Frontaal
Naakt
6 juni 2009

Stockholm

Karel van der Weide

glenglasser (94k image)
Foto: Glenn Glasser

De controverse rond de in Afghanistan ontvoerde (en verkrachte?) journaliste Joanie de Rijke neemt de vormen aan van een klucht. In de discussie vervalt het respect voor de feiten, derhalve deze op een rijtje:

In november 2008 wordt De Rijke zes dagen lang tegen haar wil vastgehouden door een tiental Talibanstrijders. In vraaggesprekken (o.a. bij Pauw & Witteman en in de Volkskrant) na de vrijlating, beweert ze met geen vinger te zijn aangeraakt. Een lezing die kantelt wanneer medio mei 2009 haar boek In handen van de Taliban verschijnt. Plotseling stelt De Rijke tijdens de gijzeling door commandant Ghazi Gul te zijn verkracht. Saillant: in haar boek vergoelijkt ze deze daad min of meer. Het hele mediacircus begint van voren af aan en cumuleert in uitspraken van nota bene Geert Wilders, dat De Rijke symbool staat voor het Stockholmsyndroom waar de linkse Nederlandse elite aan lijdt.

Of De Rijke daadwerkelijk is verkracht, valt moeilijk te achterhalen. Na haar vrijlating werd ze medisch onderzocht; wellicht bestaan er gegevens die haar verhaal bevestigen. Ghazi Gul kan het verhaal sowieso niet navertellen daar hij onlangs sneuvelde in de strijd.

Na een traumatische ervaring pas later feiten herinneren an sich, is niet onwaarschijnlijk. Hoewel mijn gedachten dan altijd teruggaan naar de Epense incestzaak (1993). Yolande uit Epe herinnerde zich jaren na dato de meest bizarre groepsverkrachtingen, abortussen en babymoorden. Familie, vrienden, tot en met buschauffeurs op de Veluwe en de politieagenten waar ze aangifte bij deed: allen zouden ontuchtige handelingen met haar hebben verricht. Vreemd genoeg werden op basis van haar verklaringen mensen veroordeeld, iets waar deskundigen tot op de dag van vandaag verbijsterd over zijn.

Het goedpraten van de verkrachting werd door De Rijke zelf bestempeld als ‘Het aanbrengen van nuances in het verhaal’. De lezer oordele: ‘Zijn vingers sluiten zich met kracht om mijn vingers zodat ik ongewild in hem knijp. Minuten later trekt hij mijn hand van zijn penis af. Ik begin te begrijpen wat hij wil duidelijk maken. Hij is zo hitsig als wat, maar probeert zich uit alle macht te beheersen. Op slag verdwijnt mijn haat. Dit is zijn manier om spijt te betuigen.’ Later lichtte De Rijke dit toe met: ‘Ghazi had zijn hormonen niet onder controle.’

Bovenstaande passages zijn op z’n minst verdacht, na het lezen van het volgende werd ik bevestigd in mijn vermoedens: ‘Zijn lange zwarte haar, zijn fonkelende ogen en krullende baard stralen zo’n ontembare drang naar revolutie uit, dat ik een gevoel van heimwee krijg. Heimwee naar het leven van een oude krijger dat ik nooit heb gekend. Hij pakt mijn hoofd met zijn beide handen vast en kust me.’

Juist, hier speelt iets anders. In haar grenzeloze bewondering voor deze strijders, heeft De Rijke de realiteit en al het gevoel voor gevaar uit het oog verloren. Men ziet het vaker, bij journalistes, bij vrouwen die in de ontwikkelingshulp werken. The White Masai (2005) van Corinne Hofmann, waarin een Duitse vrouw haar hart verliest aan een stamhoofd in Kenia, betreft in dit verband interessant studiemateriaal. De bejubeling van haar beslissing één van zijn vrouwen te worden, is ronduit gênant. Nog treffender: The Sheltering Sky (1949) van Paul Bowles. Hierin voelt een echtgenote zich aangetrokken tot dwalen in de binnenlanden van Marokko. Ze eindigt als seksslavin van een lokale bedoeïenenhoofdman, maar lijkt daar niet rouwig om.

Deskundigen, zoals de geridderde militair Marco Kroon, bestempelen de aanwezigheid van De Rijke in Afghanistan als ‘totaal onverantwoord’. Evenmin stuitte hij gedurende zijn missies aldaar op ook maar één Westerse vrouw. Kroon probeerde De Rijke tijdens een uitzending van Knevel en Van den Brink (die compleet voorbijgingen aan haar eerdere bewering ongemoeid te zijn gelaten: streng doorvragen doen journalisten niet meer) uit te leggen dat een vrouw in dat soort landen een andere status geniet dan in het Westen. Mijns inziens drukte Kroon zich nog voorzichtig uit; Westerse vrouwen gelden in het streng islamitische Afghanistan als hoeren, als ‘onaanraakbaren’, opnieuw een feit dat twijfels zaait over De Rijkes bewering te zijn verkracht.

Hoe dan ook, de hele affaire stimuleert de verkoop van haar boek. Een boek dat niet in een al te best Nederlands is opgesteld en waarvan uitgeverij De Geus de auteur wellicht tegen zichzelf in bescherming had moeten nemen; niets kwalijker dan uitventen van eigen leed. Vooralsnog verbloemt De Geus haar inconsistentie door zich te beroepen op het Stockholmsyndroom (NRC boekenbijlage 29 mei).

Hetzelfde syndroom dat Wilders er met de haren bij sleepte, hetgeen De Rijke bestempelde als ‘Politiek bedrijven over mijn rug’. Nee Joanie, de enige die mogelijk politiek over jouw rug heeft bedreven, is de Taliban! Ik kan het niet bewijzen, maar heb sterk het gevoel dat je uit mediageilheid, of wat voor geilheid dan ook, de term ‘embedded‘ van een extra betekenis hebt voorzien.

Karel van der Weide is schaker, schrijver en journalist en vriend van Renzo Verwer.

Algemeen
Reageren? Mail de redactie.