Haar gloeiende oven
Peter Breedveld

Mijne heren niets tast mijn geloof zo aan
Als een vette vagijn
Als ik er een zie, verlies ik mijn verstand
En nemen demonen bezit van mij
Ik wil mij erin onderdompelen
Van mijn voetpezen tot mijn voorhoofd
Ik verdwijn er een maand in ongezien door
enig oog
Hafid Bouazza leest een door hem vertaald gedicht voor van de tiende-eeuwse poëet Ibnal-Hadjdjadj. “Hij wil zich in een kut onderdompelen, een Freudiaan avant-lalettre, zegt de schrijver grinnikend. Ibn al-Hadjdjadj is volgens Bouazza de grootste vuilgeest uit de Arabische literatuur’. Tegelijkertijd was hij censor van de stad Bagdad. Dat ging natuurlijk niet écht goed samen, dat vonden de autoriteiten toen ook, en de dichter is uiteindelijk dan ook ontslagen.
Bouazza heeft het gedicht vertaald en opgenomen in de bundel Schoon in elk oog is wat het bemint, een verzameling liefdesgedichten die het eerste deel vormt van zijn Arabische Bibliotheek’. Dat moet een serie van acht á negen delen worden en het derde, dat binnenkort zal verschijnen, zal uitsluitend erotische poëzie bevatten. In 2002 verscheen al een bundel klassieke Arabische erotica van Bouazza’s hand: Rond voor rond of als een pikhouweel.
Arabische erotische gedichten hebben mijn warme belangstelling, zegt Bouazza. Waarom? Omdat ik geïnteresseerd ben in seks, uiteraard. Toen ik zeventien was, ben ik al begonnen met een woordenlijst met verschillende Arabische benamingen voor vagijn en pik en zo. En uiteindelijk zijn het goede gedichten en de humor bevalt me. Tegenover de hoogste poëzie, over verheven gevoelens, het hart en de smart, heb je de poëzie waarin het hele fysieke, het aardse wordt beschreven. Dat gaat over liefde in de meest fysieke vorm. Het gaat over kussen, neuken, anale seks, kittelaars, lullen; noem maar op. Dat trekt mij heel erg aan. De anarchie ervan bevalt me, de anarchie tegen de goede smaak.
Lees hier de rest.





RSS