Troglodiet
Hassnae Bouazza

Illustratie: Akseli Gallen-Kallela
Zo heb ik korte tijd wat gehad met een Marokkaanse jongeman in Nederland. Ik ontmoette hem bij een concert van Khaled in Nijmegen waar ik met drie van mijn VPRO-collega’s was. Ik was onder de indruk van zijn gespierde modellenlijf en rustige voorkomen. Hij vond mijn billen indrukwekkend, vertelde hij me later. Ik durfde hem niet aan te spreken, maar hij vroeg me of ik wat wilde drinken. ‘Straks, misschien’, was mijn antwoord. Ik was te druk met dansen.
Aan het einde van de avond, na wat steelse blikken heen en weer, gingen we weg. Ik aarzelde, want ik wilde graag zijn telefoonnummer, maar durfde het niet te vragen. En dus deed een van mijn collega’s het: ze kreeg zijn nummer en gaf hem het mijne. Hij belde me diezelfde avond nog.
Snel trouwen
Het eerste contact was leuk, spannend. We belden, mailden en gingen uit. Hij wilde al heel snel trouwen, maar ik vond het verstandig elkaar eerst beter te leren kennen. Het was een stoere jongen die me af en toe onzeker vroeg of ik hem dom vond – wat ik ontkende. Hij had niet gestudeerd en was gedurende de tijd dat ik hem kende, werkloos geworden. Ik had er allemaal geen moeite mee.
Wat me wel aan hem stoorde, was dat hij zonder probleem tot drie uur uitsliep. Dat iemand dat doet na een lange nacht uit, begrijp ik, maar doordeweeks een gat in de dag slapen terwijl je ook op zoek naar werk zou kunnen gaan, vond ik lastiger te accepteren.
Geen bruidsschat
Desalniettemin zou hij na een paar maanden met zijn ouders om mijn hand komen vragen. Twee dagen voor de bewuste dag kreeg hij het op zijn heupen en maakte me duidelijk wie ook al weer de man is. Hij zou geen bruidsschat geven en een ring ging hij ook niet voor me kopen; hij zou met lege handen komen. Hij vond die hele traditie maar onzin; het ging om onze liefde, nergens anders om.
Marokkanen die traditioneel trouwen, pakken goed uit. Als de aanstaande bruidegom met zijn ouders om de hand van de vrouw komt vragen, wordt er uitgebreid gekookt door de familie van de vrouw; de man en zijn familie komen bepakt met cadeaus voor de aanstaande bruid. Ook wordt er dan gesproken over de bruidsschat: wat de bruid van de bruidegom krijgt voor haar huwelijk. De bruidsschat is bedoeld voor de bruid zodat ze er haar bruidsbenodigdheden (trouwjurken, sieraden, nachtkleding, noem het maar op) mee kan bekostigen.
Geld voor nieuwe kleren
Ik had het niet eerder over een bruidsschat gehad, omdat ik daar nooit aan gedacht had. Het was ook niet relevant voor me, maar de verbetenheid waarmee mijn aspirant-aanstaande zich opstelde, zinde me niet. Ik begreep ook niet waar het opeens vandaan kwam.
Hij dreigde dat hij op zou staan en vertrekken als iemand van ons erover zou beginnen. Zijn ouders, zo verzekerde hij me, had hij al geïnstrueerd het onderwerp te vermijden. Hij wilde ook wel geld krijgen om nieuwe kleren te kopen, beargumenteerde hij. Hoezo had een vrouw recht op een bruidsschat? Hij vergat dat hij de kleren die hij aanhad en de schoenen waar hij op liep, niet zelf had betaald.
Enerzijds wilde hij de man zijn en zijn wil aan me opleggen, anderzijds zat de traditie hem in de weg. De oplossing voor hem lag erin die hele traditie achterlijk te verklaren en de moderne maatschappij te omarmen. Zo kon hij naar hartenlust in traditie en moderniteit shoppen zonder gezichtsverlies.
Hij had misgegokt
Wanhopig snikkend probeerde ik hem tot rede te brengen om het onderwerp te vergeten, want ik zou niks van hem vragen, ik wilde alleen niet dat hij zich als een hork zou gedragen, maar hij was vastbesloten en wilde de regie bepalen over hun bezoek. Het moest allemaal op zijn manier of niet. Ik moest maar nadenken of ik me naar zijn wensen schikte.
Ondertussen besloot hij mijn telefoontjes en berichtjes niet meer te beantwoorden. De zaterdagochtend, de dag dat ze zouden komen, stuurde ik hem een sms dat hij zich de moeite kon besparen.
Na mijn berichtje aan hem ben ik gaan winkelen, kocht een witgouden ring met saffier voor mezelf en genoot van een uitgebreide lunch met mijn beste vriend. Hij had gegokt dat ik, net als de meeste vrouwen, zo graag zou willen trouwen dat ik alles zou accepteren. Hij had misgegokt. Ik was niet 33 jaar kieskeurig geweest om met een troglodiet te eindigen.
Niet naar mannen luisteren
Hij had er achteraf spijt van. Nog steeds neemt hij om de zoveel tijd onhandige pogingen tot contact: bellen en ophangen, cryptische sms’jes, bedoeld om mijn aandacht te trekken en het contact te herstellen.
Sowieso valt me op dat de mannen die het luidst verkondigen dat ze zo verschrikkelijk geëmancipeerd en modern zijn, het meest vrouwonvriendelijk of traditioneel zijn als het erop aankomt. Niet zelden krijg ik met zulke mannen te maken, vol van hun vermeende liberalisme, schoppend tegen heilige huisjes, maar als puntje bij paaltje komt, verwijten ze mij dat ik niet naar mannen luister, mij niet ‘door andere mannen laat leiden’ of ze praten privé over vrouwen zoals de gemiddelde conservatief dat doet.
Onmiddellijk verdacht
Wie echt geëmancipeerd is, heeft niet de behoefte dat steeds te benoemen, is mijn ervaring. Wie zichzelf op de bevrijde borst klopt, is onmiddellijk verdacht bij mij. Door schade en schande wijs geworden, zeg maar.
Fragment uit Arabieren Kijken, Hassnae Bouazza’s boek over de onbelichte kant van de Arabische wereld, de wereld van soaps, films en popmuziek, van zinderende seksualiteit en verstikkende taboes, glamour en plastische chirurgie, vroom geloof en zwarte magie, vrije vrouwen en bange mannen. De wereld die u niet mag kennen van Pauw en Witteman. Lees hier al de eerste bespreking. Vanmorgen zat ze bij BNR Nieuwsradio voor een interview (hier terug te luisteren) en eerder vanavond zat ze in Kunststof op Radio 1, hier terug te luisteren.





RSS