Seculierofoob
Peter Breedveld

Illustratie: Peter Fendi?
De progressieve mannenbroeders van dagblad Trouw laten zich graag van hun beste kant zien met stevige stellingnames tegen Geert Wilders. Die wordt in de columns van salonactivisten Hans Goslinga en Willem Breedveld dan ook regelmatig afgeschilderd als de Antichrist. Vóór Wilders was Ayaan Hirsi Ali regelmatig het haasje en daar deed de inmiddels overleden (en vergoddelijkte) Jacques van Doorn enthousiast aan mee.
Over de pittige anti-islamretoriek van de Staatkundig Gereformeerde Partij hebben ze bij Trouw evenwel geen uitgesproken mening. Het gaat ze bij Trouw dan ook helemaal niet om Wilders’ islamofobie, maar om het in hun ogen antireligieuze beleid dat Wilders voorstaat.
Veel banger dan voor Wilders is Hans Goslinga voor D66, blijkt maar weer eens uit zijn jongste column. Daarin betoogt Goslinga dat Alexander Pechtold en Geert Wilders niet wezenlijk van elkaar verschillen omdat ze allebei tegen de invloed van religie op het publieke domein zijn, en dat de redelijkheid en weldenkendheid’ van D66 slechts een masker is. Pechtold doet volgens Goslinga alleen maar alsof hij veel milder is dan de botte’ en onverdraagzame’ Wilders. Pechtold ontloopt zo het, nog niet geuite, verwijt van Wilders dat de pot de ketel verwijt dat hij zwart ziet’, aldus Goslinga in één van die typisch Goslingaanse, doodvermoeiende zinnen van m.
Goslinga voert al jaren strijd tegen seculiere liberalen. Ook bij Hirsi Ali ging het hem niet echt om haar islamkritiek, maar om haar status als boegbeeld van het seculiere liberalisme. Eerst dichtte hij Hirsi Ali in een stuk allerlei slechts toe, daarna wees hij er op dat ze een seculiere liberaal was, die naar een seculier-liberale heilstaat’ streefde, vervolgens verklaarde hij alle seculiere liberalen medeschuldig en doopte ze om in Ayanen’, guilty by association. Ayaan Hirsi Ali, die bij een groot deel van de Nederlandse bevolking toch al niet lekker lag, was voor Goslinga en Breedveld niet meer dan een stok om de seculieren mee te slaan.
Goslinga is zo bang voor Pechtold omdat zijn partij alweer heel lang aan het stijgen is in de peilingen, en zelfs als kleinste partij in een coalitieregering heeft D66 altijd veel invloed gehad op het regeringsbeleid. Zo wordt ze verantwoordelijk gehouden voor het toestaan van de koopzondag, gruwel in de ogen van Goslinganen, om het christelijke volksdeel duidelijk te maken wie nu de lakens uitdeelde’.
Nie wieder, denkt Goslinga paniekerig als hij kennisneemt van de groeiende populariteit van Pechtold. Die Pechtold moet worden gestopt. En dat doet hij heel Goslingaans door Pechtold in diskrediet te brengen zoals hij dat ook bij Hirsi Ali deed. Hij betoogt dat Pechtold en Wilders uit dezelfde antireligieuze traditie stammen en dat Pechtold dus hetzelfde nastreeft als die demonische Wilders, namelijk alle moslims d’r uit.
Pechtold wil echter een seculiere, open maatschappij waar iedereen zijn eigen geloof, ideologie of levenswijze kan volgen. Wilders wil dat helemaal niet, die wil een gesloten maatschappij waar iedereen volgens een van bovenaf opgelegde joods-christelijke’ ideologie leeft. Precies wat Goslinga ook wil.
Niet Pechtold en Wilders zijn loten van dezelfde stam, Goslinga en Wilders zijn dat. En Goslinga is een seculierofoob’, die alle seculieren ‘over één kam scheert’.
‘Nie wieder’, denkt Peter Breedveld als hij zich de verschrikkingen van tweeduizend jaar christelijke onderdrukking herinnert.





RSS