Nederlands spreken
Willem de Zwijger

Och, och, wat een ophef en rumoer over Verdonk’s gedachte de Rotterdam Code landelijk te maken. Spreek bijvoorbeeld Nederlands op straat. Hoe kwam ze er bij, hoe onliberaal, dat maken we zelf wel uit, hoe zit het met de Friezen, wie gaat dat controleren, heeft ze niks beters te doen. Tuttut, hoho.
Marijnissen liet zich verleiden tot een partijtje ridiculiseren, Arnout Brouwers van de Volkskrant wil dat iemand nu eindelijk eens stop roept, en natuurlijk is er in de NRC vervolgens de onvermijdelijke Frits Abrahams. De laatste slaagt er nog niet in Verdonk tot anti-semiet te verheffen, maar geduld, dat lukt ook nog wel een keer.
Remco Campert spreekt in de Volkskrant van 23 januari van “gevaarlijke gedachten”, “grenzend aan racisme”, en dat onder het kopje “Taalariër”. Daar gaan we weer, nog even en Anne Frank, Auschwitz en wat dies meer zij wordt in stelling gebracht. Wie herinnert zich overigens niet de goede smaak van Campert op de ochtend van 3 november 2004?
En Ilja Leonard Pfeijffer op 28 januari in NRC:
Natuurlijk mogen mensen van haar zelfs zonder te citeren Frans, Duits of Engels praten op straat. Daar voelen de mensen zich niet unheimlich van. Want wij weten allemaal donders goed wat zij bedoelt. Vieze enge terroristentalen van unheimliche mediterrane types, dat is waar de mensen bang van worden en op die angst speelt zij in. Turken en Marokkanen en andere ongure Arabische sujetten, die heeft zij op het oog. Hun wil zij het verbod opleggen in het openbaar in hun moedertaal te communiceren.
Het tekent de intellectuele luiheid en vooringenomenheid, de gemakzucht en gevoelloosheid van zichzelf als weldenkend beschouwende lieden dat ze uitsluitend met behulp van beledigingen kunnen discussiëren.
Voor de volledigheid, op gezag van de NRC, even norm 2 van de Rotterdam-code:
Wij Rotterdammers gebruiken Nederlands als onze gemeenschappelijke taal.
Het komt te vaak voor “dat de één niet begrijpt wat de ander bedoelt”, wat “leidt tot onbehagen, vervreemding, angst en tenslotte tot verwijdering”. Daarom “spreken we in het openbaar Nederlands – op school, op het werk, op straat en in het buurthuis”. Ook “voeden wij onze kinderen grotendeels in het Nederlands op, zodat zij volop kansen hebben in de samenleving”.
Wat is hier precies mis mee? De Rotterdam-code is een soort mission statement, in goed Nederlands, een poging om in simpele woorden weer te geven hoe alle burgers van die stad eigenlijk zouden moeten samen leven. (Samenleving, wat een mooi Nederlands woord.) Ieder moge dan zijn eigen waarheid hebben, als we ons ten opzichte van elkaar maar begrijpelijk en voorspelbaar gedragen.
Taal is waarschijnlijk het krachtigste middel om insluiting of uitsluiting te bewerkstelligen. Friezen weten dat ze in een gezelschap van Nederlandstaligen Nederlands horen te spreken. Dat was al zo toen het land nog geheel lelieblank was. Immigranten in de V.S. wisten dat voor hen en hun kinderen Engels de toekomst was. ‘One day you’ll wake up and realize you dreamt in English’, was de belofte die ze meekregen.
Verdonk heeft gelijk, ze is tenslotte Minister van Integratie. Wie mee wil doen en er bij wil horen spreekt, denkt en droomt de taal van het land. Wie dat niet doet sluit zich op in de eigen groep, en integreert niet, maar segregeert.
Willem de Zwijger is ‘de stem van politiek incorrect links’. Zijn weblog is een rijke bron van wijsheid en inzicht en zou veel meer bezoekers moeten trekken.





RSS