Apart gevalletje
Suna Floret

Illustratie: Nikolai Fomin
Het maakt niet hoe zwaar je Rotterdamse accent is, het maakt niet uit dat je in het Zuiderziekenhuis geboren bent, het maakt ook niet uit dat je in Charlois bent opgegroeid en Charlois ook nog eens op de juiste manier uitspreekt. Want als ik de hond aan het uitlaten ben en ik begin een praatje met een Hollandse oma, dan ben ik nog altijd een ‘apart gevalletje’.
“Nou meissie, was gezellig hoor. En trouwens, wat spreek jij goed Nederlands, zeg! Je hebt zelfs een Rotterdams accent!”
Ik kijk haar een paar seconden in stilte aan. “Mevrouw, ik ben gebóren in Rotterdam.”
“Ja, maar toch, ik weet niet…”
“Wat weet u niet? Zegt u het maar gewoon.”
“Er zijn er zoveel die hier zijn geboren en die toch de taal niet goed beheersen.” Ondertussen pakt ze haar kleine hond op omdat die maar blijft blaffen. “Heel goed van jou!” zegt oma nog. “En ik hoop ook dat je studeert! Trouwens, wat lijk jij veel op Yasmine van Aladdin!”
En ze loopt weg met haar kleine witte, nog steeds blaffende (rot)hond tegen haar borst aan.
Op dit soort momenten weet ik vaak niet wat ik moet doen. Moet ik nou lachen of janken? Boos worden of begrip tonen? Ik snap haar wel, maar toch, het blijft irritant. Al voel ik me volledig ‘geïntegreerd’, ik word er toch regelmatig aan herinnerd dat ik een allochtoon, biculturele burger, nieuwkomer of hoe ‘we’ dan ook worden genoemd, ben.
Ik heb nog een voorbeeld. Ik ben de enige Turkse op een verjaardagsfeestje, binnen een paar minuten staan er een paar mensen om me heen en die stellen me, uit het niets, de volgende vragen: “Gewoon uit nieuwsgierigheid hoor, maar draagt jouw moeder wél een hoofddoek? En ik hoor dat je op jezelf woont, dat is toch ook wel apart?”
“Volgens mij is dat is niet echt apart. Ik werd stapelverliefd op een leuke Zuid-Amerikaan, ging trouwen en helaas heeft het niet mogen werken. Dan is het toch wel logisch dat ik gewoon in mijn eigen huis blijf?”
“WAT? Een Zuid-Amerikaan?? Maar maar maar maar…”
Ze komen een stapje dichterbij, ik voel die vragen op me afkomen, ik zie flitsen van een shot tequila voor mijn ogen en weet wat ik moet doen. “Excuseer me.”
Ik begrijp al die vragen, want de boer wil dat onbekende leren kennen. Ik leg het ook vaak genoeg met plezier uit. Maar ik ga niet naar verjaardagen om iemand uit te leggen of mijn moeder een hoofddoek draagt. Er zijn grenzen. Ik ben Suna en dat is meer dan Turks alleen.
Suna Floret (27) is journalist. Ze schrijft wat ze ervaart en fotografeert wat ze ziet. Haar weblog is meer dan de moeite waard.





RSS