Frontaal
Naakt
12 januari 2010

Symmetrie

Frans Smeets

dedini6b
Illustratie: Eldon Dedini

Laatst is mijn tante overleden. Wie bij mijn tante op bezoek kwam, keek zijn ogen uit. Een veelheid aan prullaria, meestal zonder enigerlei materiële waarde, en waar aan elk stukje molecuul geschiedenis en een verhaal hing. De opgekochte trekzak uit de oorlog, de eerste sok van haar moeder, de pan waarmee ze haar man sloeg, de gevonden kogel, de vele nietszeggende cadeautjes van haar kinderen en een Armada van foto’s van verloren herinneringen met lelijke mensen. Het rook er oud en muf, maar ergens kroop je in de persoon die er leefde, haar wereld, die slechts nog voortleefde binnen deze vier muren van de vorige eeuw.

De laatste tien jaar heeft ze alle druk van keukeneilanden, klik-laminaat, witte klinische smetvreesmuren en verantwoorde matrassen met de grootste moeite en zelfs onder dreiging van gedwongen verhuizing (geestelijke instabiliteit) naar een aanleunwoning weten te weerstaan. Uiteindelijk is ze gestorven in haar eigen leven. Godzijdank.

Als ik in de woningen van mijn eigen generatiegenoten kom, zie ik ook de tijd waarin geleefd wordt. Maar een ding zie ik zelden: individualiteit. Geen tekenen van hun eigen bestaan of van hun persoonlijke voorkeuren, van geborgenheid of van een eigen wil. Een enkele foto van de kids (dat woord alleen al), pa en ma, soms van oma en opa (mits ze er goed opstaan), markeert de familietraditie. Geen verzameldrift uit schaarste, esthetiek of emotie, maar een keurige decorbouw van hoe het hoort te zijn, aanpasbaar aan iedere nieuwe modegril. Alles wat niet perfect is, wordt er met precisie uitgesneden. De woning is een plaats van geluk en succes, uitgedrukt in de illusie van controle en rust. Het beeld moet kloppen, tot in de slaapkamer toe. Net als bij digitale fotografie, waar ook alleen nog de cheese-lach wordt toegelaten tot de herinneringen.

Loop van Groningen tot Limburg (uitgezonderd Vogelaarwijken en grote stadscentra) een huis binnen, ze zien er bijna allemaal even onsmakelijk, fantasieloos en geforceerd uit. Dezelfde meubels, lampen, vloeren, bedden en alles wat je binnenshuis gebruikt. Van een Ikeakrukje tot, voor de echte proleten, de Natuzzibank. Het knappe vind ik hoe die inrichtingen, ondanks de verscheidenheid aan producten, het toch voor elkaar krijgen om er allemaal identiek uit te zien.

De inrichtingen zijn herkenbaar aan de symmetrie in de vensterbank. Twee identieke dingen, als een soort Nederlandse driekleur van consumptieve correctheid naar de buitenwereld. Voor de lagere klasse de Action-troep, voor de middenklasse de donkergrijze pot met plant en voor het pretentieuze HBO- en universitair niveau de glazen vaas met een enkele artistieke bloem of tak.

Het is een beetje een liberaal taboe, maar ook een consument is bovenal groepsdier die zijn keuzes niet laat afhangen van individualiteit. De consument wil helemaal niet kiezen. De consument wil meedoen. Het consumptiegedrag weerspiegelt de groep waar hij toe wil behoren. Hij wil bedrogen worden. Iemand bepaalt voor hem wat mooi is, wat aan te trekken, hoe te gedragen en bepaalt vooral niet zelf te denken, en dit van hoog tot laag.

Ik had de hoop dat met het einde van de grijze burgermaatschappij een lekker hedonistisch consumptief beest zou zijn los gebroken.

Niets hiervan. Het grijze pak van burgerklootjes is vervangen door de truttige consument die huivert bij de gedachte buiten de gangbare paden te treden en die onderdanig met iedere modegril meehuppelt. Het heeft een consument opgeleverd die de illusie van keuzevrijheid heeft, maar in werkelijkheid precies datgene doet wat van hem verlangt wordt. De illusie van de vrije consument die kan kiezen tussen Hugo Boss en Armani, maar in werkelijkheid publiekelijk genadeloos wordt geëxcommuniceerd als hij kiest voor naaktheid of andere consumptieve gedragingen die niet gangbaar zijn.

De consument, ooit geboren uit schaarste van middelen, heeft zich geëvolueerd tot een benepen burgermannetje die zijn nieuw vergaarde welvaart vooral gebruikt om anderen de maat te nemen en zijn mogelijkheid tot vrije keuze onbewust inperkt. Alles voor het gelijk van zijn eigen illusie.

Frans Smeets heeft de vreemde opvatting dat hedendaagse kunst behalve oeverloos gezwets en geld ook nog schoonheid in zich mag herbergen.