Ramadan (2)
Peter Breedveld

De collega’s van een vriendin van mij zijn bijna allemaal moslim. Zij is er één van de ‘niet-moslims’, een aanduiding waar ze vreselijk de schurft aan heeft. Steeds als iemand het op haar werk heeft over ‘niet-moslims’, maakt ze er ruzie over, maar daar laten haar collega’s zich niet veel aan gelegen liggen, want ze laten weinig kansen voorbijgaan om haar eraan te herinneren dat ze ‘niet-moslim’ is.
Deze ramadan vonden de moslims het weer eens tijd voor een stukje grensverleggende dialoog in het kader van de integratie en zo. Ze lieten haar, bij monde van een woordvoerder, weten dat zij zich op haar werk ook van eten en drinken diende te onthouden tijdens de vastenmaand.
“Dat is prima”, zei mijn vriendin gedecideerd, “maar op één voorwaarde.” De moslimse woordvoerder fronste zijn wenkbrauwen. Misschien was hij geamuseerd. Kijk nou, wat schattig, de niet-moslim heeft een voorwaarde. Of anders was hij misschien geïrriteerd. Wat krijgen we nou? Voorwaarden? Zie je nou? Als je ze één vinger geeft, die niet-moslims… Hij zei: “en die voorwaarde is…?”
“Ik eet en drink hier de hele ramadan niet, als jullie straks met kerst naar mijn ouderlijk huis komen voor het kerstdiner en dan ook varkensvlees eten en wijn drinken.”
De woordvoerder sperde zijn ogen wijd open. Of misschien kneep hij ze samen tot spleetjes. Pas nu ik dit opschrijf, realiseer ik me dat ik naar allerlei belangrijke details niet heb gevraagd, toen de vriendin mij dit verhaal vertelde. In ieder geval zei hij: “Maar wacht es effe, zó werkt dat niet.”
Mijn vriendin antwoordde dat het zo natuurlijk wèl werkt, dat als je wat toegeeft of opgeeft aan de ander, het heel redelijk is van de ander om in ruil daarvoor ook iets toe of op te geven. Maar de werkelijkheid is dat het voor veel moslims inderdaad niet zo werkt en de woordvoerder trok zich verongelijkt mompelend terug om te overleggen met zijn broeders en zusters.
Deze ramadan zullen er door overheden, maatschappelijke organisaties en kerken in samenwerking met moslimorganisaties weer veel iftars worden georganiseerd, gretig bezocht door de vele goedbedoelende niet-moslimse Nederlanders, en ongetwijfeld zal de gelegenheid vaak te baat worden genomen om stelling te nemen tegen Geert Wilders. Maar zolang er nog moslims zijn die, zodra je na de zoveelste schrille noot op hun zang voorstelt eens kennis te nemen van de niet-islam, verongelijkt mopperen dat ‘dat niet zo werkt’ – en ik moet zeggen dat ik vaak het idee heb dat die moslims een meerderheid vormen binnen de moslimgemeenschap – blijven die woorden van anti-Wildersprotest wat vrijblijvend gebazel.
Want Wilders is er niet zomaar gekomen. Wilders is het resultaat van een jarenlang offensief tegen de niet-moslims, van wie werd geëist dat ze hun boekenkast zuiverden, hun politici, columnisten en cartoonisten vervolgden, aanstootgevende kunst van de muur haalden, hun wetenschappelijke publicaties censureerden, christelijke symbolen verwijderden, de geschiedenislessen op school aanpasten, de wijn van tafel haalden, zelfs een aantal elementaire fatsoensregels offerden enzovoort enzovoort enzovoort. Een dwarse columnist werd, met instemming van een groot deel van de vertegenwoordigers van de intellectuele elite, de keel afgesneden en één van de meest integere en beschaafde politici die Nederland ooit heeft gekend, werd het land uitgejaagd.
Van de weeromstuit is er een groot aantal niet-moslims die het al rood voor ogen ziet als ze een gehoofddoekte vrouw zien, of de halal-afdeling bij de Albert Heijn. Niet fraai, maar het komt ergens vandaan. Je kunt je natuurlijk blijven verbazen over de zwammen, die uit je vensterbank groeien, maar waar het op neerkomt, is dat je hebt verzuimd het broodnodige achterstallige onderhoud aan je huis te doen. Geert Wilders is de schimmel die je onvermijdelijk krijgt na langdurig verwaarloosde vochtvorming.
De afgelopen jaren hebben niet-moslims tijdens de ramadan hun beste beentje voorgezet door braaf bij de iftars aan te zitten. Deze ramadan wil ik erop wijzen dat niet-moslims óók heel gezellige feesten hebben, geen uitputtingsslagen zoals de ramadan, en dat het leuk zou zijn als moslims ook dáár eens kennis van nemen.
Lees hier de eerste aflevering van deze serie. Peter Breedveld begrijpt trouwens niet dat de moslims hun belangrijkste maand vernoemen naar een mislukte bruggenbouwer.





RSS