Naturisme
Peter Breedveld

Het verschil tussen naturisten en niet-naturisten is nergens zo duidelijk zichtbaar als in het recreatiegebied Vlietland in Leidschendam. Wie daar op een mooie zomerdag vanaf het parkeerterrein naar de naturistenweide aan het water loopt, passeert eerst de bomvolle ligweide voor ’textilisten’, waar de mensen bijna op elkaars handdoek liggen, radio’s op volle sterkte door elkaar heen schallen en een deel van de scooterjeugd elkaar door middel van luidruchtig haantjesgedrag probeert te imponeren. Na afloop van een drukke dag lijkt het er wel een vuilnisbelt, zoveel rotzooi ligt er op het gras.
Bij de naaktrecreanten heerst daarentegen rust. Het is er schoon. Deze hete zomermiddag zijn er enkele honderden mensen. Die laten zich niet weerhouden door alarmerende berichten over het zwemwater in Zuid-Holland. “Naturisme betekent voor mij dat ik me in vrijheid zonder kleren kan bewegen”, zegt de 39-jarige Yvonne uit Voorburg die met haar dochters Anne (8) en Sarah (6) een dagje Vlietlanden doet. Haar achternaam wil ze niet in de krant, want hoewel ze er geen geheim van maakt naturiste te zijn, heeft ze ook weer geen zin om er straks door Jan en alleman steeds over te worden ondervraagd.
Yvonne komt al jaren op de naturistenweide van de Vlietlanden vanwege de rust en de tolerantie. “En omdat hier niet zoveel zand is”, voegt Anne toe. Minpuntjes zijn voor Yvonne de ‘gluurjeugd’, die regelmatig in groepjes over het terrein banjert.
Er zijn meer mensen die zich aan gluurders storen. Een Leidse mevrouw vertelt hoe ze er eerder op de dag nog één wegstuurde. “Hij zei tegen me dat hij alleen maar zat te genieten”, zegt ze. “Ik zeg: ‘Dat geloof ik graag, ga jij maar naar het geklede strand, daar kun je ook genieten’.”
Zij en een paar andere vaste, vrouwelijke bezoekers hebben een soort brigade gevormd die gluurders en perverselingen, die in het openbaar seks bedrijven, aanspreekt op hun gedrag. “Want de politie houdt hier nauwelijks toezicht”, moppert ze.
Perverselingen zorgden vroeger nog wel eens voor overlast, maar de laatste tijd niet meer, menen vaste bezoekers Piet en Marijke (beide 39) Het echtpaar komt al twaalf jaar op Vlietland en volgens Marijke is hier nog sprake van het ouderwetse naturisme, met respect voor elkaar en voor de natuur. “Hier zijn geen radio’s, barbecues en patattenten”, zegt ze. “Je kunt hier rustig je portemonnee laten liggen, niemand komt er aan. De mensen zijn hulpvaardig en sociaal.”
Marijke is naturistisch opgevoed en heeft geconstateerd dat op veel andere naturistenterreinen de verloedering is doorgedrongen. “Zoals mensen hun kinderen tegenwoordig aanspreken, die verruwing, dat kwam je in mijn jeugd op de naturistencamping niet tegen”, aldus Piet. Maar ook op Vlietland is de normvervaging niet uitgebleven, stelt ze vast. Bezoekers laten nog wel eens sigarettenpeuken achter in het gras. Haar dochter Bloem (8) klaagt over geklede mensen die in bootjes vlak langs het strand varen om te gluren. “Dat vinden we niet leuk.”
Iedere bezoeker van de naturistenweide die je het vraagt, zal een lofzang beginnen op het wederzijdse respect onder naturisten. Zo ook Annelies (41), die hier met haar vriendinnen Ria (49) en Lilia (37) en hun dochter Iris (6) is. “Naturisten accepteren elkaar zoals ze zijn”, aldus Annelies. “Ze beoordelen elkaar niet op het uiterlijk”, meent Lilia. Dat is in Brazilië, waar zij vandaan komt, wel even anders.
De 28-jarige Rana heeft spierwitte borsten en billen, die fel contrasteren met de rest van haar gebruinde lichaam; duidelijke aanwijzing dat ze nooit eerder aan de zon zijn blootgesteld. Rana is dus een beginnende naturiste. Zij komt uit Syrië, waar naturisme een absoluut taboe is. Voor de tweede keer in haar leven doet ze aan naaktrecreatie, maar een hele bijzondere ervaring is het voor haar niet, zegt ze. Ze haalt haar schouders op: “Ik wil gewoon egaal bruin worden.” Rana is moslim en weet dat de koran gelovigen verbiedt in het openbaar naakt te zijn, maar daar heeft ze geen boodschap aan. “Ik geloof niet dat God dat belangrijk vindt.”
Dit artikel is eerder gepubliceerd in De Haagsche Courant.





RSS