Frontaal
Naakt
12 november 2011

Chamberlain

Ingrid van Schijndel


Illustratie: Miguelanxo Prado

Bestaat er zoiets als een dictatrice?

I rest my case.

Mannen zijn al een geschiedenis lang fout en niet op de laatste plaats omdat ze vrouwen systematisch uit de geschiedenis hebben geschreven. Vanwege religieuze, economische, politieke of evolutionaire redenen zijn vrouwen geweerd uit de macht. Zij konden zich derhalve niet makkelijk als dictator manifesteren om ergens in een riool, put of grot aan een roemloos en meestal geweldadig einde te komen.

Rest ons een lange kleurrijke geschiedenis aan foute mannen.

Een dankbaar onderwerp.

Ik realiseer me dat in luttele zinnen de kern al benoemd is: Als het gaat over foute mannen, dan gaat het noodzakelijkerwijs ook over macht. Zonder macht kan men weinig fout doen. Want laten we wel wezen, Rita Verdonk en een stalkende ex zijn lastig, maar zij zijn makkelijk met hoon en het label hysterie te verbannen naar een andere grot, een grot waaruit men niet met een nieuwswaardige kogel verlost wordt: die van onaantrekkelijkheid.

En daar is dan punt twee van wat een mens tot de Foute Man kan maken: Aantrekkelijkheid. Charisma. De X-factor.

De belangrijkste accessoire van de Foute Man is macht. Maar hoe hij deze macht in al zijn Foutheid vergaart, is bijkans een raadsel. Er zijn ja-zeggers en faciliterende mensen en instanties om hem heen. Maar waarom zij ja-zeggen tegen evidente ijdelheid, een gebrek aan esthetisch denkkader en visie, domme plannen en machtsmisbruik, zie een Berlusconi, ontgaat ons volledig.

Althans, het hoeft ons niet te ontgaan maar daartoe moeten wij helaas diep afdwalen naar de krochten van onze duistere en irrationele verlangens. En als weldenkende mensen zouden we liever, verbannen in welke grot ook, onze luizen pluizen dan publiekelijk deze zieke verlangens kenbaar maken. Daarover aanstonds meer.

Misschien moeten we eerst een onderscheid maken in diverse categoriën van potentieel Foute Mannen:

– Dom maar fysiek onweerstaanbaar.

– Visionair maar met dictatoriale neigingen.

– Getalenteerd maar destructief. Of:

– Zelfverzekerd vanwege rijkdom of goed nest, losgezongen van de sores die het plebs doorgaans in beslag neemt.

Uit die laatste categorie kwam ik er een tegen toen ik zo’n jaar of 15 was.

Ik schoolde aan een college dat van oudsher de gegoede klasse van het provinciestadje bediende.

Over duistere en irrationele verlangens gesproken.

Ik was links en radicaal en feministisch en aanstonds lesbisch. IJverde voor veel goede emancipatoire zaken. Hij speelde hockey, had puisten, beugel en bril, en lachte me uit in de maatschappijleerles. Hij wist, inherent, dat hij zich dankzij zijn Papa nooit druk zou hoeven maken over geld, een maatschappelijke positie en een goed huwelijk.

Met de ease die dat hem verschafte zoefde hij mij, met al mijn ijver, mijlenver voorbij. Hij zoende op ieder schoolfeest met de mooiste meisjes van de school. Hij had het gelijk aan zijn kant en ik spartelde. Hij stond voor alles wat ik verafschuwde en ik wilde van hem winnen, mijn moreel gelijk halen.

Ik trof hem per ongeluk alleen in de van gras, modder, zweet en puberferomonen doordrenkte kleedkamer aan het einde van een sportdag. “Je wil het weten toch?” vroeg hij, met duivels spottende lach. En ik blufte nog wat, zonder enige overtuiging, terwijl ik richting zijn armen struikelde, viel viel viel, en mij een eeuwigheid minuten lang oefende in zoenen met beugel en onbeteugeld verboden verlangen.

Onduidelijk wie er nu gewonnen had – had hij gebogen voor de feministe of had ik tot mijn grote ongemak genoten van de vijand? – had ik kennis gemaakt met mijn eigen krochten.

Zelfverzekerdheid is een machtig wapen op weg naar het Foute Mannenschap. De meest kritische denkers gaan ervoor door de knieën. Niet dat zij overtuigd raken van een specifiek ander denkbeeld, nee, integendeel en ingrijpender: zij raken vertwijfeld over het fundament van hun eigen denkbeelden.

Een opwaartse spiraal: Zelfverzekerdheid komt vaak voor bij mensen met een positief saldo op de bankrekening bij geboorte. Geld = Macht, en Macht = Aantrekkelijk. Weten dat je aantrekkelijk bent, maakt Zelfverzekerd. Zelfverzekerdheid kent weinig tegenspraak. Enzovoort.

De mensen die nog rationeel in verweer willen komen tegen dergelijke onrechtvaardigheid, gaan alsnog in een muf kleedhok voor de bijl, hoewel zij hierover nooit met een woord zullen reppen.

Waar de Foute Man in de wereldgeschiedenis een evident spoor van destructie achterlaat, trekt hij misschien nog meer sporen in de privélevens van anonieme vrouwen. En mannen, for that matter.

Beatrice Potter – later bekend als ms Sydney Webb, schreef, gevraagd naar haar visie op de economische staat van het land, een kwade brief aan Chamberlain:

Het is een lachwekkende gedachte dat een doodgewone vrouw wordt verzocht de voorstellen van de meest capabele minister van Hare Majesteit te becommentariëren, vooral omdat ik weet dat deze een lage dunk heeft van de intelligentie van zelfs een beter opgeleide vrouw en een afkeer van elke onafhankelijke zienswijze.‘ *

Potter, een slimme econoom, die meer dan wie ook aanspraak kon maken op het ontwerp van de moderne verzorgingsstaat, werd gekweld door haar verlangen naar Chamberlain. De boude brief die ze schreef, was eerder een poging zichzelf te overtuigen van hoe Fout Chamberlain was, dan een mededeling aan Chamberlain: zij zou nooit haar diensten aan hem weigeren en wachtte en wachtte en wachtte op een huwelijksaanzoek, dat nooit kwam.

Vraag de eerste en tweede en derde vrouw die je tegenkomt op de Dappermarkt naar de Foute Man en zij zullen je alledrie vertellen dat ze hem kennen. Dat ze fou furieux verliefd op hem waren, als nooit daarvoor en nooit meer daarna, maar dat hij “onmogelijk” was. Dronk, mishandelde, leefde voor zijn kunst, bindingsangst had, gewelddadig was, hen vernederde, last had van depressies, haar als accessoire bij zijn carrière zag, haar als sloof zag, niet luisterde, notior loog, meer oog had voor de beurs dan voor haar, chronisch overspel pleegde, en haar nooit, nee nooit, met de juiste zorg en liefde zou bejegenen.

Om uit te vissen waar het nu precies snijdt, de verhouding tussen de privé-domein Foute mannen en de Dictators en anderszins evident Foute Mannen die onze geschiedenis kleuren, grijp ik naar een oud bijbeltje:
Fragments d’un discours amoureux, geschreven door Roland Barthes in 1977.

In het vertoog over de liefde, vind ik het hoofdstuk ‘Fou‘, de gekte.

Een mens is waarlijk gek als hij is losgezongen van ieder streven naar macht.

Maar, vraagt Barthes zich af: Ervaart de liefhebber in al zijn gekte niet juist opwinding bij de ervaring van macht? Hoewel onderwerping het streven is van degene die liefheeft, zoekt deze de onderwerping van de ander. Hier is een verlangen naar macht, het ‘libido dominandi‘. Betreft dit niet, net als politieke systemen, een sterk, uitgesproken vertoog?

Met ander woorden: Is de al dan niet “foute” hoofdrolspeler van dit verhaal niet domweg prooi van het verlangen van de machteloze gek?

Zoals de masochist het spel van de sadist bepaalt en in zijn toegeven de grenzen stelt, is wellicht de gek-van-verlangen liefhebber van de Foute Man bepalend voor hoe Fout hij kan zijn.

En als we dan even samen met Barthes optrekken, dan zien we dat dit vertoog niet anders is dan dat van de politieke systemen die ons omringen.

Omdat ze mooi, getalenteerd, visionair of zelfverzekerd zijn verlangen wij naar ze. Opdat ze de leiding nemen, opdat wij ons kunnen koesteren in hun warme zonnestralen. Dat ze dan ook dom, dictatoriaal, of destructief zijn leidt niet tot een kentering in ons verlangen, want in dit verlangen schuilt onze macht. Nee, wij bestempelen het object van ons verlangen nu als Fout en verlangen er niet minder om.

Ik denk aan Kolonel Khadaffi. Ik was een jaar of tien en had wel gelezen in 1001 Nacht. De sjaal, de jurk, de jaren ’70 zonnebril slee-model op onze korrelige zwart wit televisie… Ik vond hem spannend.

Nog vóór de hete kus met de werkelijk foeilelijke, verwaande, Foute hockeyjongen, wist ik al waar de macht zat en waar mijn macht lag.

Het is pas in het opmaken van de rekening van ons eigen verlangen dat deze of gene man Fout wordt.

*) Zie Sylvia Nasar, Grand Pursuit – Simon & Schuster, New York 2011.

Ingrid van Schijndel is dramaturg en oprichter van Gewaagde Zaken, toko voor dichters, denkers en parfumeurs, boksers, dansers en trapezista’s.


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home