Gek
Lagonda

Een vriendin van mij is werkzaam in het basisonderwijs. Deze week werd zij benaderd door een vader die zich grote zorgen maakte over het thema van de kinderboekenweek; tovenarij en magie. Hij verklaarde dat zijn dochter later een goed grrristenmensch moest worden, en dat een eventuele blootstelling aan Aleister Crowley of Harry Potter dit voornemen danig in de war zou schoppen — sprookjesverhalen zijn de Here immers een gruwel.. De kwestie werd besproken tijdens de eerstvolgende vergadering (in de notulen lezen wij legendarische woorden van het schoolhoofd: “Wat doet een Christen hier? Dit is een katholieke school!”), en mijn vriendin besloot eens wat dieper met deze grrristen op de materie in te gaan. Hij bleek volledig geïndoctrineerd, en kon ook niet uitleggen wat er precies mis was aan de kinderboekenweek; hij had alleen opgepikt “dat er een slechte invloed van uit ging”. “En het kerstfeest dan? Dat is ook heidens!”, zei mijn vriendin. “Is dat zo?” vroeg hij verschrikt. Van verwarring vervuld verliet deze nutcase de school. Knettergek. Benieuwd wat-ie van carnaval gaat vinden.
Later deze week zat een “voormalige heks” bij Andries Knevel. Zij was nu grrristen geworden, en kon maar niet genoeg benadrukken hoe gevaarlijk de occulte wereld was, en hoe Satan toch zijn best deed om jonge kindertjes met behulp van onschuldig ogende kinderboeken zijn domein in te lokken. Goh. Een heks die grrristen wordt? Ik zal u niet vermoeien met de onzin die ze uitkraamde, maar als dat een ex-heks was, moge dan alle kwade machten van de hel mij in een diepvriespizza veranderen. De van bijbelschool doortrokken jeugd droop haar van ’t gezicht. Dit was een grrristen, altijd al geweest, en blijkbaar van harte bereid om zich door de EO voor een religieus propagandistisch karretje te laten spannen. Fascinerend om te zien: hier zaten twee geobsedeerde gekken, een omroepdirecteur en een slecht actrice, uit alle macht te proberen de rest van de wereld in hun gekte mee te slepen.
Het daarop volgende programma, “Het zal je maar gebeuren”, borduurde voort op de ingeslagen weg met zowaar een nieuwe stoet nepheksen; jongens en meisjes opgepikt bij de laatste EO-jongerendag, en zorgvuldig geïnstrueerd door bijbelslijper Knevel. De heks “die al jaren deelnam aan de duisterste satansrituelen” had zichtbaar moeite met het soepel tekenen van een pentagram. Het valt ook verdraaid niet mee, zo uit de losse pols hoeken van precies 72 graden maken, en netjes aan het begin uitkomen; de heks “met jaren ervaring” had dit overduidelijk nooit eerder gedaan. Tsja. De EO verwachtte blijkbaar dat we hier met open ogen in zouden trappen. Hoe krankzinnig ben je dan? Ineens realiseerde ik me dat ik al een vol uur naar gekken aan het kijken was. Knevel is namelijk gek, de EO is gek, en al die ex-heksen zijn ook gek; of ze nou wel of niet de boel in de maling nemen. Want als je oprecht meent dat je jouw geloof met leugens moet verdedigen, ben je gek, en als je *echt* eerst heks bent geweest om vervolgens *grrristen* te worden, nou, dan ben je zeker gestoord.
Van sommige mensen zie je gelijk dat ze gek zijn; de manier waarop Knevel zijn stoel afrijdt als hij weer een puntje kan scoren voor de Heer, laat weinig te raden over. Andere gekken zijn moeilijker te herkennen. Zij vermommen zich als intellectueel, als politicus, als journalist of wetenschapper, of als een gematigde gelovige. Kraaiend van waanzin en overlopend van enthousiasme voor hun denkbeelden, proberen ze voortdurend aan ons, doodnormale burgers, hun idioterie te slijten. Met maffe wetgeving, hoogdravende pamfletten, koortsige profetentaal en waanzinnige acties.
In mijn dagelijks leven ken ik nauwelijks gekken. Mijn collega’s, mijn vrienden, de mensen die ik spreek in de winkel of in de kroeg; allemaal milde, gewone, redelijke mensen. Normale mensen. Een beetje saai, wellicht, maar wel heerlijk rustig. Vroeger zag je dit soort mensen nog op de tv; dan wonnen ze duizend gulden en een magnumfles champagne bij Ron Brandsteder, en dan waren ze blij voor het leven! En als normale mensen eens gek wilden doen, dan was er altijd nog “Tobbedansen”, of “Wedden dat”. Maar dit soort mensen zien we niet meer op de tv. Het publieke debat wordt inmiddels gedomineerd door gekken en schreeuwende idioten van allerlei ideologisch pluimage. Het gesprek van de dag wordt gevoerd door maanzieke koortslijders die denken dat ze rechtstreeks met God kunnen praten, of kwaadaardige malloten die menen dat de wereld er beter van wordt door iedereen die het niet met ze eens is te vermoorden.
En de dames en heren uit de programmaredacties menen daadwerkelijk dat ze een zinvolle bijdrage leveren aan maatschappelijke discussies door deze krankzinnigen steeds maar weer aan het woord te laten en met elkaar het debat aan te laten gaan. Met betrekking tot het te behandelen onderwerp worden eerst de meest extreme opvattingen bepaald, waar vervolgens de meest uitgesproken representanten voor worden uitgenodigd. Het idee hierachter is ongetwijfeld dat er op deze manier een “gebalanceerde” discussie ontstaat. Maar ja, de meest uitgesproken woordvoerder van een extreme opvatting, is natuurlijk altijd een gek. En dus wordt de kijker steevast getrakteerd op mafketels die volkomen autistisch hun gestoorde wereldbeeld komen afdraaien.
En omdat deze gekken voortdurend als volwaardige denkers worden gepresenteerd, gebeurt het dat de meest bespottelijke standpunten met de dag gangbaarder worden. Er wordt inmiddels gesproken over reli-gelul alsof het de normaalste zaak van de wereld is, en men luistert oprecht — ja, haast met bewondering — naar gekken die aan de hand van hun heilige boekjes minutieus uitleggen hoe het toch mogelijk is; wereldvrede, terroristen, liefde, hoofddoekjes en rechtvaardige wetgeving, allemaal uit dezelfde religie! Prachtig hoor! Legt u dat nog eens uit, van hoe Mohammed dat precies bedoelde, over dat vrouwen helemaal vrij zijn en toch elke dag in elkaar gebeukt mogen worden? En de gek wijst met zijn vingertje weer triomfantelijk naar de juiste zinnetjes, waar staat dat God het niet zo bedoeld heeft, maar dat het toch mag, je vrouw slaan, en dat we Hem daar dankbaar voor moeten zijn. En iedereen in de studio knikt vol bewondering voor zoveel gelijk.
Er wordt niet meer op de rem getrapt. De vraag of een heilig boek überhaupt enige autoriteit heeft, wordt niet gesteld. De vraag wat eigenlijk het bestaansrecht is van al die tere politiekcorrecte huisjes, wordt ook niet gesteld. Niemand kan of durft nog te zeggen dat de keizer helemaal geen kleren aanheeft. Nee, in het oog van zijn verbeelding schrijdt de keizer statig voort met de prachtigste gewaden aan zijn lijf. Want zoals het echte gekken betaamt, weten gekken niet dat ze gek zijn. Gekken menen immers dat de rest van de wereld juist hun zienswijze dient te omarmen. Balkenende en Donner, Geert Mak en Anja Meulenbelt, Femke Halsema en Wouter Bos: allemaal gek. Neonazi’s, fascisten, antifascisten, krakers en lonsdalers: ook allemaal gek. Imams, priesters en rabbi’s: heel erg gek. Mensen die eerdergenoemde gekken serieus nemen: knettergek. Allemaal bevangen door wanen en hallucinaties, hun hoofden galmend van de stemmen die hen de glorie beloven, rücksichtslos en verblind.
De normale mensen in mijn omgeving worden timide en bang van al die waanzinnige gelijkhebbers. Ze hebben ergens wel het idee dat hun oververhitte woorden misschien met een korrel zout genomen zouden moeten worden, maar zeker weten doen ze het niet. De mensen op de tv zijn immers op de tv, en jij niet. En ze roepen heel hard, en rollen wel heel vervaarlijk met de ogen, en jij niet. Misschien hebben ze wel meer meegemaakt en meer doorvoelt dan jij. Misschien biedt zo’n geloof of ideologie wel inzichten en ervaringen waar jij als buitenstaander geen weet van hebt. Misschien hebben ze daarom wel meer gelijk dan jij, met je laffe halfbakken standpuntjes. Misschien moet je zoveel overtuiging eigenlijk wel heel erg respecteren. Misschien moet je er zelf ook wel zo’n duidelijke mening op na gaan houden. Misschien moet je wel mee gaan schreeuwen.
Waar is de toon van de redelijkheid gebleven; van de kritische, doordachte, pragmatische analyse? De toon die wikt en weegt? De toon van harmonie en geduld, van matiging en sereniteit, van wijsheid en wasdom? Het is de enige toon die ooit gelijk kan hebben — niet het angstige gepiep van de politieke correctheid, of het oorverdovende gerommel van de ideologie, of de gestoorde ruis van de geloofswaanzin, nee, de duidelijke stem van de vrije rede is de enige stem die uiteindelijk in staat is de waarheid te spreken. Een stem van licht en verlichting. Helder als glas, en weldadig als de zon.
Over de zon gesproken: haast u naar buiten! De natuur trakteert ons op een zonnige herfst. Kijk naar de zon, laat hem schijnen in uw hoofd, en probeer te ervaren welk effect het licht heeft op de duisternis van de geest; wat er precies gebeurt als alle hoekjes en nisjes volop worden beschenen, en de schaduwen verdwijnen. Alles openbaart zich in al haar facetten. Verschillen verdwijnen, extremen worden verzoend, luide woorden verstommen. Dit is waarheid — alles durven zien, omdat je alles kunt zien voor wat het is. Koester deze ervaring; we gaan een koude en lange winter tegemoet.
Lagonda schreef al teksten op een weblog, puur voor het eigen plezier, totdat Frontaal Naakt besloot hem aan de vergetelheid te ontrukken. Lagonda is 49 procent mannelijk, 51 procent vrouwelijk en 100 procent esotericus. Haar schrijfstijl wordt door sommigen ervaren als ‘een warm bad’, door anderen weer als ’totaal genadeloos’. Het is maar hoe de pet staat. Meer op de Lagonda blogspot.
Reacties op dit artikel zijn gesloten. Wilt u reageren?
Stuur een e-mail naar de redactie.





RSS