Echte Vrijheidsstrijders
Peter Breedveld

Mijn opa en oma hebben de oorlog bewust meegemaakt, en toen hebben ze wel eens Echte Vrijheidsstrijders ontmoet. Echte Vrijheidsstrijders streden voor de vrijheid om te zeggen, schrijven, lezen en horen wat je maar wilde. Echte Vrijheidsstrijders geloofden zelfs in de vrijheid om te denken wat je maar wilde, en om te zijn wie je wilde, of wie je gewoon was. Dat was toen helemaal niet vanzelfsprekend, want er werden in die dagen mensen opgepakt en vermoord omdat ze waren wie ze waren, en dat was tegen het zere been van de Echte Vrijheidsstrijders. Die hielden daar helemáál niet van.
Echte Vrijheidsstrijders wilden dus geen boeken verbieden. Boeken verbieden was iets voor Nazi’s, en daar streden de Echte Vrijheidsstrijders juist tegen.
Echte Vrijheidsstrijders begrepen natuurlijk wel dat niet elke Duitser een Nazi was. Zij waren niet imbeciel, die Echte Vrijheidsstrijders. En Duitsers mochten van hen ook best trots zijn op hun cultuur. Daar was immers alle reden toe. Duitsland heeft Goethe voortgebracht, en Beethoven, en de Katzenjammer Kids. En als iemand daarop wees, gingen Echte Vrijheidsstrijders niet hysterisch blèren dat zo’n trotse Duitser een stiekeme Nazi was, of een Nazi-apologeet.
Echte Vrijheidsstrijders gingen niet op hoge toon van elke Duitser eisen dat hij afstand nam van het Nazi-gedachtegoed, en zich overgaf aan de zegeningen van de rijke Hollandse cultuur. Duitsers hadden in hun eigen land al genoeg geleden van de gedachtenpolitie, wisten de Echte Vrijheidsstrijders. Echte Vrijheidsstrijders vonden zichzelf beter dan Nazi’s, en handelden daar ook naar.
Echte Vrijheidsstrijders hingen geen leugenverhaaltjes op over niet bestaande passages in het werk van Goethe, of in Die Ring der Nibelungen, waarin het Nazisme zou worden gepropageerd. Ze misbruikten hun hoogleraarstitel niet om mensen tegen Duitsers op te zetten, onder het mom van wetenschap. Daar waren Echte Vrijheidsstrijders te fatsoenlijk en te integer voor.
Echte Vrijheidsstrijders maakten geen mensen verdacht, omdat ze weigerden mee te doen aan de hetze tegen Duitsers. Ze rekenden hun boodschappen gewoon af bij een Duitse caissière, als ze die toevallig troffen. Dat was geen enkel probleem voor de Echte Vrijheidsstrijders.
Echte Vrijheidsstrijders gruwden van het kaalscheren van zogenaamde ‘moffenhoeren’, door zogenaamde vrijheidsstrijders die zich de hele oorlog gedeisd hadden gehouden – want rotzooi met de Nazi’s daar had je niks an -, maar die zich na de oorlog ontpopten als stoere verzetsmannen en – vrouwen, die best wel iemand durfden te mishandelen als die niks kon terug doen. En die nog tientallen jaren na de oorlog heel dapper naar elke Duitse toerist riepen dat ze hun fiets terug wilden. Met dat loze gebral hadden Echte Vrijheidsstrijders niet zoveel.
Nu een raadseltje: welke virulent antisemitische kerk sloot een verbond met de fascisten van Mussolini en met de Nazi’s, en gaf haar volgelingen de opdracht gehoorzaam te zijn aan Hitler?
Zelfislamiseerder Peter Breedveld doet zijn lezertjes de groeten vanaf een zonovergoten en hedonistisch La Jenny.





RSS