Stripbeurs
Peter Breedveld

Zeg nou zelf, hoe kun je boos blijven op iemand die je opbelt om je in alle ernst te vragen of je je kinderen slaat en hoe je als extreemrechtse herrieschopper getrouwd kunt zijn met iemand die bij de PvdA zit?
Peter Breedveld

Illustratie: Michel Kok
Op de Stripdagen in Houten liep ik afgelopen zondag NRC Handelsblad-redacteur Dik Rondeltap tegen het lijf. Hij sprak me aan op de toon van deze website, daar heeft hij moeite mee. Concreter dan dat werd het niet. In een eerdere discussie met hem legde hij een verband tussen mijn persoontje en de SS, dus ik neem zo’n opmerking over toon’ maar niet al te serieus. Bovendien, hij moet nodig wat zeggen, als redacteur van de NRC.
Wie ik ook tegenkwam: Spinvis! Ja echt, Spinvis was op de beurs met zijn twee zoons. In het café heb ik met hem gebabbeld over strips en illustraties. Ja hoor, zal wel’, zei mijn oudste zoon toen ik het thuis vertelde. Had-ie mooi spijt dat-ie niet was meegegaan.
Nog een held van me: Willy Lohmann, tekenaar van de strip Kraaienhove in Het Parool in de jaren zestig. Ontzettend ondergewaardeerde, vergeten tekenaar. Hij zat te signeren in de stand van het blad Stripschrift, waar ik voor schrijf. De uitgeverij van het blad heeft een paar mooie boekjes met zijn verhalen uitgebracht. Die heb ik gebietst van hoofdredacteur Arco van Os en door Lohmann laten signeren:

Lohmann tekent nog steeds cartoons, vertelde hij. Die verschijnen overal in Europa, maar ik kwam niet te weten in welke bladen. Hij vult zijn dagen met het maken van korte films die hij op zijn Mac monteert. Hij lijkt het reuze naar zijn zin te hebben. Aardige man.
Over schandalig ondergewaardeerde striptekenaars gesproken: Aloys Oosterwijk tekent Willems wereld. Dat die strip in het weekblad Panorama verschijnt zal er wel mee te maken hebben dat weinig mensen zien dat Oosterwijk een chroniqueur van het Nederlandse, misschien specifiek Amsterdamse middelbare vrijgezellenbestaan is. Laat ik het zo zeggen: als over honderdvijftig jaar historici willen weten hoe het was om te Zijn in het Amsterdam van 2006, hebben ze meer aan Willems wereld dan aan de archieven van het Parool of zoiets, want dan weet je vooral wat er in een bepaalde periode een erge hype was. Gewone mensen worden nog steeds snel vergeten door pers en historici.
Hoe dan ook, Oosterwijk is ook nog eens een ontzettend beminnelijke man die ons binnen afzienbare tijd gaat verrassen met een literair avonturenverhaal dat zich in het koloniale Afrika afspeelt en met een mooi, autobiografisch getint liefdesverhaal dat is gebaseerd op iets dat hij in zijn jonge jaren met een Parijse zwarte buurvrouw van hem heeft uitgevreten, althans dat laatste meen ik te kunnen opmaken uit wat-ie zich onlangs liet ontvallen maar d’r zal wel niks van kloppen. Op de beurs kwam een nieuw album van hem uit, een avontuur van de detective Cor Morelli:

Bij de stand van uitgeverij Xtra heb ik een rosé’tje gedronken met bikkelaars Ger van Wulften en Esther Gasseling. Van Wulften is een soort Andy Warhol van de Nederlandse undergroundstrip. Grootheden als Gerrit de Jager, van de ooit geniale strip De familie Doorzon, Eric Schreurs van Joop Klepzeiker en Hein de Kort van Pardon Lul zijn bij hem begonnen. Theo van Gogh heeft zijn eerste films bij hem thuis opgenomen en ik geloof dat zijn carrière als columnist ook in één van de bladen van Van Wulften is gestart.
Van Wulften brengt werken uit die, zoals hij dat zelf noemt, schuren’ en daar maakt hij het zichzelf niet makkelijk mee. Binnenkort ga ik eens een paar uitgaven bespreken, maar wacht daar niet op. Doe uzelf nu al een plezier en help een kleine uitgeverij de winter door, bestel eens wat, bijvoorbeeld Van Goghs Allah weet het beter als u dat nog niet hebt, de cartoonbundel van Gregorius Nekschot, het onthullende boek van journalist Stan de Jong over de moord op Van Gogh, Prettig weekend, ondanks alles of de door Eric Schreurs rijkelijk geïllustreerde bundel Van Gogh-liederen Recreatie (inclusief sublieme CD). Ik kreeg op de beurs de jongste Xtra-uitgave, het boek Beroepspsychopaten van shock art-kunstenaar Jack Coleman. Vier waargebeurde verhalen over dieven en moordenaars, rijk geïllustreerd door Coleman zelf.

Een andere uitgever die tegen de stroom inzwemt: Bries van de Vlaamse Ria Schulpen. Die zou geen lelijk boek kunnen uitgeven als ze het zou proberen. Jarenlang heeft ze het uitgeven van kostbare kleinoden gecombineerd met een baan bij de Openbare Bibliotheek, maar dat schijnt sinds kort niet meer nodig te zijn. Op aanraden van Hanco Kolk kocht ik het poëtische boek W the Whore Makes Her Tracks van de Duitse surrealist Anke Feuchtenberger.

Je zou het niet zeggen als je hem ziet, maar René Dorenbos geeft porno en horror uit. Sympathieke man en hij heeft een onwaarschijnlijk mooie vrouw (maar niet zo mooi als de vrouw van Ger van Wulften), maar hij moet echt op zoek naar een nieuwe vormgever voor zijn bladen. Onlangs werd hij de nieuwe uitgever van hij het enige mainstream stripblad dat we nog hebben, Myx, en dat ziet er werkelijk afgrijselijk uit.
Bij uitgeverij Oog & Blik heb ik The complete universe of Dupuy Berberian gekocht, een dikke verzameling illustraties van het Franse duo Dupuy en Berberian. Ik heb hun serie Monsieur Jean al eens op deze site besproken. In dit nieuwe boek staan illustraties, schilderijen, etiketten, posters, krabbels, schetsen en ook foto’s van dreidimensionaal werk van de heren. Allemaal in dat lekkere Franse retro-stijltje dat Spinvis heel treffend belangeloos’ noemde. De onderstaande illustratie hangt bij ons thuis aan de muur:

Hanco Kolk noemde ik hierboven al. De man is op dit moment bezig aan de voltooiing van het beste werk dat hij tot nu toe heeft gemaakt, het vierde deel van zijn donkere satire Meccano. Bries geeft het eerst uit in Engelstalige afleveringen, volgend jaar komt het complete verhaal in albumvorm uit.

Inmiddels heeft Kolk de opdracht gekregen voor het maken van een aantal illustraties voor de New Yorker, een grotere eer voor een tekenaar is er bijna niet. Gênant was de nogal hysterische berichtgeving erover in NRC Handelsblad, waar ik nooit eerder een bijzondere interesse voor Kolks werk heb waargenomen. De man werkt al tientallen jaren keihard aan een zeer respectabel oeuvre, maar het is maar strip, hè. Pas als The New Yorker laat weten het mooi te vinden, worden de dames en heren critici in Nederland ook wakker en dan vinden ze het opeens ook mooi. Flikker toch op. Vertrouw nooit een Nederlands recensent, want hij wil eerst weten wat ze bij The New York Times, The New Yorker of Le Monde vinden voor hij ergens een mening over heeft.
Op de Stripdagen reiken ze ook altijd de Stripschapprijs, een oeuvreprijs, uit en dit jaar ging die naar Gerard Leever, van onder andere de kinderstrip Oktoknopie, één van de favoriete strips van mijn kinderen. Daar heeft-ie echt jaren op zitten wachten, dat hij die prijs eindelijk eens zou krijgen. Hij wilde hem echt zo graag, dat hij de afgelopen jaren zijn teleurstelling, dat hij hem niet kreeg, niet onder stoelen of banken stak. Hij maakte er een gimmick van, maar toch.
Het voelt als erkenning, zei hij zondag tegen me. Ik misgun niemand zijn erkenning, maar ik heb nooit gezien wat er zo begeerlijk is aan de erkenning van een stel zelfbenoemde hotemetoten die zelf geen rechte lijn op papier kunnen krijgen en die sowieso elk jaar het hele rijtje middelbare tekenaars afgaan om te zien wie hem nog niet heeft. Iedereen komt een keer aan de beurt.
Terwijl we praatten begon één van de zoons van Spinvis, die totaal was verdiept in een Oktoknopie-album, opeens te schateren: Papa! Dit is écht leuk! Dáár heb je je herkenning. Who cares about de Stripschapprijs als kinderen je strips vreten?
Weet u wie ik stiekem best een hele aardige gozert vind? Jean-Marc van Tol, de tekenaar van het politiekcorrecte gevogelte Fokke en Sukke. Ik heb al eens stevig ruzie met hem gemaakt en hij heeft me een paar keer een rattenstreek geleverd, althans, hij heeft geprobeerd dat te doen, maar hij is altijd zo enthousiast als hij me ziet, dat ik niet kwaad op hem kan blijven. Ik heb aan heel wat figuren in de stripwereld een tyfushekel en zij aan mij, maar Jean-Marc is een schatje. Zeg nou zelf, hoe kun je boos blijven op iemand die je opbelt om je in alle ernst te vragen of je je kinderen slaat en hoe je als extreemrechtse herrieschopper getrouwd kunt zijn met iemand die bij de PvdA zit?
Peter Breedveld zal het maar eerlijk zeggen: goeie seks doet ideologische verschillen verdwijnen als sneeuw voor de zon.





RSS