar de redactie.





RSS