Alle scholen wit
Yezkilim

Foto: Ryan McGinley
Veel ouders die hun kinderen naar een witte basisschool brengen, doen dit niet uit racistische of xenofobe motieven, maar omdat het niveau van het onderwijs daar hoger is, want leraren stemmen hun lessen af op het gemiddelde niveau, en dat ligt in witte klassen hoger. Zwarte scholen hebben immers meer kinderen met taalachterstand, waardoor ze de uitleg minder goed begrijpen, zodat ze ook met andere vakken achterop raken.
Kortom, om het verschil tussen zwarte en witte scholen op te heffen, moet je zorgen dat er niemand achterloopt. Achterstand inlopen terwijl de lessen gewoon verder gaan is erg moeilijk, bovendien vind je op internet geen Les gemist met lessen van je eigen leraar, dus in plaats van achterstand te bestrijden, moet je het voorkomen. En dat doe je door de oorzaak, taalachterstand te voorkomen.
Taalachterstanden voorkomen doe je met verplichte taaltoetsen en taalklassen.
Elke basisschool krijgt klassen, op verschillende niveaus, waar uitsluitend aan taal wordt gewerkt en gaat systematisch het taalniveau van de leerlingen toetsen.
Om te beginnen is er de toelatingstaaltoets. Zakt een aspirant-basisscholier hiervoor, dan gaat hij of zij in plaats van naar een gewone groep, naar een taalklas. En voorafgaand aan elke overstap naar een nieuwe groep is er een nieuwe taaltoets, met dezelfde consequenties, bedoeld voor zij-instromers uit het buitenland en voor kinderen bij wie het taalniveau pas later, of later weer opnieuw, achteruit gaat, bijvoorbeeld omdat er thuis te weinig Nederlands wordt gesproken.
Een positief bij-effect van dit systeem zou kunnen zijn, dat ouders van taalzwakke kinderen, met het schrikbeeld van een eeuwigdurende basisschoolperiode voor ogen, hun kinderen vaker zo vroeg mogelijk, in plaats pas wanneer het verplicht is, naar school zullen sturen. En misschien motiveert het ze om thuis vaker en beter Nederlands te spreken. Er zal dan ook een groter aanbod van taallessen voor volwassenen moeten komen, ook voor taalzwakke Nederlandse ouders.
Na zo’n taalklas kunnen taalzwakke kinderen, helemaal bij, integreren in een gewone groep. Goed voor henzelf, maar ook voor de groep waarin ze terechtkomen, want die wordt niet meer opgehouden door kinderen met taalachterstand. En definiëer je een zwarte school als een school met – in de reguliere klassen – veel kinderen met een taalachterstand, dan zijn met dit systeem alle scholen wit.
Het kost tijd, maar dit is in te perken met op je derde beginnen en met een halfjaarsysteem: geen acht, maar zestien groepen, zodat ook de taalklassen maar een half jaar duren. Omdat er dan twee maal per jaar een nieuwe groep 3a begint, is dit ook gunstig voor wie ongunstig jarig is. Ook zittenblijven en een klas overslaan zijn zo maar half zo ingrijpend. En een prettige bijkomstigheid van jonger mogen beginnen, is dat de huidige, stigmatiserende, methoden om taalachterstand bij allochtone peuters te bestrijden niet meer nodig zijn.
Ook met het halfjaarsysteem en met een jaar eerder beginnen, blijven taalklassen de taalzwakke kinderen tijd kosten. Maar dit is minder rampzalig dan achterlopen. Want wie bij is, krijgt een hogere CITO-score, en dat heeft veel meer effect op je toekomst dan de leeftijd waarop je de CITO-toets doet!
Yezkilim is een full-time allround compulsief obsessief probleemoplosser, met als specialiteit radicale onderwijshervormingen. Daarnaast is ze wiskundeleraar.





RSS