Frontaal
Naakt
15 september 2015

Wie is Hitchcock?

Tom Breedveld

jo5
Jo Shishido

De zaterdag voordat de eerste collegeweek van ons derde jaar begon zaten ik en een vriendin, zoals we dat elke zaterdag doen, films te kijken. Deze week stond Hitchcock op het programma, maar van Cary Grant en Ingrid Bergman kregen we niet veel mee. De studies, die ons staan te wachten, waren onderwerp van gesprek.

De vriendin in kwestie was opgelucht toen bleek dat ik tegen een maand of zes extra vakantie geen bezwaar zou hebben. “Goh”, zei ze, “ik dacht dat ik de enige was die er totaal geen zin in had.”

Toen de colleges echter begonnen waren, en ik weer een andere vriendin tegenkwam die, net als de rest van de vriendengroep, stelde dat het nieuwe collegejaar aanvoelde alsof iemand haar uit haar holletje had gesleept terwijl de winterslaap nog lang niet voorbij was, was ik iets verbaasder. Deze vriendin stond er namelijk om bekend dat ze vakanties nooit heel prettig vond, omdat ze dan niet wist wat ze met zichzelf aanmoest, en liever een taak had waar ze aan kon werken, die op dit punt in haar leven de vorm had aangenomen van een studie. Het harde werken en de hoge cijfers bleven ook zeker niet uit, maar de motivatie was gewoon weg.

Goede toekomstperspectieven

Als je het mij vraagt, is het zeker niet dat de studie teleurstelt, of dat de teksten, die we moeten lezen, en het beeldmateriaal, dat we moeten bestuderen, zo saai is. Sterker nog, ik kan in geuren en kleuren vertellen over wat ik allemaal geleerd heb in de collegezaal vandaag, en dat kunnen de meeste studiegenoten denk ik wel beamen.

Ik studeer in Leiden Film- en Literatuurwetenschap, en dat is iets dat je kiest als je hart staat naar film- en literatuur. Het zal je niet te doen zijn om de carrièremogelijkheden die voor het grijpen liggen, of omdat je loonstrookje je daar over tien jaar met een paar extra nullen voor zal bedanken. Tuurlijk, je wordt geen zwerver, maar je wordt ook geen hersenchirurg, of één van die andere beroepen die mensen altijd opnoemen als ze het hebben over goede toekomstperspectieven.

Nu is dat hameren op een belangrijke baan in een ziekenhuis of groot bedrijf (lees: veel geld en ontzag) niks nieuws. Zolang als er ouders zijn, zullen ze, niet zo stiekem, wensen dat hun kinderen alles doen waar ze in hun ogen zelf te dom of te lui voor waren.

Economie is God

Je hoort het tegenwoordig echter weer wat harder, en uit alle hoeken van de maatschappij. De Economie is ingestort, en De Economie heeft vers bloed nodig om weer volgepompt te worden, zodat iedereen weer vrolijk kan zijn en niet meer in armoede en kommer en kwel hoeft te leven.

De Economie is een god, en studenten zijn de offers die aan deze Azteekse god worden gebracht. Doet even pijn, maar dan is die kies weer gevuld.

Toen ik besloot Film- en Literatuurwetenschap te studeren, deed ik dat omdat ik er helemaal klaar mee was en alleen nog wilde doen wat ik leuk vind. Fuck de rest, dacht ik, ik ben hier voor me eigen, en daar gaan we ook naar leven. Als anderen daar baat bij hebben is dat altijd mooi meegenomen, en anders heb ik toch nooit gevraagd of ik ook bij deze maatschappij mocht horen. Ik ben niemand wat verschuldigd.

Egoïstische keuze

Dat subversieve, en wellicht ietwat melancholische, bespeur ik ook bij mijn mede-studiegenoten. Sommigen vinden het net zo vervelend om elke keer maar weer dezelfde vragen te moeten beantwoorden (Maar wat kun je later met zo’n studie dan?), die het gevoel geven dat de keuze die jij maakte een egoïstische keuze was. “Maar hoe betaal je later mee aan de vergrijzing dan?” Hoor je ze denken. “Ik heb recht op dat pensioen!”

Dat iedereen hard werkt en zijn uiterste best doet, en anders net zo hard uit de studie wordt geknikkerd, dat iedereen op zoek is naar stages en buitenschoolse activiteiten en zijn eigen weg probeert te vinden, dat iedereen dit echt wil en hier echt een toekomst in zoekt, dat telt even niet mee, want dat levert geen direct resultaat op.

Er heerst een luiheidsepidemie onder mijn studiegenoten, een compleet gebrek aan motivatie. Niemand die je vertelt dat je met hard werken een hele leuke toekomst tegemoet gaat, of die samen met jou bespreekt wat jij jezelf later graag wilt zien doen. De twijfel slaat toe, de reden is zoek.

Einde kwijt

Een bèta-vriend van me, die iets heel theoretisch en wiskundigs studeert, maakt veertig uren per week, en dan moet je het thuis studeren nog meetellen. Hij kan volgens mij niet gelukkiger zijn. We doen allebei wat we het leukste vinden, wat we het beste kunnen, wat we in onze toekomst willen blijven doen omdat al het andere minder leuk is.

Maar hij is veel doelgerichter, en ik ben het einde een beetje kwijt. Soms voelt hij zich superieur, maar het is moeilijk om daar boos over te zijn, want soms heb ik ook het gevoel dat hij superieur is. Hij kan immers uitleggen wat Einstein allemaal zegt, en ik weet alleen maar hoe en waarom Hitchcock deed wat hij deed. Op dat eerste reageert iedereen met “o!” en “ah!” en “de huizenmarkt is gered!”, en op dat laatste reageert men met “Wie is Hitchcock?”

Tom Breedveld (1994) is filmwetenschapper by day, crime-fighter by night. Hij is ook een smart-aleck.

Tom Breedveld