Afsterven
Peter Breedveld

“De oude media zullen afsterven en plaatsmaken voor virtuele nieuwsplatformen op het Internet”, zegt journalist Joris Luyendijk. En: “Juist deze tijd is het leuk om journalist te zijn, omdat er van alles aan het veranderen is.”
Luyendijk was afgelopen donderdag op de Amsterdamse Vrije Universiteit om een masterclass journalistiek te geven. Het zou gaan over een ‘meer in het alledaagse leven gewortelde journalistiek’, zoals door Luyendijk bepleit in zijn boek Het Zijn Net Mensen. Daarin bekritiseert Luyendijk, voormalig NRC-correspondent in het Midden-Oosten, de rigide redacties van de gevestigde media, die vooral zijn geïnteresseerd in de Palestijnse stenengooiers die alle actualiteitenprogramma’s en dagbladen domineren, in plaats van de dagelijkse beslommeringen van de gewone Palestijnse man en vrouw.
Maar het ging in Luyendijks masterclass uiteindelijk vooral over Internet. Luyendijk vindt dat de gevestigde media dat verkeerd gebruiken, door er simpelweg dezelfde stukken op te publiceren als in de krant, of op televisie. Hij vergelijkt dat met de automobiel, die aanvankelijk werd geproduceerd door koetsfabrikanten, die simpelweg gemotoriseerde koetsen maakten. “Niet één van die fabrikanten heeft het gered”, zei Luyendijk, en zo zullen volgens hem ook de oude media achter het net vissen.
Luyendijk ziet een soort Second Life van de nieuws- en informatievoorziening voor zich. Een virtuele gemeenschap waar journalisten zich laten aanvullen en corrigeren door deskundigen en andere geïnteresseerden.
Ik heb twee bezwaren tegen zijn verhaal. Ten eerste beschrijft Luyendijk het Internet zoals dat nu al is: een gestaag groeiend lezerspubliek haalt inmiddels zijn nieuws en informatie over van alles en nog wat van het Internet, vooral van de websites van in de concrete wereld gevestigde media. Die informatie wordt aangevuld met informatie en meningen van tal van alternatieve media. Op populaire weblogs en discussiefora schieten betrokkenen gaten in elkaars betogen en ze vullen elkaar aan. Autoriteiten worden tegengesproken, dissidenten tot autoriteit verheven. Daar heeft niemand Joris Luyendijk nog voor nodig.
Ten tweede is Luyendijk opvallend afwezig op het Internet, voor iemand die zegt daar al zijn geld op te zetten. Hij verdient de kost als freelancer voor de door hem afgeschreven oude media, zoals NRC Handelsblad, de VPRO en Libelle. Hij heeft wel een persoonlijke website, maar die ziet eruit alsof die in 1997 z’n laatste update heeft gehad (alleen die aanhef al: ‘Beste Surfer’). Hij is vooral actief als blogger op een plekje op het Internet dat hem ter beschikking is gesteld door ‘oud medium’ NRC Handelsblad.
Als Luyendijk dus echt gelooft dat de oude media gaan afsterven, dan in elk geval niet binnen afzienbare tijd. En het ziet er ook niet naar uit dat hij dat Second Life van de nieuwsvoorziening zelf gaat opzetten. Die revolutie moet iemand anders voor hem doen.
Tegenwoordig schrijft hij over elektrische auto’s. Daar is hij zo in geïnteresseerd vanwege de islam, zo vertelde hij desgevraagd tijdens zijn masterclass. De islam is volgens hem namelijk aan hervorming toe, maar daar komt het niet van omdat er geen open discussie over de islam mogelijk is. Dat komt weer omdat de meeste moslims in landen wonen waar ze worden onderdrukt door mensen die door ‘ons’ in het zadel gehouden worden vanwege de oliebelangen. Elektrische auto’s helpen ons van onze olieverslaving af te komen, daardoor worden we minder afhankelijk van Arabische dictators en dat zal dan uiteindelijk leiden tot de door Luyendijk gewenste open discussie en islamitische reformatie.
Daarom probeert Luyendijk de Libellelezeressen de elektrische auto op te dringen – om de islam te hervormen. Met GroenLinkse duurzaamheid heeft hij niks: “GroenLinks wil dat we zuiniger zijn met het flesje water, waarmee we de woestijn zijn ingegaan, zodat het langer duurt voordat we sterven van de dorst. Ik vind dat zó calvinistisch.”
Peter Breedveld moest vijf euro in een schoenendoos doen om Luyendijks masterclass te mogen volgen. Luyendijk meent dat zijn toehoorders hem serieuzer nemen als ze hebben betaald. – Nope.





RSS