Frontaal
Naakt
27 juli 2009

Nudistenkamp

Peter Breedveld


Illustratie: Annie Cassez

Toen ik klein was, mocht ik tegen niemand zeggen dat we op naturistenvakanties en naar het naaktstrand gingen. Mijn ouders wilden niet dat opa’s en oma’s en ooms en tantes het wisten. Ik dacht dus dat het niet in orde was, wat we deden. Dat werd ook regelmatig bevestigd door kennissen en vrienden van mijn ouders die, terug van vakantie, met smaak vertelden over het naaktstrand, waar ze ‘toevallig’ op terechtgekomen waren tijdens een lange wandeling.

Dat was lachen, joh, die hangtieten en die flubberbillen en er stond iemand op een surfplank en je zag alleen haar poes door het venstertje van het surfzeil! In de banketbakkerij van mijn vader stond eens een vertegenwoordiger van een grondstoffenleverancier zonder enige gêne te vertellen dat hij met zijn kinderen in een bootje naar een naturistenterrein was geroeid om zich, verscholen tussen het riet, te vermaken met die blote idioten die zomaar hun “poesjes en piemeltjes” lieten zien.

Op school vertelden mijn klasgenoten verhitte verhalen over hun zus, die ze naakt op de gang waren tegengekomen of hun moeder, die ze glurend door het sleutelgat van de ouderlijke slaapkamer hadden bespied. “Ze ging zo met haar handdoek tussen haar benen heen en weer!” Die ging ik het ook echt niet vertellen. Toen ik op het naaktstrand eens een meisje van mijn school met haar moeder tegenkwam, schrok ik me de kolere. Maar ja, ze was zelf ook naakt, en haar moeder ook. Vanaf dat moment wisten dat meisje en ik het van elkaar, en hoe we er naakt uitzagen. We waren speciaal.

Toen mijn tantes achter ons geheim kwamen (één van hen zag dat ik egaal gebruind was) deden ze er trouwens helemaal niet raar over. Eén van hen ging de volgende keer zelfs mee. Ze vonden het wel raar dat er zo geheimzinnig over was gedaan. Daar hadden ze natuurlijk gelijk in.

Je had toen op televisie veel van die lach-of-ik-schiet-komieken, zoals Benny Hill en de Mounties, die grossierden in Olala!-grappen over ‘nudistenkampen’ en er waren ook van die oubollige ansichtkaarten met getekende nudistenkampgrappen. ‘Nudistenkamp’ is het woord dat oubollige grappenmakers altijd gebruiken, alsof het gaat om een sektarische seksclub of iets dergelijks. Je krijgt buitenstaanders niet aan het verstand gebracht dat naakt geen synoniem is voor seks. Niet zo raar, want ze trekken zelf alleen hun kleren in het bijzijn van iemand anders uit als ze weer eens mogen van moeder de vrouw. Baden of douchen gaat met de deur op slot.

Laatst kwam ik het woord ‘nudistenkamp’ weer tegen, in een stukje van Vuns Ouray, die meende dat ik hard ‘vacantie’ nodig heb (na een paar jaar in the States gaat Vuns’ Nederlands steeds meer veramerikaniseren) en moet gaan uitwaaien in een ‘nudistenkamp’ in Marokko. Typisch voor Vuns en zijn makkers, die kleinburgerlijke benepenheid. Er wordt in het nazitubbiekamp met grote regelmaat verwezen naar mijn genegenheid voor het naturisme, altijd op die giebelige, schimpscheutige Benny Hill-manier.

Probeer je zo zorgvuldig mogelijk je standpunt duidelijk te maken ten aanzien van Wilders’ opvattingen over vrijheid, of over de multiculturele samenleving, komen zij weer met hun nudistenkamp. En dat die Breedveld wel een pedo zal zijn. Wie gaat er nou naar een nudistenkamp? Alleen als je niet in de haak bent, doe je dat.

Altijd hebben ze het over vrijheid, de Wildersfans. Maar wie het iets anders doet dan zij, is natuurlijk niet in de haak. Het is namelijk niet de bedoeling dat je echt van die vrijheid gebruik gaat maken, bijvoorbeeld door de koran te lezen in een nudistenkamp.

Volgens Peter Breedveld staat de koran het vrouwen toe in het openbaar naakt te zijn: ‘En zeg tot de gelovige vrouwen dat zij hun ogen neerslaan en hun schaamstreek kuis bewaren en dat zij hun sieraad niet openlijk tonen, behalve wat gewoon al zichtbaar is.’


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home