Frontaal
Naakt
25 maart 2006

Buurman Henk

Cor Spaans

Spleet_klein (6k image)

Ik heb veel bajes achter me rug, toch zeg ik, m’n hele leven dee ik opnieuw over, behalve de spuit, die zou ik nooit meer aanraken.

Cor Spaans

Spleet (31k image)
Everyday Nakedness

‘Ik heb nooit ouders gehad, ik was een half jaar toen kwam ik in gestichten terecht, en daar was ik al niet te houden, dus werd ik naar een tuchtschool gedaan. Daar kreeg ik zevenvijftig zakgeld in de week, tot ik bij een baas kon werken, die heeft me onder de kinderbescherming vandaan gehaald en had gezegd: “Als jullie ‘m weer in een gesticht willen doen, ga ik een proces beginnen.” Toen heeft de kinderbescherming zich teruggetrokken.

Dus je had zevenvijftig, en toen ineens honderd gulden in de week, ik was de koning te rijk natuurlijk, maar dat is m’n ondergang geweest, zoveel geld. Uit een gesticht, alles streng, zevenvijftig, meer had je niet, en dan in één keer honderd gulden in de vrije maatschappij. Toen ben ik langzaam in de drugs gerold en ben ik bij die baas weggegaan. De hippietijd kwam en ik ben in die communes gerold – nou echt, daar heb ik als een beest geleefd, maar te gek geleefd.

De eerste keer dat ik gepakt werd voor een overval, was — vroeger had je van die love-ins, en daar wou ik naar toe en ik had geen poen. Voor vijf gulden heb ik toen zo’n bankloper gepakt.

Daar kreeg ik anderhalf jaar straf voor, ik was achttien jaar. Toen ik daaruit kwam ging het helemaal fout, ben ik echt gaan leven als God in Frankrijk. Ik heb veel bajes achter me rug, toch zeg ik, m’n hele leven dee ik opnieuw over, behalve de spuit, die zou ik nooit meer aanraken.

Ik was de eerste verslaafde in Limburg, speed spuiten, er was nog geen heroïne. Ik begon met dealen toen een maat van mij die dealde werd opgepakt; een commune met zes man, we leefden ervan. Toen hij opgepakt was heb ik gezegd: “Dan ga ik door!” Iedereen lachte me uit, ik was een beetje een loopjongen in het begin van die drugs, een tientje stuff daar rénde ik voor — een stukje afbreken en dat was dan van mij. Nou, na een halfjaar had ik zó’n stapel stuff liggen, zes, zeven kilo. Het gíng gewoon.

Ik ben vroeger een hele grote dealer geweest, ik heb een koffiezaak gehad, eigen huis gehad. Venlo is een tamelijk kleine stad, iedereen dealde voor mij, ze kregen op krediet weet je wel. Ik had klanten, verkocht tachtig, negentig kilo stuff in de week, tienduizend trips.

Toen ben ik gepakt, hebben ze tachtigduizend gulden in beslag genomen, heb ik anderhalf jaar gezeten. In Limburg heb ik echt een grote naam, ik ben daar weggegaan omdat ik er van af wou. Want ik misbruikte mensen. Ik had dope, ik had geld, dus ik had macht. Ik had bijna een hele straat vol met wijven zitten die werkten, allemaal Duitse wijven, die kregen wat dope en daar moesten ze het mee doen. En wapens ging ik doen… Als mensen iets niet deden dan werden ze er voor gestraft, weet je. Op een gegeven moment krijg je daar toch spijt van. Ik zag gewoon dat ik misbruik maakte van mensen.

Vroeger kickte je drie dagen af van de smack en dan was je er doorheen. Maar die methadon, echt jongen, daar ben je zes weken ziek van. En als je dan afgekickt ben, op het laatst heb je één cc’tje, dan ben je nóg ziek. De laatste keer in het huis van bewaring wou ik afkicken en ik wou zèlf ook, ik denk: híer heb ik de kans. Nou werkelijk, ik kan echt niet meer zonder dope, ècht niet meer. Ik werd helemaal gek. Een week ben ik helemaal clean geweest, ik sneed m’n polsen door, ik wou van de ring af springen, en dat allemaal zonder dat ik het zelf wist.

Kun je je voorstellen dat je hele lichaam pijn doet, je benen, krampen, jeuk, inwendige jeuk door je hele lichaam, dag en nacht. Dat je op een gegeven moment zó gek wordt, dat je op de grond licht te rollen, dat je niet meer weet of je zitten moet of staan, of liggen moet of wat dan ook — je rent met je kop tegen de muur aan jongen, echt, het is niet te doen.

Toen ik afkickte in de Jellinek, heeft een psychiater gezegd: “Jij gebruikt al zo lang en het zit zo diep in je geworteld dat je psychisch niet meer zonder kan. Je zult je hele leven methadon moeten gebruiken en zo min mogelijk bijgebruiken, anders red je ’t niet meer.”

Ik gebruik al dertig jaar speed en trips en eigenlijk alles, maar ik zeg altijd zo, iedereen zal op de koffie komen, krijgt een afknapper, de éne vroeg, de ander laat. En die afknapper zal ik ook nog wel krijgen.

Je moet natuurlijk altijd rekening houden met de maatschappij, maar je eigen wereldje kan je houden. Ik gebruík, maar ik stéél niet. Dealen, dat doe ik nog wel ‘ns. Omdat ik móét. Ik wil niet stelen en op een beetje eerlijke manier mijn dope verdienen is met een beetje dope — wat ik doe vind ik geen dealen. Het zijn mensen die ik ken, die gebruiken, en die ik in hun dope voorzie. Ik push niet, ik doe ‘r niemand schade mee.

Veel mensen zijn door mij verslaafd geworden, maar zónder dat ik dat bewust dee. Toen ik de smack voor het eerst had, wist ik niet wat het was. Het was té gekke dope gewoon en ik heb een maand of twee gesnoven als een idioot en toen ben ik gaan spuiten ook. Ik was al twee jaar hooked, toen wist ik nog niet dat ik hooked was. Iedereen zei wel tegen mij: “Je bent verslaafd”, maar ik: “Ben je gek, als ik wil stoppen dan stop ik, maar omdat jullie dat zeggen stop ik toch niet!” Totdat ik vast kwam te zitten, toen wist ik pas wat verslaving was.

Zeg, ik ga even met iemand anders een babbeltje maken, kan ik misschien nog wat poen verdienen.’

Cor Spaans is een liefdevolle misantroop, een dierenliefhebber vol allergieën, die zich niet thuis voelt in de Nederlandse maatschappij. Maar elders is het allemaal nog veel vreselijker. Het is een godswonder dat-ie het hoofd al decennia boven water weet te houden.

« home