Frontaal
Naakt

3 december 2011

Schaamtehaar

Frans Smeets

Toen ik nog alleen woonde, had ik voor een sculptuur een afdruk van een mannenrug nodig. Omdat ik er nu eenmaal een hekel heb om hulp te vragen en meestal nogal impulsief handel, voerde ik het geniale idee uit om snel met wat oude planken een soort grafkist in elkaar te timmeren, er een zeiltje in te nieten, er twintig centimeter gips in te gieten, om er vervolgens met mijn grote, logge lijf naakt in te gaan liggen.

Dat heb ik geweten. Toen ik na twintig minuten genoten te hebben (gips wordt altijd heerlijk warm), wilde opstaan, zat ik muurvast. Het enige dat ik kon bewegen, waren mijn hoofd en handen. Ik zat met mijn lichaamshaar vastgespijkerd in het gips. Geen telefoon binnen handbereik. Trouwens, wie ga je bellen voor zoiets? 112?

Ik begrijp dat mensen het harsen van hun haar uitbesteden. Zelf harsen is een harde strijd tegen je eigen lichaam dat geen enkele behoefte voelt voor deze zelfkastijding. Na enkele uren helse pijnen zat ik alleen nog maar vast met mijn billen, schaamstreek en onderrug. Ik kwam geen centimeter verder meer met mijn ontharing. Als een schildpad op zijn rug spartelde ik. Paniek. Rustig blijven. Nadenken. Ik kon niets anders bedenken, dan dat ik met een enkele harde ruk, waarin ik alles gaf, los moest zien te komen.

Het voelde alsof ik mijn lichaam drieëndeelde en het middengedeelte achterbleef.

Ik had een fantastische afdruk van mijn lichaamsbeharing in het gips achtergelaten. Zelfs de haren van mijn balzak waren te zien. Op de rug zaten van die eenzame diepgewortelde sprieten die slechts uitblinken in lengte en dikte. Je ziet die krengen ook nooit groeien. Ze zijn er altijd ineens. Ze hebben exact dezelfde structuur en stugheid als het haar in je schaamstreek. Boven mijn billen in mijn rugholte had ik een matje in de vorm van een schaamhaardriehoek, alleen dan met de punt naar boven. Ik had schaamhaar op mijn rug?

Buiten het hoofdhaar en de wenkbrauwen is al het haar op ons lichaam schaamhaar geworden. Haar om je voor te schamen. Haar staat voor onverzorgd, onhygiënisch en ouderwets. Geschoren staat voor schoon, modern, succes.

En dames, maak je geen zorgen. Ook op ons heren wordt steeds meer druk uitgeoefend om op de ontharingsbank plaats te nemen. In mijn jeugd hadden politiemannen en militairen een snor. Magnum kon als sekssymbool met golvend en uitpuilend borsthaar zijn pronkende snor tegen elke vrouwenlip parkeren. Mijn eerste bovenlipse vlashaardjes werden met liefde gekoesterd als bewijs van ontluikende mannelijkheid. Al snel ging er het mes in, toen ik bemerkte dat de succesratio in de loop der tijd omhoog ging voor mannen zonder snor.

De tijd dat ik onbezorgd met wat deo, handdoekje en onderbroekje naar de sportschool slenterde, is ook voor mij verleden tijd. De herenkleedkamer is steeds meer een geparfumeerde palingkist geworden vol glad geschoren piemels.

Het ergste zijn enkele heren van de spinning. Alsof ze de Tour de France gaan fietsen, stappen ze in een professionele wielrenneroutfit op de hometrainer, omhangen zich, alsof ze op de intensive care liggen, vol meten-is-weten-elektronica en gaan met gladgeschoren benen fietsen. Zijn ze bang voor tegenwind als iemand het raam openzet? Denken ze echt sneller te gaan fietsen? Denken ze werkelijk dat ze aantrekkelijk zijn zonder beenhaar?

Als vrouwen ergens op afknappen, dan zijn het wel gladde glimmende wielrennerbenen met langgerekte kuiten en met daarboven zo’n strak gespannen broekje met in het kruis een vacuüm getrokken bolletje. Wielrennerbroeken staan gelijk aan impotentie en frigiditeit. Ik verdenk spinning-mannen er ook altijd van dat ze eerst een handdoekje op het bed klaarleggen voordat ze van bil gaan.

Ik vind die hele scheercultuur helemaal bij deze tijd passen waarin we ‘in control‘ moeten zijn. De evolutionaire functie van schaamhaar en okselhaar is geuren vasthouden en een partner lokken. Maar wie ruikt eigenlijk nog naar zichzelf? Wie durft nog onbespoten een vrouwtje het hof te maken? Voor bijna elk zoogdier staat de geur bovenaan in de selectiecriteria bij zijn partnerkeuze. Wij behoren eerst te sniffen, voordat we kijken.

We zijn bang geworden om te ruiken. Zodra het haar eraf is, moet het lichaam direct een lijfvreemde geur aannemen. De mens als controledier over zijn eigen seksualiteit. Stel je voor dat je ruikt! Geen woeste en onberekenbare seks, maar steriele seks als in een script van een pornofilm.

Het is allemaal zo verschrikkelijk fantasieloos.

De mogelijkheden zouden onbeperkt zijn als we al ons haar zouden koesteren en onderdeel laten uitmaken van onze tut -en paringscultuur. Waarom geen schaamhaarextensions met vlechtjes, de krultang onder de oksels, een gekleurde vetkuif van je oorhaar, een paar leuke bling bling-ringen aan je neusharen of een paar schoenen met een gat waar je teenhaar zo leuk uitkrult?

Als je erover nadenkt, besef je pas hoezeer je beïnvloed bent door je culturele achtergrond en groepsprocessen en hoe weinig vrij iemand is om echt zichzelf te zijn.

Van Wladiwastoc tot Buenos Aires, iedereen hetzelfde. Alles onder controle.

Frans Smeets ziet, buiten zijn vrouw, domrechts als het grootste risico op vroegtijdig overlijden.


Reacties gesloten. Reageren? Mail de redactie.

« home