Dode kinderen
Peter Breedveld

Weet u wat een ramp is? Jaarlijks tachtigduizend mishandelde kinderen in Nederland, dát is een ramp. Ouders die hun kinderen vermoorden terwijl Jeugdzorg toekijkt, dát noem ik een ramp. Het Limburgse Bureau Jeugdzorg, dat in NRC Handelsblad van 21 december zegt dat we rekening moeten houden met vijf vermoorde kinderen per jaar, omdat ze nou eenmaal niet alle kinderen kan redden een regelrechte ramp. Dat het dus blijkbaar al dwaas wordt gevonden om te stréven naar nul vermoorde kinderen.
Begin december werd een vijfjarige jongen vermoord door zijn geestelijk gestoorde moeder. De jongen was veilig bij een pleeggezin, maar Jeugdzorg had bepaald dat de jongen twee dagen per week op bezoek moest bij zijn moeder. Dat moest van de kinderrechter, zei Jeugdzorg. Daarom negeerde ze de waarschuwingen van de pleegouders van de jongen, dat het met zijn moeder heel slecht ging. Tegen de pleegouders én de politie had de moeder herhaaldelijk gedreigd een einde aan haar leven te maken, maar ook dat nam Jeugdzorg niet serieus. Jeugdzorg verklaarde zelfs dat er geen signalen’ waren dat een dergelijk drama kon gebeuren.
En natuurlijk was er weer een UvA-professor in Nova, die zei dat Jeugdzorg niets te verwijten was, want alle procedures waren immers keurig gevolgd? Er is altijd zo’n professor die zich zichtbaar ergert aan al die domme mensen, die zonder verstand van zaken maar wat lopen te schreeuwen. Jeugdzorg moet zich aan de regels houden, en de kinderrechter had een bezoekregeling bepaald, dan kan Jeugdzorg niets doen.
Een weerloze jongen en een geestelijk volkomen gestoorde moeder, die nota bene dreigt een wanhoopsdaad te begaan. Bij iedereen met twee werkende hersencellen gaan alle alarmbellen rinkelen, maar Jeugdzorg kan niets doen. Want ja, de kinderrechter, hè?
Ik ben ook zo’n domme stuurman die aan wal een beetje emotioneel staat te schreeuwen. Ik ben geen bestuurskundige, ik weet niets van recht. Maar dit meen ik te weten: dat regels en procedures er zijn om ons te beschermen en niet als alibi voor autoriteiten die geen verantwoordelijkheid willen nemen. Voor de jeugdzorgwerkers is het blijkbaar een grote opluchting dat de vijfjarige Apeldoornse jongen geheel volgens de geldende procedure is vermoord.
Wat is er toch van ons geworden? Er zijn zoveel regels en procedures, alles is juridisch zó dichtgetimmerd, dat we geen mensen meer durven of misschien zelfs kúnnen zijn. Ingrijpen omdat je aan je eksterogen voelt dat het nodig is, is er niet meer bij. Dat is domme emotie en daar komt maar ellende van. We schuiven onze verantwoordelijkheden af.
Er is goed nieuws: de voogd van het vermoorde meisje Savanna wordt vervolgd. Natuurlijk schrikken ze zich het leplazarus bij Jeugdzorg. We zijn vogelvrij! Welnee, je wordt gewezen op je verantwoordelijkheid als mens. Wij zijn allen ons broeders hoeder. Regels stellen ons in staat om onze medemens te redden, niet om onze handen van hem af te trekken.
Dat is mijn oproep aan de toekomstige bestuurskundigen die dit lezen: het is tijd voor een Renaissance in de bestuurskunde. De mens moet weer centraal komen te staan, in plaats van de procedure.
Column voor het blad Bestuurskundige Berichten, ‘semi-wetenschappelijk’ tijdschrift van de Bestuurskundige Interfacultaire vereniging Leiden.





RSS