Frontaal
Naakt
16 mei 2013

Weekers’ probleem begon al met Zalm en Vermeend

Thomas Cool

SAMSUNG

Staatssecretaris Frans Weekers is erin geslaagd de aandacht van de toeslagenfraude af te leiden. Plots ging het debat alleen over Weekers’ uitspraken en positie. Wanneer wist en zei hij wat, en wiens schuld was het wanneer hij verkeerd begrepen werd, en meer van zulke zogenaamd interessante vragen.

Het is hogere politiek, hoe een lek systeem en een fraude van wellicht honderd miljoen euro of meer uit de aandacht is te werken, en te vervangen door een discussie over de poppetjes. Maar de operatie lijkt geslaagd. De staatssecretaris zit er nog en geen politicus of journalist spreekt nog over de fraude zelf. De fraude komt uit de lucht vallen, het is een natuurverschijnsel waar niets aan te doen valt, behalve nu en dan eens een ambtenaar negeren of een rapport van de Rekenkamer in de la leggen.

Boter op het hoofd

VVD-Kamerlid Neppérus stelt dat de Tweede Kamer boter op het hoofd heeft. Ze wijst er op dat het systeem al door de voorgangers van Weekers is ingevoerd in 2005, acht jaar geleden, meldt de NOS, die haar citeert: “Wij zijn er zelf bij geweest als Kamer. Bij de uitkering van toeslagen ging het om: service en snelheid, snelheid en snelheid.”

Neppérus heeft blijkbaar dezelfde houding als Weekers: wanneer je service en snelheid wilt, dan kan het wat kosten, maar dan heb je ook wat. Vanaf het begin negeer je de waarschuwingen want een soepel systeem moet je niet verstoren. Ja, we hebben boter op het hoofd, wie wil er nog een klontje ?

Bonanza voor juristen

Zie het overzicht dat ook door de NOS is opgesteld. Wie bij de belastingdienst een toeslag aanvraagt, krijgt die in principe uitgekeerd, met een nacontrole die twee jaar op zich kan laten wachten. Jaarlijks wordt voor bijna twaalf miljard euro aan toeslagen uitgekeerd. Als blijkt dat je moet terugbetalen, kun je een bezwaarschrift indienen waardoor de kwestie nog langer speelt.

Bij de belastingdienst stapelen de dossiers zich op. Klaarblijkelijk heeft men opgeschoond door bezwaarschriften ongezien te sanctioneren (NRC Handelsblad, 11 mei). Het systeem is zo lek als een mandje en een bonanza voor juristen.

Na 2006 is geleidelijk iets aan fraudebestrijding gedaan. Het kabinet schrijft de Kamer: ‘Van het totale openstaande bedrag van 1,2 miljard euro heeft ongeveer acht procent (ruim 95 miljoen euro) te maken met fraude of oneigenlijk gebruik. (…) Deze vijfennegentig miljoen euro wordt teruggevorderd, maar omdat het ook fraude betreft, zal een deel daarvan uiteindelijk niet geïnd kunnen worden.’.

Vrijgesteld van belasting

Gezien de bedragen die hierin omgaan, valt de fraude schijnbaar nog mee, maar dat lijkt ook alleen maar zo omdat zoveel wordt kwijtgescholden en niet gecontroleerd.

Dat het pas in 2005 begon, is een misvatting van Neppérus, NOS en ook de Algemene Rekenkamer. We moeten verder terug in de tijd, naar 1998 met het Belastingplan voor de 21e eeuw van minister Gerrit Zalm en staatssecretaris Willem Vermeend.

Vroeger bestonden er geen belastingtoeslagen. Er was een belastingvrije voet. Je betaalde belasting, maar daarbij werd gekeken naar draagkracht. Het bestaansminimum was vrijgesteld van belasting. Geen geld geven, maar innen waar het geïnd kon worden. Belasting en belastingvrije voet werden tegelijk vastgesteld. Klaar. Relatief makkelijk te controleren.

Populair worden

Maar Zalm en Vermeend meenden dat het anders moest. Hun aanpak is dat je eerst belasting betaalt en daarna een korting krijgt op wat je moet betalen. De heffingskorting werd daarmee de allereerste belastingtoeslag. Mensen op het bestaansminimum krijgen terug wat ze moeten betalen, en voor hen is er geen verschil. Zalm en Vermeend zagen echter politieke voordelen.

Een eerste voordeel is dat politici geld uitkeren en daardoor populair worden. Ongetwijfeld vonden Zalm en Vermeend het niet erg wanneer ze populair werden. Dat de toeslagen eerst worden uitgekeerd en pas later gecontroleerd kan alleen zo verklaard worden.

Verzorgingsstaat onbetaalbaar

Gerrit Zalm had nog een andere agenda. Als directeur van het Centraal Planbureau presenteerde Zalm in 1992 het scenario van een basisinkomen, of beter gezegd basisuitkering, in de CPB-studie Nederland in Drievoud. Deze basisuitkering ligt op een karig niveau, maar schept wel een zogenaamde neoliberale omgeving waarin mensen vooral voor zichzelf moeten zorgen.

De bijstand en de AOW kunnen er ook door vervangen worden. Door in 1998 alvast het systeem van de toeslagen in te voeren, nam Zalm een voorschot op een ontmanteling van de sociale zekerheid naar een stelsel met een karige basisuitkering. Het is geen toeval dat Halbe Zijlstra nu roept dat de verzorgingsstaat onbetaalbaar is en grondig herzien moet worden.

Het mechanisme is een beetje dat de VVD schijnbaar met de PvdA een compromis sluit, maar vervolgens kiest voor een ondeugdelijke uitvoering, zodat men na een tijdje kan roepen dat het niet werkt en afgeschaft moet worden. Hier heb ik niet de ruimte om dit nader uit te leggen. Wie meer wil weten, verwijs ik naar deze weblink.

Nieuwe hype

Aldaar leg ik uit dat Zalm en Vermeend een onjuiste voorstelling van zaken gaven. Het bewijsmateriaal brengt me zelfs tot de zware constatering dat ze konden weten dat het een leugen was.

In 1998 is het blijkbaar niet gelukt de kwestie in de Tweede Kamer besproken te krijgen. Nu de problemen met de toeslagen eindelijk in de aandacht zijn gekomen, zou je hopen dat de Tweede Kamer het spoor terugvolgt naar de grondoorzaak uit 1998. Maar het debat over de positie van Frans Weekers heeft natuurlijk weer de aandacht afgeleid, en te vrezen valt dat Kamerleden en journalisten hun aandacht vooral zullen richten op een nieuwe hype.

Econometrist Thomas Cool is voorzitter van het Sociaal Liberaal Forum.


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home