Frontaal
Naakt
13 maart 2010

Bij de dood van HAFMO

Thomas Cool

weg15
Illustratie: Gerda Wegener

Hans van Mierlo heb ik eenmaal ontmoet, namelijk toen wij, van het net opgerichte Sociaal Liberaal Forum, begin 1994 bij hem in de Tweede Kamer op bezoek mochten om ons voor te stellen. Het was een aangenaam gesprek maar onze suggestie dat het SLF ideeën bood waarmee een vruchtbare samenwerking tussen PvdA, VVD en D66 mogelijk zou worden bracht slechts een verzuchting en geen warme instemming teweeg en vormde klaarblijkelijk geen reden om een vervolgafspraak te maken. In de zomer speelde Van Mierlo die coalitie zelf klaar maar helaas niet met gebruikmaking van onze goede ideeën.

Over Hans van Mierlo als mens kan ik dus niets zeggen. Over de doden ook niets dan goeds. Wel is zijn overlijden aanleiding bij zijn politieke erfenis stil te staan. Van Mierlo speelde een opmerkelijke rol in de nationale politiek en bij zijn verscheiden verdient hij daarvan duiding. Zelf kan hij daarop niet meer reageren maar er is een hele partij D66 die zich er rekenschap van kan geven.

In december 2006 schreef ik al dat het dom zou zijn wanneer D66 zich niet ophief – zie het artikel en de bijbehorende discussie. Van Mierlo wierp die vraag ook zelf op, al in oktober, en bij de verkiezingen in november 2006 kreeg men de drie zetels waar Pechtold het de laatste vier jaar mee gedaan heeft.

Van Mierlo’s ideeën over districtenstelsel, referenda en gekozen premier en burgemeester waren wetenschappelijk gezien contraproductief maar konden met zijn charisma en welsprekendheid blijkbaar zo verkocht worden dat menigeen erin ging geloven. Het blijft zeer wenselijk dat hoogleraar econometrie Alexander Rinnooy Kan zich eens uitspreekt over mijn econometrische analyse in mijn boek Voting Theory for Democracy. Van Mierlo, met zijn persoonlijke uitstraling, sprak voor het partijkader vaak juristen in diverse bestuursorganen aan die schrikken van het stoere taalgebruik van SP en GL en de welzijnswerkers in de PvdA. Het partijkader van D66 vormt zo een reservaat dat zich afzondert van contact met andere delen in de samenleving terwijl een politieke partij juist bedoeld is om de verschillende geledingen onder een gezamenlijk ideaal te verzamelen. Dit is een deel van het probleem van Nederland met de migratie.

Momenteel geeft Maurice de Hond de partij 18 virtuele zetels. Nederland heeft nu dus het probleem van een partij die de fout maakte zich niet op te heffen, die wederom allerlei protest-stemmen heeft verzameld, zoals men ook bij de Rattenvanger van Hamelen kan zien, en die straks bij de coalitiebesprekingen weer als een stoorzender de chaos gaat vergroten.

Het zal een raadsel zijn waarom mensen nu weer D66 hebben gestemd, uit een of ander protest of juist wegens die ‘kroonjuwelen’ van de ‘bestuurlijke vernieuwing’, maar vanwege de ‘herkenbaarheid’ van D66 zal er weer over die ‘kroonjuwelen’ vergaderd moeten worden. En zo zullen de ‘democraten’ ervoor zorgen dat de democratie in Nederland weer verder wordt afgebouwd. De scène van Gerd Leers op het plein in Maastricht, die bijna dreigde zich kandidaat voor gekozen burgemeester te stellen, doet een werkelijk democraat huiveren (want hier ziet men een demagoog) maar D66 kan het niet snel genoeg gebeuren.

Na de tweede wereldoorlog vormden de Sociaal Democratische Arbeiders Partij (SDAP) en de Vrijzinnig Democratische Bond (VDB) gezamenlijk de Partij van de Arbeid (PvdA). Deze partij zou het gezamenlijke huis moeten zijn ook voor versplinteringen als D66, SP en GL. Regeren gaat van ‘au’ en wanneer de PvdA regeert, kunnen de splinters groeien met de proteststem, zodat de PvdA eerst weer een periode van oppositie nodig heeft om voldoende sterk aan te treden. Hierdoor ontstaat een jojo die uitermate slecht uitwerkt voor de stabiliteit van het land, de groei van de welvaart en de zorg voor de zwaksten.

Ik ben faliekant tegen de PvdA zoals die sinds 1990 ontwikkeld heeft. Maar evenzeer dus tegen D66 en SP en GL. Zie bijvoorbeeld ook dit artikel over de SP. Wanneer de splinters de moed zouden hebben binnen het bedoelde huis de discussie aan te gaan en streng door te redeneren naar de juiste aanpak (zie tenslotte de ideeën van het SLF die zo zijn ontstaan) dan kan het ideaal van na de oorlog mogelijk weer opbloeien. Er zijn ideeën genoeg, er ontbreekt alleen de wil te studeren en de eigen dogma’s ter discussie te laten stellen.

Kustaw Bessems en Dirk Jacob Nieuwboer gaven gisteren in De Pers een herdeling in vijf nieuwe partijen. Libertijnen, Conservatieven, Biefstuksocialisten, Christelijk, Algemeen. Het is aardig om er zo over te denken. Het is inderdaad ongewenst (als het al mogelijk zou zijn) om in Nederland naar een tweepartijensysteem te gaan want dat schept tegenstellingen die er niet zijn.

Een oplossing voor de historisch gegroeide en klaarblijkelijk onuitroeibare versplintering is ervoor te pleiten dat we in ieder geval afspiegelingskabinetten krijgen. Wanneer een partij met bijvoorbeeld minimaal vijf procent van de stemmen buiten een regering wordt gehouden dan moet daar wel een hele goede reden voor zijn. De meeste partijen zijn inmiddels bereid te regeren en zouden op een deelterrein hun bestuurlijk vermogen kunnen tonen. Met zo’n aanpak krijgen splinters als D66, SP en GL het heel wat moeilijker om te bankieren op de proteststem. En de Tweede Kamer herwint zijn positie van controleur van de regering omdat coalitiedwang vervalt.

En zo strompelen we naar 9 juni en daarna weer verder.

Econometrist Thomas Cool is voorzitter van het Sociaal Liberaal Forum.


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home