Je hebt geen recht om op Wilders te stemmen
Mihai Martoiu Ticu

Illustratie: Norman Lindsay
Sinds PVV de grootste in de peilingen is, hoor ik drie argumenten ter verdediging van de Wildersstemmers: het zijn proteststemmers, ze hebben het recht om naar hun hart te stemmen en Wilders zegt ook goede dingen. Deze argumenten zijn slecht.
Natuurrechten en politieke rechten
Er zijn twee soorten rechten: natuurrechten en politieke rechten. Je hebt natuurrechten voordat je enige afspraak met andere mensen maakt, ook voordat de staat jou rechten gunt. Bijvoorbeeld je hebt het recht op leven, op vrijheid, om niet gemarteld te worden etcetera. Deze rechten zijn verbonden met ons overlevingsinstinct. Ze verzekeren dat we langer leven en dat we onze fundamentele biologische en psychologische behoeftes redelijk kunnen bevredigen. Je hebt deze rechten ongeacht wanneer in de geschiedenis en in welk land je geboren zult worden. De staat heeft zijn bestaansrecht slechts te danken aan het beschermen van deze rechten.
Politieke rechten heb je als gevolg van afspraken met andere mensen. Je debatteert, onderhandelt, je beslist democratisch. Bijvoorbeeld we zouden onderling kunnen afspreken dat iedereen het recht op één ijsje per dag heeft, bij een temperatuur boven 35 graden. Deze rechten zijn ook makkelijker in te ruilen of worden afgeschaft en veel ervan zijn niet evident met het overlevingsinstinct verbonden.
Definitie van een recht
Ik zie een recht het best omschreven als een argumentatieve troefkaart – een premisse in een argument, die zwaarder weegt dan andere premissen. Het is slechts een vrijheid, een claim dat als je voldoende kracht zou hebben, je vrij zou zijn om de wereld te veranderen (of onveranderd te houden), tegen de wil van anderen; en als anderen moreel en voldoende rationeel zijn, jou zouden helpen. Een recht is dus niet afhankelijk van een wetgever, noch van je vermogen om het recht af te dwingen. Want anders is recht slechts macht.
Democratische besluiten zijn slechts legitiem als ze aan twee eisen voldoen: (1) ze schenden geen natuurrechten en (2) ze ontaarden de democratie niet in een dictatuur.
(1) Verzekeren van natuurrechten
Een anonieme schrijver zei dat democratie twee wolven en een lam is, stemmend over de lunch; en echte vrijheid geeft het lam een veto over de stemming. Dus de wil van de meerderheid is niet bij voorbaat legitiem. Het is slechts legitiem zolang de natuurrechten verzekerd zijn. Ook Paul Scholten, één van de grootste Nederlandse rechtsgeleerden en Eerste-Kamerlid, zag dat democratie begrensd is: ‘Wat ik in goede consciëntie niet màg en niet kàn doen, zal ik ook niet doen ter wille der wet.’
Bijvoorbeeld als (bijna) alle niet-Joodse Nederlanders in een referendum zouden beslissen om de Joden te vergassen, zou het besluit illegitiem zijn. De Joden (en hun verdedigers) zouden niet verplicht zijn om zich aan dit besluit te onderwerpen. Zij zijn volstrekt vrij te vluchten of zich met geweld te verdedigen. En hun strijd is legitiem.
De meeste (als niet alle) natuurrechten staan al in de grondwet en in mensenrechtenverdragen. Gelukkig. Denk bijvoorbeeld aan het recht op leven, vrijheid van slavernij, het recht op een eerlijke rechtszaak.
Eerlijke rechtszaak
Neem bijvoorbeeld het recht op een eerlijke rechtszaak. Het is een natuurrecht want je zou het willen ongeacht onder welk regime je geboren zou zijn. Stel je voor dat je blauwe ogen zou hebben en de meerderheid in een referendum beslist dat iedereen een eerlijke rechtszaak krijgt, behalve mensen met blauwe ogen. Je zou jezelf niet mogen verdedigen, je zou zelfs voor de rest van je leven vast mogen zitten, zonder tussenkomst van een rechter. Het OM zou het bewijs mogen vervalsen, de getuigen zouden mogen liegen, de rechters zouden slechts voor jou nieuwe wetten uit hun duim mogen zuigen tijdens de rechtszaak. Sterker nog, de rechters zouden slechts mensen met blauwe ogen de doodstraf kunnen geven.
Je zou dom zijn te denken dat de meerderheid altijd gelijk heeft en jij een plicht hebt om zulke wetten te eren; net zo dom als Socrates die zich door valsspelers liet vergiftigen. Slimmer is te denken dat je vrij bent te vluchten of ten strijde te trekken.
Dus democratie kent haar grenzen: ze mag niet aan natuurrechten komen.
Nu stel je voor dat Partij X de witte strepen op de fietspaden één millimeter breder wil maken en dat ik verliefd op brede fietspadstrepen ben. Maar X wil ook de mensen met blauwe ogen vergassen; deporteren; hun stemrecht en het recht op een eerlijke rechtszaak ontnemen; hen andere natuurrechten ontzeggen. Heb ik het recht om op een dergelijke partij te stemmen, als proteststem, of als de partij ook goede dingen zegt? Het is misschien legaal, maar vanuit het oogpunt van natuurrecht, moreel en rationeel bekeken, zeg ik ‘nee’.
(2) Democratie kent geen zelfmoordrecht
In een democratie mag je alle denkbare wetten aandragen, zou je denken. Maar niks is minder waar. Stel dat Pietje Puk wetten wilt die de machtsbalans definitief in zijn voordeel ontwrichten. Vanaf nu wil hij altijd het laatste woord. Of dat hij regels maakt zodat hij altijd de verkiezingen wint. Ook als Pietje een meerderheid overtuigt, blijft de minderheid vrij en heeft geen plicht om zich aan deze wetten te onderwerpen. In Roemenië, onder Ceausescu, had de kleine groep rebellen het recht op revolutie, zelfs al mocht de meerderheid de tiran in het zadel zien zitten.
Dus de wil van de meerderheid blijft slechts legitiem zolang hij de macht onder de burgers voortdurend herverdeelt en niemand krijgt veel te grote, of onverdiende macht, voor een onbeperkte tijd. In een democratie heeft niemand voor altijd het laatste woord.
Daarom mag je niet op Wilders stemmen
Laten we een paar van Wilders’ uitspraken bekijken, die deze twee kenmerken hebben: ze schenden natuurrechten en pielen aan de machtsbalans.
Na zijn bezoek op Guantánamo oordeelde hij: ‘Schone cellen, behoorlijk eten, correcte behandeling.’ En hij wilde een Nederlandse Guantánamo bouwen.
Je mist op Guantánamo al je rechten. Je kan daar voor de rest van je leven belanden, zonder verwijsbrief van een rechter. Noch mag je de staat voor de rechter slepen en een eerlijke rechtszaak eisen. Op Guantánamo word je gemarteld en soms sterf je zonder dat je familie recht op onderzoek heeft. Zonder dat je familie het recht heeft om de staat aan te klagen.
Wilders wil ‘radicalen’ hun grondrechten ontnemen. Hij wil de rechters vervangen omdat ze op D66 stemmen. Hij pleit voor administratieve detentie, zonder tussenkomst van een rechter. Hij wil Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens beperken. Deze dingen suggereren dat hij streeft naar een almachtige staat, waar de regering burgers grondrechten kan ontnemen en zelf beslist wie de ‘radicalen’ zijn. Als premier Wilders zegt dat ik linksradicaal ben, dan heeft hij het laatste woord en ik verlies mijn grondrechten, dus mag ik mijn dagen definitief op Guantánamo slijten.
Wilders verkoopt zichzelf als verlosser van de islam en de linkse kerk. Maar hij verstoort de machtsbalans definitief in zijn eigen voordeel, als je naar de gevolgen van zijn voorstellen kijkt.
Apartheid
Hij wil dat moslims minder rechten hebben. Hij verzette zich tegen Aboutaleb als burgemeester en Khadija Arib als Kamervoorzitter. Hij zegt dat in “de moslimgemeenschap (…) ontbreekt het fundament van vertrouwen dat noodzakelijk is om grondwettelijke rechten en vrijheden in dezelfde mate toe te kennen als aan andere groepen in Nederland…”
Hiermee schendt Wilders een natuurrecht, want hij discrimineert, hij zegt dat een mens minder fundamentele rechten heeft dan een ander mens. Dat is precies hetzelfde als zeggen dat vrouwen, homo’s of mensen met blauwe ogen niet zouden mogen stemmen, of zich niet verkiesbaar zouden mogen stellen.
Uitzettingen
Wilders schendt een natuurrecht als hij alle buitenlanders, ook derde generatie, wil ‘aanmoedigen’ te vertrekken. Dat is precies zoals Mohammed Bouyeri – met Saoedisch geld – een partij zou oprichten en Joden of andere Nederlanders uit Nederland zou aanmoedigen te vertrekken.
Mijn stelling is dat gelijke burgers de grens van natuurrechten en van de democratie schenden als zij denken elkaar te mogen aanmoedigen om op te rotten. Stel dat ik mijn (voor honderd procent Nederlandse) buurvrouwen – die voortdurend geluidsoverlast veroorzaken – zou vertellen: “Ik vind jullie ongewenst. Waarom migreren jullie niet naar een ander land?” Aanmoedigende mensen kunnen tamelijk opdringerig en benauwend worden, vooral meerderheden.
Wilders schendt drie natuurrechten als hij denkt om hier geboren Nederlanders (Marokkaanse criminelen) het land uit te kunnen zetten, inclusief hun familie. Ten eerste is het een natuurrecht om niet gestraft te worden voor de daden van een ander. We bestraffen de familie van Jasper S. of Joran van der Sloot ook niet. Ten tweede verstoort Wilders ook de machtsbalans definitief in zijn voordeel. Want als je een Lucia de Berk bent en je wordt gedeporteerd, kun je je onschuld vrijwel nooit meer bewijzen. Ten derde, geen staat heeft het recht om onherroepelijke straffen te geven.
Veto-burger
Sterker nog, het is ondenkbaar dat we op het idee zouden komen om Lucia of haar ouders te deporteren. En omdat het voor Wilders ondenkbaar is om zoiets met een andere Nederlander te doen, maar wel met een allochtoon, suggereert dit dat Wilders zichzelf als een veto-burger ziet.
De veto-burger heeft tenminste één extra recht, het recht om andere burgers hun onvervreemdbare rechten te ontnemen, of voor zichzelf extra rechten in leven te roepen. De veto-burger heeft het laatste woord.
Wat nu?
Ik bepleit geen verbod op PVV, noch wil ik jouw recht om op PVV te stemmen wettelijk ontnemen. Want dat zou Nederland in een dictatuur veranderen. Ik zeg slechts dat je, stemmend op Wilders, het niet vol kan houden dat je moreel en rationeel bent. Het is legaal maar antidemocratisch en natuurrechtelijk illegitiem. Je speelt vals.
Mihai Martoiu Ticu is filosoof en internationaal rechtsdeskundige. Hij heeft een website en een Twitteraccount.





RSS