Frontaal
Naakt
21 april 2006

Huwelijksaanzoek aan Raja en Samira

José Carmo da Rosa

Kousen00 (73k image)

Lieve Raja en Samira, ik heb het interview in Trouw van 1 februari gelezen dat jullie aan Seada Nourhussen gaven en wil best proberen jullie beiden te verlossen van dit duivelsdilemma: een man willen hebben, niet willen, toch wel willen maar….

Jullie zeggen, ‘als moderne hoogopgeleide moslima’s’, nogal moeite te hebben om aan een Marokkaanse man van jullie kaliber te komen’. Ik begrijp het probleem, maar het dunkt mij dat mensen niet uitsluitend op grond van ras en kaliber gekoppeld worden!

Jullie maken bovendien een denkfout: Als jullie bedreigend, zelfs eng, bij Marokkaanse mannen overkomen, betekent dit dat de arme sukkels (nog) niet geëmancipeerd zijn, of zij zijn simpelweg niet van jullie ‘kaliber’, of zelfs allebei.

Een paar alinea’s verder geven jullie dit expliciet toe: ‘een Marokkaanse (…), als puntje bij paaltje komt, zal kiezen voor een onderdanige vrouw.’; ‘Volgens Felgata komt dat ook door de druk van de familie, vooral de moeders’; ‘ik vind jou geweldig, maar met een vrouw als jij kan ik niet bij mijn moeder aankomen.’

Ik vraag me af welke (geëmancipeerde) man doet wat zijn moeder zegt? Ik ben niet het toppunt van emancipatie, maar op mijn twaalfde luisterde ik al niet meer naar mijn moeder, laat staan naar mijn familie. Ik lieg. Ik hou me nog stipt vast aan de wijze woorden van mijn oma: jongen, wie niet van rode wijn houdt, houdt niet van God… Maar dat is het enige.

Een andere denkfout die m.i. tot veel misverstanden in jullie mannenkeuze kan leiden, wordt impliciet weergegeven in deze zin: “Hoe geëmancipeerd en hoogopgeleid een Marokkaanse man ook is, als puntje bij paaltje komt, zal hij kiezen voor een onderdanige vrouw.”

Maar een man, Marokkaan of wat dan ook, die zijn voorkeur laat vallen op een onderdanige vrouw, is a-priori niet erg geëmancipeerd, of hij wil, ongestoord, zijn vrijgezellenleventje voortzetten. Dit is, in eerste instantie, niet een onaangenaam perspectief, moet ik toegeven. Maar wat hij vooral wil, is een lopend multifunctioneel huishoudapparaat in huis hebben en geen partner. Dit is, ook volgens de WRR, een respectabele keus, maar een keus die geen enkele rekening houdt met wat de vrouwelijke partner wil. Daar is nooit over nagedacht… En dat is jammer, want vrouwen, vooral het hoogopgeleide geëmancipeerde segment, bieden een niet te versmaden keur aan voordelen die het leven van een man (óók de Marokkaan) kunnen veraangenamen.

Haar enorme cognitieve vaardigheden stellen haar in staat ingewikkelde plotten van Engelse ‘whodunits’ of de nieuwe pensioenwet aan ons (mannen) uit te leggen, of de kaart te lezen tijdens een autorit. Tijdens het eten interessante onderwerpen aansnijden, zoals: islam en homoseksualiteit; Jens Lehmann vs Oliver Kahn; is de WRR wel wetenschappelijk? is Seedorf tijdens de WK in Duitsland bereid géén penalty’s te nemen?

Ook het feit dat ze rationeel ingesteld is, staat garant voor een goede verstandhouding en harmonie binnen het gezin. Ik verklaar me nader: Aangezien bij haar de ratio overheerst, is praktisch alles bespreekbaar: ‘Schat, zal ik volgend weekend met je zus naar Parijs gaan, je heb toch die sportdag met je collega’s van kantoor?’ ‘Ja, doet dat maar, dat zal ze leuk vinden.’ Maar ze kan ook antwoorden, en dat doet ze dan zonder haar stem te verheffen, zonder te vervallen in ordinaire mediterrane melodrama’s: ‘Nee, dat lijk me geen goed idee, daar komt alleen maar trammelant van’. Oké, geen man overboord. Met een beetje fantasie….. kan je je altijd bedrinken in je stamkroeg! Het gezin is even niet samen, maar wel gelukkig.

Maar na dit kort exposé, over hoe ik een relatie met een hoogopgeleid geëmancipeerde vrouw zie, wil ik, als jullie mij toestaan, ter zake komen. Ik heb reeds van jullie beiden wat artikelen zit te lezen, foto’s bekeken en, als ik zo vrij mag zijn, ben ik tot deze conclusie gekomen: niets mis mee, wat kaliber betreft… De leeftijd. Raja is 30 en Samira 26, totaal 56. Ik ben 54. Over die twéé jaartjes verschil ga ik niet moeilijk doen.

Mijn mindere kant:
‘Een mentaal orgasme’ – zoals jullie zo mooi zeggen – kan ik natuurlijk op mijn leeftijd niet dagelijks meer opbrengen, zelfs niet een orgasme ‘tout court’, maar dat blijft tussen ons. Ik kan ook niet dansen, wel squashen. Ik ben ook niet hoogopgeleid (helaas bleef ik, in mijn middelbare school periode, maar al te vaak hangen achter de tafelvoetbaltafel. Ik kan het nog steeds zeer redelijk! Ik hoop dat ik jullie daarmee een plezier kan doen…) Ik ben ook geen moslim. Ik kan het worden! Nee, ik moet het worden, als ik met jullie twee wil trouwen! En dat wil ik. Een jawoord van jullie en je ziet me terstond de ‘sjahada’ richting Mekka opdreunen.

Mijn beste kant:
Nou, een ‘beetje ondeugend’ ben ik zeker wel, maar ik ken jullie wensen nog niet! ‘Hecht aan zijn identiteit’. Nou, dat is nou mijn sterkste punt. Daar kan geen in Nederland wonende Marokkaan tegenop. Ook niet van de eerste generatie. Kijk, ik woon al 34 jaar in dit land, en nog steeds spreek ik Portugees met een accent uit Porto dat het verkeer doet stoppen. Nederlands spreek ik patriottisch slecht, zoals een buitenlander betaamt, met een vervelend maar herkenbaar accent – zoals Martin Simek. Nooit heb ik boterhammen naar mijn werk meegenomen, en ik heb in dit land (bijna) altijd gewerkt… Inburgeren? geen haar op mijn hoofd die daar aan denkt, die constant aan inflatie onderhevige prietpraat is niet aan mij besteed. Nee, ik draag het ‘buitenlander-zijn’ trots als een geuzennaam. De eerste de beste welzijnswerker die mij medelander, of nog erger, onze Portugeesmens noemt, stuur ik een kogelbrief… Het ‘wij en zij’ is voor mij geen tegenstelling, het is een manier van ademen.

Met veel liefs,

Carmo da Rosa

José Carmo da Rosa is een in Marokko geboren Portugees die in 1972 vanwege de koloniale oorlog tegen Angola, Mozambique en Guinee-Bissau naar Nederland vluchtte. In zijn jeugd was hij Marxist, maar George Orwells Animal Farm en Jung Changs Wilde Zwanen hebben uiteindelijk geleid tot zijn ontnuchtering.

Algemeen