Frontaal
Naakt
18 oktober 2013

Over Jezus

Thomas Colignatus

hal1
Illustratie: Donald ‘Rusty’ Rust

Jona Lendering heeft aangekondigd dat hij aan een boek over Jezus werkt dat hij in de komende paar jaar hoopt te laten verschijnen. Lezers van zijn weblog worden op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen. Wie Jona een beetje kent kan nauwelijks wachten tot het af is. Jona weet ongelooflijk veel over de oudheid en paart nuchterheid aan creatieve inzichten. Na Jona zal ons begrip van Jezus niet meer hetzelfde zijn. We mogen hopen op een grotere impact dan bij de Jezus van Paul Verhoeven of het bijbel-boek van Marcel Hulspas.

Mijn eigen boek De eenvoudige wiskunde van Jezus (2012) verscheen vorig jaar. Hier ben ik teleurgesteld dat de impact nog zo gering is. Ik verkeer natuurlijk niet in de spraakmakende kringen voor geschiedenis en theologie zoals Verhoeven, Hulspas of Lendering, maar ik kies wel een ongebruikelijke invalshoek. Volgens mij heb ik iets te pakken dat voor het begrip van religie in het algemeen en het christendom in het bijzonder belangrijk is. Hoe dat zit, kun je het beste begrijpen door De eenvoudige wiskunde van Jezus inderdaad te lezen.

Jona’s boek is nog niet af dus laat ik drie punten aanstippen waarover hij op zijn website heeft geschreven. Misschien kan hij daar nog iets mee.

1. Besnijden of dopen

Jona wijdt drie columns aan het verschil tussen het aloude joodse geloof en het nieuwe christendom van met name Paulus. Hij bekent eigenlijk niet te begrijpen hoe het zit: “Zo komt de vraag op waar het verschil dan zit – of, iets preciezer gezegd, wat het verschil is volgens Paulus. Ik beken dat ik op dit moment moeite heb met de materie, die betrekkelijk nieuw is voor me. (…) Kortom, ook al heb ik niet het gevoel de discussie werkelijk in de vingers te hebben gekregen (…)”.

Volgens mij is het cruciale verschil dat joden besnijden en dat de christenen van Paulus overgingen tot dopen, opdat hun kerkgemeenschappen ook toegankelijk werden voor Grieken en Romeinen die besnijden een barbaars gebruik vonden. Wanneer je vervolgens verschillende gemeenschappen hebt, ontstaat daarboven ook weer een theologische laag, waarbij de joden bijvoorbeeld het Nieuwe Testament niet erkennen. Het lijkt me echter onjuist om het diepe verschil te zoeken in deze theologische fijnproeverij (bijv. omdat Paulus ook nog niet de beschikking had over dat Nieuwe Testament).

2. De historische Jezus

Een kernvraag is of Jezus wel of niet bestaan heeft. Dat wil zeggen als historische persoon. Of Jezus ook de zoon van God was, kunnen historici natuurlijk niet beoordelen. Jona schrijft over de ‘historische Jezus’ alsof die inderdaad bestaan heeft en verwijst daarbij naar het boek van John P. Meier, A Marginal Jew. Rethinking the Historical Jesus.

Mijn bevinding is echter dat we waarschijnlijk nooit zullen weten of Jezus wel of niet bestaan heeft. Het verleden lost op in een mist, en er is te weinig bekend. Ik heb Meiers boek niet gelezen want ik vond de kritische evaluatie door Gary Goldberg. Het gaat hier met name om de wijze waarop Meier omgaat met het zogenaamde Testimonium Flavianum.

Met deze naam wordt de korte tekst aangeduid die de historicus-propagandist Flavius Josephus rond het jaar 80 na Christus over de sekte der christenen schreef. De kernvraag is of Josephus uit eigen ervaring schreef en zo een onafhankelijke bron is, of dat hij zich baseert op teksten van de christenen zelf.

Cirkelredenering

Goldberg ziet veel parallellen tussen het Testimonium en het verhaal van de Emmausgangers. Het één kan op het ander gebaseerd zijn, of andersom. Het valt op dat Meier alle details weglaat waarover gemakkelijk controverse kan ontstaan, plus dat hij laat staan dat Jezus bestond en door Pilatus is veroordeeld tot het kruis. Hierdoor zou zijn vastgelegd dat Jezus historisch was.

Jezus’ claim dat hij de zoon van God was, is een andere. Maar, tenminste zou er een Jezus zijn. De aanpak van Meier is dubieus. Goldberg meent dat Meier een cirkelredenering heeft, en dat komt bij mij geloofwaardig over. Meier veronderstelt dat Josephus geen christelijke teksten gebruikte, maar zoiets lijkt me onbewijsbaar. Meier concludeert dan dat hij een onafhankelijke historische beschrijving geeft. Zijn conclusie is ook zijn veronderstelling, en dat kan natuurlijk niet. Echter, Jona acht Meiers reconstructie definitief: This article settles the matter.” Maar Jona lijkt dus nog geen rekening te houden met Goldberg.

3. Deisme, agnosme of atheisme

Meier is een priester en een gelovig mens, en heeft de verleiding om wetenschap en geloof te verwarren dus niet kunnen weerstaan. Er zijn hier vervolgens allerlei misverstanden en vogels van allerlei pluimage. Zo zijn er ook felle atheïsten die alle geloof in “bovennatuurlijke” verschijnselen bestrijden – wat ook weer niet helemaal logisch is.

Van belang is immers ook de wiskundige abstractie. In de wiskunde is een cirkel een abstracte notie die niet in de tastbare of zichtbare werkelijkheid te vinden is. Op dezelfde wijze zou je een “ziel” kunnen opvatten als zoiets abstracts, en ligt de weg open om daarin een systematiek of geloof te ontwikkelen. Persoonlijk zie ik daarin vooralsnog weinig in, want van een abstracte cirkel is mij wel duidelijk hoe dit voor concrete vragen nuttig is, maar voor een abstracte “ziel” zie ik nog geen concrete toepassingen. Maar mensen zijn natuurlijk vrij om te kijken of deze abstractie tot iets leidt.

Een belangrijk inzicht is dat het bestaan van (een) god nooit wetenschappelijk bewezen of weerlegd kan worden. Er is geen experiment dat hier iets kan aantonen, want er is altijd wel weer een verklaring te vinden dat naar het resultaat toeredeneert. Wie zoekt naar een goede definitie voor (een) god komt eigenlijk uit bij het resultaat van Spinoza dat er geen verschil tussen god en “de natuur” valt te maken (of ons model van de natuur).

Wetenschappers zijn agnosten

De wetenschappelijke houding is derhalve agnost te zijn (“we weten het niet”). Wetenschappers kunnen ook een persoonlijke mening hebben. Persoonlijk ervaar ik geen geloof in een god, dus mijn persoonlijk geloof is atheïsme. Zulk persoonlijk geloof is in het algemeen niet relevant, behalve dat je het kunt melden opdat anderen alert kunnen zijn op mogelijke oneigenlijke invloed op je wetenschappelijke bijdragen.

Over deze aspecten heb ik op de website van Jona nog niets gevonden, maar mogelijk heb ik niet goed gezocht. Het lijken me wel nuttige inzichten over wetenschap en geloof, agnose of atheïsme, abstractie of concreetheid.

Thomas Colignatus (1954) is econometrist en leraar wiskunde. Zijn boek De eenvoudige wiskunde van Jezus ligt niet in de boekhandel maar is wel beschikbaar op internet.


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home