Frontaal
Naakt
15 september 2008

Skyline

Frans Smeets

Mata_Hari_13 (92k image)

Ik woon in een piepklein protestants dorpje. Kneuterige, kleine huisjes met als epicentrum, meestal op een hoge terp, de kerk als hoogste gebouw. Dit is niet voor niets zo. Het staat symbool voor een tijd toen het waardepatroon en de daarbij behorende sociale cohesie nog bepaald werden door het Christelijke geloof. Hoe idyllisch en romantisch het dorpje oogt, dit was het vroeger zeker niet. Het was vooral een samenleving gebouwd op ongelijkheid, machtsmisbruik en dwang. Een sociale structuur die elk individu de maat nam en waarin authenticiteit en eigenheid actief vanuit het geloof bestreden werden. Zoals gelovigen dit nu nog steeds proberen te doen. Bij grote overstromingen kon je in mijn dorp slechts nog op de hoogste terp in het hoogste gebouw droge voeten behouden.

De kerk was altijd het hoogste gebouw, want niemand was groter dan God en het diende de almacht van het christelijk geloof uit te dragen. Nu genieten we vaak van de prachtige bouw- en kunstwerken die het christelijk geloof ons heeft achtergelaten. In werkelijkheid waren het instrumenten van onderdrukking. De kerk bepaalde je status, je vijanden, je frustraties, je seksualiteit en drong door tot de diepste vezelen van je privé-leven, tot de slaapkamer aan toe. De kerk die ideologisch sturing gaf aan de samenleving.

En zoals in iedere tijd en samenleving geloofden de meerderheid van de mensen in hun eigen ketenen, bang om buiten de veiligheid van de eigen groep te vallen.

Had de Verlichting al de kiem gelegd, aan het eind 19e eeuw begon het christendom door de opkomende staatsvorming, verstedelijking en industrialisatie in zijn voegen te kraken. Alom bekend is Nietzsche met zijn GOTT IST TOT. Alleen wat nu? Dat zou echter snel blijken.

Parallel aan positivisme rondom techniek en industrialisatie ontstonden er in het religieuze vacuüm allerlei irrationele en fatalistische stromingen die zich vooral uitten in opkomende natievorming, nationalisme en heldenverering. Deze zouden uiteindelijk leiden tot de klassieke staatsreligies van communisme, fascisme en nazisme.

De totalitaire staat die het vacuüm van het wegvallen van het christendom opving door er een religieuze uitingsvorm aan te geven. Zonder blind en absolute geloof hadden de totalitaire ideologieën nooit tot stand kunnen komen.

Vooral het communisme was meesterlijk in zijn religieuze pretenties. Het had zijn god Marx, zijn bijbel Das Kapital, zijn heilige profeten met hun geschriften, de geboorte van Christus (Lenin), de historische gebeurtenissen (Oktoberrevolutie) en jaarlijkse terugkerende processies (herdenkingen) en zelfs zijn eigen stal van Bethlehem, waar Lenin moest vluchten voor de “Antichrist”. Het was ideologisch bijna een directe kopie van het christendom, alleen nog gevaarlijker, omdat ze een ideologie, staat en economie in één waren.

De staatsreligies van fascisme, communisme en nazisme waren net als het christendom onfeilbaar, kenden de absolute waarheid en boden de onderdanen zekerheid en zingeving in een veranderde wereld. Ze herbergden zelfs de utopie van het eeuwige leven in de vorm van een futuristisch einddoel, waarin iedereen alleen nog maar geluk zou kennen. De communisten noemden dit de “dictatuur van het proletariaat” en voor Hitler was dit het Duizendjarige Rijk.

Bovenal waren ze agressief. Hun waarheid was de wereld zijn waarheid en ze zouden niet rusten voordat de gehele wereld een was geworden onder de paraplu van hun utopische heilstaat. In feite waren het de eerste globaliseringbewegingen.

Het was de macht van de groep (staat, ras, klasse) die de twee andere machten van zingeving (religie of ideologie) en overleving (economie en techniek) integreerden en tot een explosieve cocktail maakten. Dit alles uitgedragen door DE partij. Een partij die sturing en zingeving aan de samenleving gaf, waar mensen in wilden geloven en waar – al kunnen we ons dat nu niet meer voorstellen – mensen voor bereid waren te sterven.

Iemands maatschappelijke positie werd dan ook afgemeten aan zijn rol in dè partij en het overheidsapparaat. Hoe hoger in de staatstoren, hoe machtiger je positie. De gelovige werd vervangen door de burger, of in het communisme door de kameraad (genosse) en de priester en dominee werden ambtenaar. Zij die in keurige zeden en normen als voorbeeld konden dienen voor iedereen binnen het staatscollectief.

In alle keurigheid hebben deze vooraanstaande burgers vanuit hun ambtelijke staatskerken met religieuze ijver tijdens de vorige eeuw meer dan 100 miljoen mensen over de kling gejaagd met als dieptepunt de Tweede Wereldoorlog met de industriële vernietiging van de Joden. Zeg maar, een vorm van “zinvol” (door de staat gelegitimeerd) geweld. Dat heb ik onze Arabische Broeders nog niet zien doen.

De hoogste gebouwen werden in die tijd dan ook vooral door de staat gebouwd. De architectonische religieuze pretenties van idioten als Hitler, Stalin en Mussolini zijn alom bekend. De architectuur diende de grootheid van de natie, haar leider en de partij.

We kunnen ons afvragen wat nu de hoogste gebouwen zijn en welk geloof nu sturing in de samenleving geeft. Oftewel, de ketenen die wij dragen en waarin we (behoren te) geloven.

Wie of wat bepaalt nu hoe we ons gedragen? Wie dringt er nu tot in de diepste vezelen van ons privé-bestaan binnen? Wie bepaalt nu wat we aantrekken, onze omgangsvormen, wat we onze kinderen moeten leren, datgene wat seksueel ‘normaal’ behoort te zijn, hoe ons gezicht eruit behoort te zien, hoe we ons huis inrichten en of we dit jaar een rosétje lekker moeten vinden en volgend jaar een witte wijn?
Hoe ziet onze skyline eruit?

Volgende keer meer…

PS: Het Guggenheimmuseum opent binnenkort een filiaal in Dubai. Dit doet zij, omdat ze de schoonheid en vrijheidslievendheid der heilige kunsten zo ontzettend hoog heeft zitten. Het heeft dus absoluut niets te maken met Rijke Arabieren en bootjesdobberaars met teveel geld.

Frans Smeets doet graag aan zelfbevlekking.


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home