Strangers on a train
Peter Breedveld
In de trein van Amsterdam naar Den Haag kwam ik van de week bij drie Marokkaanse meiden te zitten. Ze waren heel luidruchtig, in de weer met mobiele telefoons waar keiharde ingeblikte popmuziek uit klonk en onderwijl tutten ze met hun haar en met make-up. Wat vindt u van mijn haar, meneer? vroeg het meisje naast me een beetje pesterig. Ze keek me recht aan, haar gezicht vlakbij dat van mij. Ze had prachtig dik, zwart haar en dat zei ik. Dat leek ze enigszins te kalmeren. De telefoons gingen uit en ze gingen kwebbelend verder met tutten.
Ik pakte mijn boek uit mijn tas (Eva van Carry van Bruggen) en wilde gaan lezen maar trok daarmee onmiddellijk weer de aandacht van mijn buurvrouw. Leest u boeken, meneer? Wat leest u? Ik lees ook wel eens boeken. Jackie Collins, kent u die? Ik zei dat ik wel wist wie Jackie Collins was, maar dat ik nooit iets van haar had gelezen. Echt niet?! riep het meisje. Jackie Collins is echt heel erg goed, verklaarde haar vriendin, die tegenover me zat. Ze deed haar ogen half dicht, tuitte haar lippen, wiegde haar bovenlichaam en zei: Jackie Collins schrijft over hoe je mannen moet gebruiken, hoe je ze helemaal gek kan maken en dan weggooien. Je kan mannen helemaal gek maken met je lichaam, weet je dat?”
Ik zei dat dat helemaal nieuw voor me was, dat vrouwen mannen gek kunnen maken. Was dat echt zo? Tjonge zeg. Die vrouwen toch. Ik zei: Dat klinkt romantisch. Dus dat is wat je wilt, mannen gebruiken en dan weggooien? Ze antwoordde ja. Mannen gebruiken ons toch ook? Ze zijn alleen maar in ons geïnteresseerd voor de seks. Seks en geld. Een jongen heeft laatst geld van me gestolen, weet je dat? Hij heeft gewoon mijn geld gestolen!
Ik voelde me nu geroepen het voor mijn seksegenoten op te nemen. Jullie gaan met de verkeerde mannen om, zei ik. Niet alle mannen zijn zo. Nee, zei mijn buurvrouw. Ik zou wel willen trouwen met een Nederlandse man, maar de Nederlandse jongens op mijn werk zien me niet eens staan. Ik zei dat ik me dat niet kon voorstellen. Ze was namelijk erg mooi (de andere twee waren ook aantrekkelijk, maar deze was echt bloedmooi). Misschien zijn ze een beetje geïntimideerd door jouw grote mond. Ze keek me vorsend aan.
Ik heb een fantasie, zei ze toen. In die fantasie ben ik op een groot, groen grasveld, het is prachtig weer en er loopt een jongen keihard van me weg. En dan heb ik hier en hier hierbij wees ze naar haar heupen twee uzi’s en die richt ik op die jongen en dan RATATATATA! en met een bazooka zo hierbij deed ze alsof ze een bazooka op haar schouder aanlegde BOEM! blaas ik m zo weg! Net als Lara Croft in Tomb Raider. Kent u Tomb Raider? Dat zal ze leren, die mannen. Mannen zijn klootzakken. Vrouwen moeten de baas van de wereld worden en dan zullen we die mannen eens een lesje leren! Vrouwen de baas!
We hadden nu de aandacht van de hele, overvolle treincoupé. Ik zei: Ik heb een goed plekje uitgekozen en om me heen klonk gegrinnik. Ze kregen er nu echt zin in. Althans, mijn buurvrouw en overbuurvrouw. De derde keek me af en toe aan met een licht gegeneerde blik, van laat maar lullen, ze zijn gek’. Toen haar vriendin begon te schreeuwen dat vrouwen de baas van de wereld moeten worden, liet ze echter wel even een instemmend geluid horen.
Hebt u kinderen? vroeg mijn buurvrouw opeens. Ik zei dat ik er vier heb. Ze sperde haar ogen wijd open van verbazing. Hebt u geen zoon om met mij te trouwen? Ik zei dat mijn oudste zoon elf is, een beetje jong nog, om te trouwen. Weer sperde ze haar ogen wijd open. Dan bent u hoelang getrouwd? Twaalf jaar? Ik zei dat ik pas dit voorjaar ben getrouwd. O ja, bij jullie kan dat, zei ze. Wij mogen geen seks voor het huwelijk.
Jullie? Wij? vroeg ik heel politiekcorrect verontwaardigd. Wat bedoel je, wij’? Nou, wij Marokkanen, natuurlijk, zei ze. Ze vertelde dat ze geen zin had om met een Marokkaan te trouwen. Marokkaanse jongens willen dat je een hoofddoek gaat dragen, dan gaan ze je dik maken en nog een keer en nog een keer en dan moet jij thuisblijven om voor de kinderen te zorgen en eten te koken! Ze begon nu als een bezetene heel driftig te ratelen, overigens zonder de spottende twinkeling uit haar ogen te verliezen. Terwijl hij zich de hele dag staat op te geilen bij al die vrouwen in die korte rokjes! Die bukken dan voor hem en schudden met hun kont en het maakt voor hem allemaal niet uit, als er maar een gat in zit! Nou, niemand gaat voor mijn man bukken en met d’r kont schudden, als je dat maar weet!
En dat is bij Nederlandse mannen dus niet, wist ze. Bij jullie zijn man en vrouw gelijk. En daarom wilde ze een Nederlandse jongen om mee te trouwen. Mijn overbuurvrouw wilde wel een Marokkaan, of misschien een Turk, en alleen een Nederlander als die heel knap was. Maar een lelijke Marokkaan is wel oké? grapte ik. Natuurlijk niet! Maar Marokkanen zijn wel veel beter gekleed.
Hé meneer, zei mijn buurvrouw, hoewel ik al een paar keer had gevraagd eens op te houden met dat gemeneer. Weet u hoe ik een man zo gek kan maken dat hij met me gaat trouwen? Wat een rare gedachte, zei ik, dat een man in een soort staat van verstandsverbijstering zou moeten verkeren om met jou te trouwen. Dat is toch ook zo? zei mijn overbuurvrouw. Mannen willen toch niet trouwen? Ze willen allen maar seks. Niet dat zij geen seks wilde. Ze dacht de hele dag aan seks, bekende ze. Ik word er gek van, want ik mag het niet voordat ik getrouwd ben. Ik vroeg of ze daarom snel wilde trouwen. Ze zei ja.
Dat ging nog een tijdje zo door, tot groot vermaak van onze medepassagiers. Mijn buurvrouw vroeg me of ik al aan scheiden dacht, en of ik ook wel eens was gekwetst. Natuurlijk, zei ik. Echt?! zei ze met ongeloof in haar stem. Pijn hoort erbij, zei ik. Maar dat maakt de gelukkige momenten nog mooier. Ik voelde me een ouwe lul, maar zij vonden dat heel mooi. Mijn buurvrouw vroeg waar ik op gestemd had. Op de PvdA? Echt? Dankuwel, meneer! Dan krijg ik meer studiefinanciering!
We kwamen in Den Haag aan, mijn eindbestemming. Tot mijn enorme spijt, moet ik bekennen. Doet u de groeten aan uw vrouw? riep mijn (nu ex-)buurvrouw me na. Een prettig leven verder!
Op het perron werd ik aangesproken door een vrouw. Weet je dat ze bezig waren met iedereen ruzie te maken totdat jij binnenkwam? zei ze. Toen kalmeerden ze opeens (ik probeerde me voor te stellen hoe luidruchtig ze dan wel moesten zijn geweest, als ik ze in gekalmeerde’ toestand had meegemaakt). Ik weet niet hoe dat komt. Misschien was het jouw openhartigheid.
Ik dacht: ‘Zo’n verwerpelijk mens ben ik dan toch ook weer niet’.






RSS