Zwart
Jan van Brabant

Illustratie: Jacob Collins
Voor het eerst sinds de stichting van de Verenigde Staten woont er een zwarte man in het Witte Huis. Het sleutelwoord van zijn verkiezingscampagne was change‘, verandering. Obama beloofde het roer om te gooien en een andere koers te varen dan zijn voorganger George W. Bush. Die belofte sloeg aan. Niet alleen bij de Amerikaanse kiezers, maar ook in de rest van de wereld. Als we de opiniepeilingen mochten geloven, zag het overgrote deel van de mensheid het liefst Obama als nieuwe president.
Een zwarte Amerikaanse president is natuurlijk al een hele verandering op zich. Toch heeft Obama zich tijdens zijn campagne nadrukkelijk niet geprofileerd als een zwarte kandidaat, maar als de belichaming van het moderne Amerika, namelijk als iemand wiens stamboom bestaat uit blanke en zwarte voorouders. Hij prees zichzelf met succes aan als een potentiële president voor alle Amerikanen, blank en zwart. Als hij het had over change‘, dan doelde hij doorgaans op ingrijpende politieke en economische hervormingen, en niet op het feit dat hij de eerste president zou zijn met Afrikaanse wortels.
Voor veel van zijn aanhangers binnen en buiten de VS is zijn etnische achtergrond blijkbaar wél van groot belang. Ten minste een aantal van hen lijkt te denken dat een zwarte president automatisch eerlijker, rechtvaardiger, vredelievender en barmhartiger zal zijn dan een blanke. Het is goed dat Obama de verkiezingen heeft gewonnen, want nu kan híj de fouten van zijn blanke voorganger(s) rechtzetten. Want wat hebben die blanken er een puinhoop van gemaakt: oorlogen in Irak en Afghanistan, de kredietcrisis en een haperende economie zijn de erfenis waarmee Obama nu geconfronteerd wordt.
Aan weerszijden van de Atlantische Oceaan is in kranten en op weblogs inmiddels de vraag gerezen waar de Europese Obama blijft. Waar is de Britse premier van Pakistaanse afkomst? Wanneer wordt er een Franse president met Algerijnse wortels gekozen? Hoe lang duurt het nog voordat een Turk bondskanselier van Duitsland wordt?
Amerikanen stellen die vraag met een belerende ondertoon, Europeanen met een knagend gevoel van nalatigheid. Lange tijd werden de Verenigde Staten door veel zelfverklaard progressieve Europeanen beschouwd als een conservatief bolwerk vol openlijk en verdoken blank racisme, waar zij vanuit een positie van morele superioriteit op konden neerkijken. Nu Obama president is, zijn de rollen omgedraaid. De Franse politiek analist Dominique Moïsi verwoordde die vaststelling door te zeggen dat Amerika de toorts van de morele revolutie heeft overgenomen.
In de aan hysterie grenzende euforie van de Obamania lijken slechts weinigen zich af te vragen waarom een zwarte president eigenlijk beter zou zijn dan een blanke. Op de keper beschouwd valt het immers best mee met het vermeende wanbeleid van de drieënveertig blanke presidenten die Obama voorgingen. Onder hun heerschappij zijn de VS een vrij en welvarend land geworden. Nog altijd is het een bestemming voor miljoenen mensen die hun eigen land om politieke of economische redenen ontvluchten. Weliswaar vormen Abu Ghraib en Guantánamo een smet op het Amerikaanse blazoen, maar de Verenigde Staten zijn onder een blanke president wel ten strijde getrokken om vrijheid en democratie te verspreiden. Weliswaar is de kredietcrisis het gevolg van doorgeslagen deregulering door overwegend blanke beleidsmakers, maar desondanks blijven de VS in de nabije toekomst een van de belangrijkste economische spelers op het wereldtoneel.
Om het waanidee van een geruïneerd en failliet Amerika in perspectief te plaatsen, moeten we het land vergelijken met andere delen van de wereld. Presteren landen met zwarte en andere niet-blanke bestuurders beter dan de VS en overige landen waar de macht sinds mensenheugenis in blanke handen is geweest? Het antwoord daarop is te vinden in de Human Development Index, die jaarlijks door de Verenigde Naties wordt opgesteld. In die index worden per land zaken als levensverwachting, het bruto nationaal produkt per hoofd en de alfabetiseringsgraad opgenomen.
In 2008 werd de top tien van de index gevormd door negen blanke’ landen plus Japan. IJsland stond op de eerste en Nederland op de zesde plaats. De Verenigde Staten behaalden de vijftiende plaats en vielen dus buiten de top tien. Dat resultaat is echter zo slecht nog niet, aangezien er niet minder dan 179 landen in de index zijn opgenomen. De tien slechtst scorende landen liggen zonder uitzondering in zwart Afrika. In staten als Sierra Leone, Liberia en Niger, die al geruime tijd worden bestuurd door zwarten, is de behoefte aan change’ oneindig veel groter dan in de VS.
Waarom is een zwarte president dan te verkiezen boven een blanke? Obama’s vader komt uit Kenia. Dat is niet bepaald een baken van vrede en tolerantie, hetgeen op tragische wijze duidelijk werd tijdens de golf van geweld die het land begin 2008 overspoelde. Is een man met Keniaanse voorouders beter geschikt om het machtigste land op aarde te regeren dan een man met blanke voorouders?
Ik wil niet beweren dat Obama per definitie een slechte president is, omdat zijn collega’s in Afrika dat doorgaans wel zijn. De gedachte dat Obama zich zal ontpoppen tot de Amerikaanse Idi Amin of Robert Mugabe is ronduit absurd, maar het idee dat Obama alle problemen in een oogwenk kan oplossen omdát hij zwart is, is zo mogelijk nog absurder. Toch lijkt een deel van zijn aanhang juist dat te geloven. Blijkbaar zien zij hem als een nobele wilde die niet is gecorrumpeerd door de perfide politieke spelletjes in Washington DC en die korte metten zal maken met het machtsmisbruik, de vriendjespolitiek en de andere uitwassen van die vermaledijde blanken.
Op termijn zal echter blijken dat Obama behoort tot een ras dat door iedereen met een gezond wantrouwen moet worden benaderd, namelijk dat der politici. Hij zal beslissingen moeten nemen waarbij sommigen winnen en anderen verliezen. Hij zal mogelijk snel moeten handelen in tijden van crisis en het is niet onvoorstelbaar dat hij daarbij fouten zal maken. Wellicht is Obama een betere president dan George W. Bush. De tijd zal het leren. Hij is een intelligente man die in zijn loopbaan erg capabel is gebleken. Zelf schrijft hij zijn kwaliteiten niet toe aan zijn stamboom of zijn huidskleur. Het zou zijn aanhangers sieren als zij hetzelfde deden.
In het licht van het bovenstaande moeten wij ons als Europeanen afvragen waarom wij een Europese Obama zouden willen. Zou het Verenigd Koninkrijk welvarender zijn onder een Pakistaanse premier? Zou Frankrijk geen geweld meer kennen in de banlieues als er een Algerijn in het Élysée verbleef? Zou de vrijheid in Duitsland gebaat zijn bij een Turkse bondskanselier? Kan Europa überhaupt veel leren van Pakistanen, Algerijnen en Turken op het gebied van vrede, veiligheid, welvaart, technologische vooruitgang en politieke vrijheid? De vraag stellen is hem beantwoorden.
Charles Groenhuijsen schreef na de verkiezing van Obama dat hij een zwarte president beschouwt als ‘een teken van beschaving en vooruitgang’. De meeste westerse landen hebben een grondwet die discriminatie op basis van onder meer godsdienst, geslacht en ras verbiedt. Wie twijfelde aan de praktische waarde van deze wet in de VS, kan inmiddels opgelucht ademhalen. De zwarte man in het Witte Huis vormt het levende bewijs dat iemand niet per se blank hoeft te zijn om het hoogste ambt in de Verenigde Staten te bekleden. In die zin is de verkiezing van Obama inderdaad een teken van beschaving en vooruitgang.
Wie het eens is met de voormalige Amerika-correspondent van de NOS hoeft zich geen zorgen te maken over een eventueel gebrek aan beschaving en vooruitgang in Europa. De belerende toon van Amerikanen en het schuldgevoel van Europeanen over het gebrek aan een Europese Obama zijn beide onterecht. In vergelijking met grote delen van de wereld scoort Europa immers goed wat betreft de participatie van etnische en religieuze minderheden. Ahmed Aboutaleb behoort tot een veelbesproken en scherp bekritiseerde minderheid, maar is niettemin burgemeester van de belangrijkste Europese havenstad. Het valt nog maar te bezien wanneer er een Tibetaan burgemeester wordt van Shanghai, een inwoner van Darfoer president wordt van Soedan of een immigrant uit Bangladesh wordt benoemd tot officier van justitie in Dubai. Ook zonder onze eigen Obama doen wij het dus zo slecht nog niet.
Hertog Jan van Brabant (1254) is een levensgenieter en minnaar van muziek, zang en dichtkunst, aan wie een aantal mooie minneliederen als Eens meien morgen vroe toegeschreven worden. Hij staat bekend als een populaire, gulle en goedlachse vorst die graag in het gezelschap van eenvoudige lieden geniet van spijs en drank.





RSS