Emancipatienota (2)
Hassnae Bouazza

Illustratie: Peter Fendi?
De reacties op mijn stuk over de nieuwe emancipatienota lezend, valt me vooral het dwingende karakter van een aantal ervan op. Laat ik voorop stellen dat ik voor mijn betoog één aspect uit het rapport heb besproken, te weten de groei van vrouwen op de arbeidsmarkt en de groei van het aandeel leidinggevende vrouwen naar 27 procent.
Vervolgens was een belangrijk punt dat vrouwen het recht hebben om zelf hun keuzes te maken zonder dat ze hiervoor veroordeeld worden door derden. Dat laatste blijkt toch een penibel punt, want nogal wat lezers vinden dat de taakverdeling tussen mannen en vrouwen gelijk moet zijn. Dat is natuurlijk een prachtig streven, maar niet één die van bovenaf opgelegd moet worden. Het is me eerlijk gezegd niet duidelijk wat partners in de weg staat als ze ervoor kiezen de taken precies te verdelen zodat een ieder de helft voor zijn of haar rekening neemt. Als u dat wilt, heer of mevrouw De Jong, dan doet u dat toch gewoon? Dat is iets wat u met uw partner bespreekt, daar hoeft de overheid, die zich toch al te veel met ons bemoeit, niet tussen te gaan zitten. Sterker, daar mag de overheid zich niet bemoeien; ik zou graag willen dat er nog genoeg zaken overblijven waar we zelf verantwoordelijk voor zijn en blijven.
Die eigen verantwoordelijkheid betekent ook dat vrouwen in overleg met hun partner ertoe kunnen besluiten dat ze niet meer willen werken, of dat ze slechts in deeltijd willen werken en niet volledig financieel onafhankelijk zijn. Nogal wat mensen zien het huwelijk of partnerschap als een soort zakelijk contract, en niet als de bezegeling van een liefde en het stichten van een liefdevol gezin. Een vrouw die voor haar kinderen zorgt is niet minder waard dan haar man die het inkomen verdient; beiden dragen evenveel bij aan hun welvaart welvaart is meer dan alleen het loonstrookje.
Lisa de Wit schrijft dat ze heel gelukkig was met een deeltijdbaan; gelukkig kon ze daarvoor kiezen. De vrijheid te kiezen, dáár gaat het mijns inziens om. Emancipatie, een ander punt van discussie, betekent gelijkheid tussen man en vrouw. Vrouwen moeten alle mogelijkheden hebben om zich net zo te ontplooien als mannen en net zulke carrières te hebben. Die mogelijkheden zijn er in Nederland. Het aantal werkende vrouwen neemt toe, ook onder allochtonen vrouwen, en dat betekent dus dat vrouwen gebruik maken van de mogelijkheden.
Dit is een natuurlijk proces: zij zullen dit steeds meer doen en ik ben om die reden van mening dat de overheid niets meer hoeft te doen dan faciliteren, ik ben het wat dat betreft eens met de Nederlandse Vrouwen Raad. Ik ben het ook eens met hen dat de overheid kaderstellend en faciliterend op moet treden om daarmee het maatschappelijke proces van gelijkheid te ondersteunen.
Daarna echter blijft de keus aan de vrouwen wat ze met die gelijkheid en mogelijkheden doen. De Raad is niet tevreden met de 57 procent vrouwen die niet geheel economisch zelfstandig zijn, want, zo schrijft zij afhankelijkheid belemmert je keuzevrijheid. Dat klopt op zich wel, maar die vrouwen hebben die keus bewust gemaakt. Als een vrouw ervoor kiest thuis te blijven en zich te laten onderhouden door haar man, dan zie ik dat niet als een belemmering van haar keuzevrijheid, maar eerder als een luxe positie die we ons in dit land gelukkig kunnen permitteren. En dan wordt er nog iets over het hoofd gezien: een werkende man is net zo goed afhankelijk van zijn vrouw: zij verzorgt het huishouden en voedt zijn kinderen op, niet de minst belangrijke zaken in het leven.
Een aantal mensen vond het nodig om de islam er met de haren bij te slepen. Dhr. Van Eeden schrijft dat er met de islam geen emancipatie mogelijk is: niet alleen ben ik het daar grondig mee oneens, het is ook nog eens feitelijk onjuist. De emancipatie van de vrouw in de Arabische wereld verloopt voorspoedig. Dat is een proces dat we aan kunnen moedigen en, indien gewenst, kunnen stimuleren en ondersteunen, net als in andere landen waar dat eventueel nodig is. Dhr. Van Eeden schrijft verder dat zijn wel de dames die het meest slaag krijgen. En natuurlijk nooit door welk glazen plafond dan ooit komen! In de emancipatienota staat: Allochtone vrouwen hebben vrijwel even vaak als autochtone vrouwen ooit te maken gehad met partnergeweld (15 procent). Ook is er geen noemenswaardig verschil in de mate waarin dat feitelijk lichamelijk geweld betrof (87 procent).
Kijk, dat zijn nog eens interessante cijfers. Misschien kunnen we eens onderzoeken in welk heilig schrift de autochtone mannen hun rechtvaardiging vinden om op hun vrouwen in te slaan. Dat islamitische vrouwen nooit door enig glazen plafond zullen breken waag ik te betwijfelen als ik kijk naar het grote aantal topvrouwen in de Arabische wereld.
Susanne Stolte schrijft hoe ze op eigen kracht verschillende topfuncties heeft bekleed en dat in het verleden waren het eerder vrouwen die het moeilijk maakten – dat is sterk aan het veranderen. Vrouwen van de huidige generatie zijn in mijn ervaring collegialer geworden en zakelijker. Dit is een zeer bemoedigend geluid. Ik ben het ook met haar eens dat mensen beoordeeld dienen te worden op basis van persoonlijkheid en niet hun sekse of nationaliteit.
Tot slot: het slachtofferschap, waar de Nederlandse Vrouwen Raad ook al naar refereerde, moet overboord: vrouwen zijn slim, zelfstandig, ze kunnen hun eigen keuzes maken en kunnen, als ze willen, alles maar bereiken, want de mogelijkheden zijn er. Weg dus met dat slachtofferschap en laat daarvoor in de plaats alsjeblieft wat empathie en vooral minder bemoeizucht komen en respect voor de keuzes van de ander, want dat is, zoveel is duidelijk geworden tijdens deze discussie, het allerbelangrijkste: maak je eigen keuzes en maak je niet druk om wat een ander doet. Als vrouwen de keuzes van hun seksegenoten respecteren, komen we al een heel eind. De ene vrouw haalt haar voldoening uit haar gezin, de andere uit haar paar uurtjes werk of uit haar carrière. We zijn allemaal even waardevol. En niemand van ons móet iets. Vrouwen móeten niets, ze mogen alles. Misschien een goede slogan voor de NVR?

Cartoon van Bas van der Schot
Hassnae Bouazza (حسناء بوعزة) schrijft voor Vrij Nederland, De Volkskrant, de website van het Vlaams-Nederlandse huis deBuren en de Arabische site van de Wereldomroep. Dat ze nog tijd heeft om in het geheim voorbereidingen te treffen voor de vestiging van het kalifaat in Nederland, mag een wonder heten. Dit stuk is eerder gepubliceerd op nrc.nl





RSS