Anonieme Aanstellers
Alf Berendse

Het vijfenzeventigjarig bestaan van de Anonieme Alcoholisten is in juni in stilte voorbij gegaan. In stilte ook heeft de A.A. in die vijfenzeventig jaar belangrijke negatieve invloed gehad op het denken over verslaving. Mede dankzij de A.A. wordt het als een groter probleem voorgesteld dan het is.
Op 10 juni 1935 dronk de aan alcohol verslaafde chirurg Dr. Bob Smith zijn laatste biertje en startte hij met een andere Amerikaanse alcoholist, Bill Wilson, een praatgroep voor alcoholverslaafden. De groep kreeg de naam Alcoholics Anonymous, de deelnemers laten zich alleen bij hun voornaam kennen. Wereldwijd volgden er ontelbare meer, en de rituelen van de groep, het Twaalf Stappenprogramma, werden overgenomen door andere verslaafden en lijders aan een of ander (vermeend) obsessief-compulsief gedrag: Narcotics Anonymous, Cocaïne Anonymous, CoDependent Anonymous, Emotions Anonymous, Anonieme Gokkers, Anonieme Overeters, Anonieme Anorecten, Anonieme Seksverslaafden.
“Rondom mij in alle richtingen alleen maar drijfzand. Ik was verslagen. Ik was verpletterd. De alcohol was mij de baas geworden. (…) die verraderlijke krankzinnigheid van het eerste glas (…). Voor iedereen stond het nu wel vast dat ik moest worden opgesloten of aan een ellendig einde zou komen. Hoe donker is de nacht vlak voor de dageraad.”
Aldus Wilson over zijn alcoholzucht. Met enig zelfinzicht noemt hij zijn ervaring een ‘troebele poel van zelfbeklag’. Zijn klaagzang is geen accurate beschrijving van de verschijnselen van verslaving, het is literatuur, een en al metafoor. Zoals het woord verslaving een metafoor is. Niemand is slaaf van alcohol, een drug of zijn eigen gedrag; alcohol en heroïne dwingen niemand dronken of stoned te worden, seks dwingt niemand te neuken. Maar in de metaforen worden verslaving, het middel of het gedrag als macht buiten het zelf geplaatst – een aap op mijn rug knijpt en bijt als ik niet opnieuw gebruik – alsof gebruik en gedrag buiten de eigen wil omgaan.
Onderkennen dat je machteloos staat tegenover alcohol is de eerste stap van de A.A.. Maar de alcoholist wil natuurlijk gewoon drinken. De wens alcohol of een drug te gebruiken, is niet sterker dan de wil, het is uitdrukking van een wil. En een alcoholverslaving kan niet bestaan zonder het gedrag alcohol innemen. Ondanks deze open deur zijn de metaforen inmiddels diagnose geworden: verslaving als ziekte, een ‘chronische terugval ziekte’. Niemand ‘valt’ terug, alsof dat een onwillekeurige achterwaartse beweging is. Men beslist willens en wetens opnieuw te drinken, te roken, of te neuken.
De A.A. en verwante zelfhulpgroepen hangen de stelling aan dat verslaving een ziekte is, al goochelde Wilson in 1960 nog wat met synoniemen: ”We did not wish to get in wrong with the medical profession by pronouncing alcoholism a disease entity. Hence, we have always called it an illness or a malady — a far safer term for us to use.” Een arts die zijn vak kent, zal nog steeds protesteren tegen verslaving een ziekte noemen, maar binnen verslavingszorg en psychiatrie, in de V.S. en Nederland, is het nu de consensus. Een consensus die met de pretentie dat het wetenschap is ook wel een paradigma wordt genoemd.
Verslaving is geen ziekte. Verslaving is een ongewenst en onplezierig bijverschijnsel van sommige middelen, een farmaceutisch verschijnsel. De juiste medische benaming ervoor is ‘onthoudingssyndroom’, verslaving is het ervaren van onthoudingsverschijnselen. Bij alcohol, opiaten en benzodiazepinen kunnen deze zwaar vallen, bij de meeste andere psychotrope stoffen die verslavend worden genoemd zijn het kleine ongemakken. Trek hebben in een middel wordt ‘geestelijke verslaving ‘ genoemd, maar is gewoon wat het is: trek in alcohol of cocaïne, een uiting van de wil het genot opnieuw te ervaren. Trek is behoud van de begeerte. Dat is geen ziekte. Dat is ook geen psychiatrisch probleem, maar een psychologisch verschijnsel. Een verslaving beëindigen, vereist niet meer dan het doorstaan van onthoudingsverschijnselen, het weerstaan van de verleiding hier met druggebruik een einde aan te maken, en het blijvend weerstaan van trek en ‘redenen’ opnieuw de drug te gebruiken. Dat is alles.
Bij de A.A. en aanverwanten is men van mening dat alcohol- en drugverslaving ook zonder alcohol- of druggebruik kunnen bestaan. Wie tijdens een bijeenkomst het woord neemt, opent met de uitspraak ‘ik ben een alcoholist’, al laat hij de drank al jaren staan. Of met ‘ik ben een verslaafde’, al heeft hij de onthoudingsverschijnselen al maanden achter de rug. Dat is aanstellerij, te koop lopen met een zogenaamd levenslange zwakheid terwijl deze al overwonnen is. Tegen verslaving als chronische ziekte, en als sterker dan jezelf, adviseert de A.A. overgave aan een ‘hogere macht’ als remedie.
De A.A. is van oorsprong een Christelijke beweging; met wat in de Twaalf Stappen nu wordt omschreven als ‘hogere macht’ of als ‘God zoals wij hem begrijpen’ werd in de beginjaren gewoon de christelijke god bedoeld. De alcoholist werd bekeerd. Wilson sloot zich, voor hij met Dr. Smith de A.A. oprichtte, aan bij de Christelijke beweging Oxford Group, ook in de hoop dat God hem van zijn verslaving zou verlossen. Een ritueel dat de A.A. van de Oxford Group heeft overgenomen is de openbare biecht: opstaan in de groep en opbiechten wat je ‘door’ de alcohol of drugs allemaal hebt misdaan. De biecht lucht op en wordt begripvol ontvangen. Het is een psychologische truc die ook door sektes wordt toegepast: de gedachte dat je in de groep helemaal eerlijk kan zijn en niet voor je daden wordt veroordeeld, bindt iemand aan de groep.
De reguliere verslaafdenzorg, met name in de V.S. en Nederland, hangt de laatste jaren ook de idee aan dat verslaving een ziekte is, een neurofysiologische stoornis die onafhankelijk van alcohol- of druggebruik bestaat. Daarvoor is geen bewijs te vinden. De effecten van de middelen zijn wel neurofysiologisch, maar doen zich niet voor zonder gebruik van de middelen. De hulpverleners hebben echter allerlei redenen verslaving een (chronische) ziekte te noemen. Het verexcuseert bijvoorbeeld het falen van de abstinentiebehandelingen: ‘verslaving is een ernstige ziekte, daarom kunnen wij zo weinig mensen erbij helpen’.
De misvatting dat verslaving een ziekte is, heeft de reguliere zorg en de A.A. dichter bij elkaar gebracht. In het Minnesota-model worden de Twaalf Stappen geïntegreerd met uiteenlopende vormen van psychotherapie. Dat wordt uniek en innovatief genoemd, maar het is oude wijn in nieuwe zakken. En kwalijk. Verslaafden wordt niet voorgehouden wat verslaving werkelijk behelst (onthoudingsverschijnselen), en evenmin dat opnieuw gaan gebruiken na enige tijd abstinentie gewoon voortkomt uit de lust opnieuw te gebruiken. In plaats daarvan heeft men het over ziekte en wordt cliënten ‘spiritualiteit’ als remedie verkocht. De tekst van de Twaalf Stappen is een gebed, God wordt in vijf stappen aangehaald, ‘hogere macht’ in een, en de laatste spreekt over een spiritueel ontwaken. Gebedsgenezing wordt ingezet tegen neurofysiologie.
In de V.S. is door verlichte rechters geoordeeld dat dronken automobilisten en criminele alcoholisten niet mogen worden veroordeeld tot het bijwonen van A.A.-bijeenkomsten, omdat dit in strijd is met de vrijheid van religie. De Nederlandse Minnesotaklinieken (van Jellinek in Amsterdam en van Brijder Verslavingszorg in Den Haag) houden de schijn van religieuze neutraliteit op, maar als je een god nodig hebt om te stoppen met alcohol- of druggebruik, of met overmatig neuken, dan kun je natuurlijk net zo goed naar christelijk afkickcentrum De Hoop.
Mensen kunnen allerlei redenen hebben om drugs te gebruiken, ook een gebrek aan zingeving. Maar druggebruik is niet hetzelfde als drugverslaving. Drugverslaving komt niet voort uit een gebrek aan spiritualiteit, het is een vervelend verschijnsel bij het gebruik van middelen zoals alcohol en heroïne. De verslaafde wordt ingeprent dat hij machteloos staat tegenover onthoudingsverschijnselen en tegenover trek in alcohol, een drug of seks, om hem rijp te maken voor overgave aan een ‘hogere macht’. Dat is geen therapie maar leugen en bekeringsdrift.
Alf Berendse is meer vergeten over drugs en druggebruik dan de meeste deskundigen’ weten.





RSS