Lachen is Halal
Peter Breedveld

Vier dagen na de afslachting van Theo van Gogh riep rechtsfilosoof Afshin Ellian op om grappen te maken over de islam:
Als op televisie en in honderden theaterzalen over de islam grapjes worden gemaakt, en ook als de academici de islam kritisch gaan benaderen, dan leert dat de moslims tolerantie. Kom op vrienden, betreed de bordelen en de gruwelkamers van Mohammed A. en Allah, daar vindt u enorme inspiratie.
Cartoonist Gregorius Nekschot was hem in die gruwelkamers reeds voorgegaan. Op zijn site gregoriusnekschot.nl en later ook op Van Goghs website De Gezonde Roker bedreef hij al een paar jaar satire met de islam en moslims. Alle idioterie van de fundamentalistische islam, van besnijdenis tot hoofddoek, van de dubbele moraal tot de alles verzengende seksobsessie van de fundi’s, Nekschot neemt het allemaal op de hak, en haalt er zo de angel uit.
Nekschot gaat daarbij overigens niet altijd voor de schaterlach. Ik herinner me een cartoon waarvan ik een acute depressie kreeg. In een idyllisch Hollands landschapje met molen zien we een bijzonder onappetijtelijke Nederlandse boerin die een moslimextremist uit haar vagina perst, een afzichtelijke bebaarde kobold met mes en pistool in de aanslag. De cartoon is een regelrechte nachtmerrie omdat Nekschot er de spijker mee op z’n kop slaat. Wij hebben ze inderdaad zelf gebaard, die militante, verongelijkte slagertjes van Allah.
Als je mensen maar vaak genoeg voorhoudt dat ze oneerlijk worden bejegend, dat ze worden gediscrimineerd, dat het heel begrijpelijk is dat ze zich tegen de samenleving keren, gaan ze het vanzelf geloven. Als je als burgemeester weigert veiligheidsmaatregelen te nemen omdat je daarmee de boel polariseert’ en groepen radicaliseert’, hoef je natuurlijk maar een beveiligingshek neer te zetten om de boel uit de hand te laten lopen. Het is een self-fulfilling prophecy. Vooral hard roepen dat het logisch is dat jongeren radicaliseren, dan hebben ze de legitimatie die ze nodig hebben.
De vertegenwoordigers van Weldenkend Nederland vinden dat je overal kritiek op mag hebben, maar niet op de islam. De islam is anders, een speciaal geval. Minister van Economische Zaken Laurens-Jan Brinkhorst, bijvoorbeeld, vindt dat de film Submission van Ayaan Hirsi Ali en Theo van Gogh te vergelijken is met het opsteken van een sigaret in een munitiedepot. Columnist Anil Ramdas schreef in NRC Handelsblad:
Het is domweg niet praktisch mensen te beledigen en te kwetsen. Zelfs de herboren moslim wil simpele dingen als een baan en een huis. Maar als je hem sart en plaagt, vat hij het letterlijk op, met gevolgen die niet zijn te overzien.
Ook J.A.A. van Doorn, die wekelijks in Trouw en HP/De Tijd een podium heeft voor zijn verstandige observaties, vindt dat moslims moeten worden ontzien. Naar aanleiding van afslachting van Van Gogh schreef hij dat woorden vaak dodelijker zijn dan kogels (wel raar dan, dat Van Gogh hartstikke dood is en Mohammed Bouyeri nog leeft). Van Doorn schampert over Afshin Ellians oproep om grappen over de islam te maken: liefst op staatskosten goed beveiligd’. Van Doorn vindt dat je alleen gebruik van het recht op vrije meningsuiting zou moeten mogen maken als het de belastingbetaler geen geld kost. Als het ons geld kost, is het vrije woord ons bij nader inzien toch niet zoveel waard.
Brinkhorst, Ramdas en Van Doorn zien moslims als zeer explosieve gekken die aan het moorden slaan zodra je hun religie beledigt. Het is een behoorlijk islamofobe opvatting, maar stel dat ze gelijk hebben. Moeten we daar dan voor buigen? Ik denk van niet. Dat zou namelijk discriminatie zijn en ik ben heel erg tegen discriminatie en toevallig weet ik van Gregorius dat hij discriminatie ook heel erg niet oké vindt. Dus zijn moslims en de islam nogal eens het lijdend onderwerp van zijn satire, zoals met alles en iedereen in Nederland satire wordt bedreven. Dat is een goede traditie, die terugvoert tot Van den Vos Reynaerde en die we moeten koesteren, vooral nu, nu de islam wordt gegijzeld door een groep sadistische mongolen die een hotline met Allah menen te hebben.
Sinds Nekschot op het Internet publiceert (geen dagblad of tijdschrift dat zijn vingers aan hem wil branden) heeft hij beroemde vijanden gemaakt. Abdul Jabbar van de Ven, de huisimam van de Hofstadgroep, heeft een aanklacht ingediend bij het Meldpunt Discriminatie Internet. Van de Ven, die Geert Wilders op televisie kanker toewenste, vindt Nekschots cartoons kwetsend.
De geestelijke geniet de steun van Jean-Marc van Tol, tekenaar van het hyper-politiekcorrecte pluimvee Fokke & Sukke. Van Tol, die op zijn website poepoe.nl een hele leuke karikatuur maakte van Geert Wilders die de Hitlergroet brengt, vindt de aanklacht terecht’. Van Tol vond zelf nog de tijd voor een kruistochtje tegen Gregorius, maar heeft dat voortijdig moeten afblazen. Het leverde hem wat negatieve publiciteit op en dat is slecht voor z’n product placement of hoe noem je dat.
Nekschot heeft de toorn van meer collega’s over zich afgeroepen. In Nederland bestaat de goede gewoonte om iedere andersdenkende af te schilderen als een nazi. Marcel Ruijters en Albo Helm, allebei geridderd in de orde van verpletterend politiekcorrecte cartoonisten, hebben hemel en aarde bewogen om te bewijzen dat Nekschot de tekenaar is van afgrijselijk racistische, weerzinwekkende cartoons op de website van de extreemrechtse Nederlandse Volksunie. Het is ze niet gelukt om deze schandelijke aantijging met feiten te onderbouwen. Niettemin hebben ze hun woorden nooit teruggenomen, nooit hebben ze hun excuses aangeboden. De hypocrisie van Weldenkend Nederland is vaak zo onbeschaamd dat het grappig wordt.
U hebt een belangrijk boek in handen. Nekschot is de enige cartoonist die een jaar na Afshin Ellians oproep nog steeds grappen durft te maken over de islam en over moslims, zij het onder pseudoniem. Ik zie het boek als een belangrijk signaal: de uitgever laat zich zijn persvrijheid niet afnemen. Bovendien is het boek een medicijn tegen de huidige sfeer van angst en intolerantie: wie om de islam lacht, leert die te relativeren. En wie leert relativeren wordt vanzelf tolerant. In een interview zegt Gregorius: De gulle lach is dodelijk voor types als Van de Ven. Als er gelachen kan worden, ben je niet meer bang.’
God heeft een gevoel voor humor, lieve mensen. Anders had hij Abdul Jabbar van de Ven niet gemaakt. En aangezien we naar Gods beeld en gelijkenis zijn geschapen, heeft hij ook óns een gevoel voor humor gegeven. Het zou ondankbaar, wat zeg ik, zelfs blasfémisch zijn om er dan geen gebruik van te maken.
Dit is het nawoord van de bundel Misselijke grappen van Gregorius Nekschot. Verkrijgbaar in de stripspeciaalzaak (en de reguliere boekhandel als u in België woont) of via de website van de uitgever.





RSS