Majda zoekt een baan
Majda Ouhajji
Tientallen sollicitatiebrieven heb ik verstuurd in de afgelopen negen maanden. Aan het begin, toen ik net mijn diploma journalistiek had gehaald, stond ik te popelen om aan de slag te gaan. Voor mijn afstuderen heb ik nog geprobeerd om te freelancen, maar nadat mijn mailtjes steeds genegeerd werden, besloot ik maar gewoon op vacatures te reageren.
Tijdens mijn laatste stage bij een landelijk dagblad waren mijn collega’s en andere journalisten, die ik tegenkwam, niet zo positief over de arbeidsmarkt. Ik wuifde dat aanvankelijk altijd weg. Ik kom er wel, dacht ik. Ik ben gemotiveerd, kan goed schrijven en ben bereid hard te werken.
Beetje bang
Maar na de zoveelste negatieve toekomstvoorspelling begon ook ik een beetje bang te worden. En niet zonder reden, zo blijkt nu.
Mijn eerste sollicitatiebrief was naar een tijdschrift waar ik eigenlijk niet zoveel mee had. Ik vroeg me af of ik er wel goed aan had gedaan te solliciteren en was zowaar bang aangenomen te worden. Naïeve ik. Dat zou mijn eerste afwijzing worden. Sindsdien heb ik er zo’n veertig meer in mijn inbox mogen ontvangen. Niet elk bedrijf heeft het fatsoen even te laten weten dat het je niet wil.
Weinig ervaring
Ik ben dagelijks meer dan een uur bezig met het doorspitten van vacatures. Eerst solliciteerde ik op alles wat ik zóu kunnen doen. Ook als er jaren ervaring werd gevraagd. Ik probeerde in mijn mails te bewijzen dat ik het ook wel kon, als ze me de kans maar gaven mezelf te bewijzen. En welke nieuwe werknemer is ooit aan een baan begonnen zonder ingewerkt te worden? Maar ik kreeg nooit een positief bericht terug. Elke afwijzing deed pijn, maar ik ging stug verder.
Op een gegeven moment zag ik in dat op die vacatures reageren hopeloos was. Te hoog gegrepen. Soms stond er in de afwijzingsmail dat er honderden reacties waren binnengekomen. Zie daar als startende journalist maar eens doorheen te komen. Niet dat ik precies weet waarom ik werd afgewezen – het zijn altijd standaardreacties – maar ik ging er maar vanuit dat het aan mijn weinige ervaring lag. Een opleiding, stage en wat freelance-ervaring waren blijkbaar niet genoeg.
Nieuwe toekomstplannen
Dus besloot ik alleen te reageren op werkgevers die een starter zochten. Maar zelfs daar lukte het niet. Ik begon steeds meer aan mezelf te twijfelen. Ik voelde me een mislukkeling. Hadden mijn ouders duizenden euro’s collegegeld betaald om een werkloze op te leiden? Om de zoveel tijd heb ik een inzinking. Dan kan ik de afwijzingen en het werkloos zijn niet meer aan. Het enige goede van zo’n diep dal is dat ik na afloop mezelf streng toespreek en wat nieuwe toekomstplannen verzin.
In de tussentijd zit ik niet stil. Ik kan niet eens genieten van alle ‘vrije tijd’ die ik heb, omdat ik me dan ontzettend nutteloos voel. Ik probeer zoveel mogelijk te blijven schrijven. Zelfs voor een slavenloontje. Want dan ben ik in ieder geval bezig.
Herpakken en verder gaan
Veel hoop dat de situatie snel zal veranderen heb ik niet. Om me heen zie ik veel afgestudeerden die met hetzelfde probleem worstelen. Daarom kan ik niet anders dan mezelf herpakken en verder gaan.
Ik ben niet de enige. Dat is geen troost, maar wel een verklaring voor mijn vruchteloze zoektocht naar een baan.
Majda Ouhajji is freelance journaliste.






RSS