Frontaal
Naakt
16 januari 2007

Bericht uit de Méditerranée

Stoethaspel

model11groot (19k image)
Illustratie: Mirjam Vissers

Laat u niets wijsmaken; emigreren is niet zo eenvoudig als het lijkt. Natuurlijk, je pakt je spullen in en vertrekt. Als je geluk hebt is er een plek in het land van aankomst waar je wonen kunt, zijn er mensen die voor je klaarstaan om te helpen, maar dergelijke zaken, hoewel van primair belang, zijn niet genoeg om een emigratie succesvol te maken.

Wat wonen betreft hebben vrouwlief en ik niets te klagen; het is als God in Spanje en we zien beiden dat het goed is. We wonen ruimer, groter dan in Nederland ooit voor mogelijk werd gehouden. De eerste weken na aankomst kon ik me maar niet onttrekken aan de vergelijking tussen Amsterdam en ons nieuwe thuis. Telkens weer die verbazing: Hoeveel boom heeft een Amsterdammer tot zijn beschikking staan? Wij kijken om ons heen en op ons stukje aarde tellen we grofweg een stuk of zestig, zeventig bomen. In Amsterdam kan dat niet meer dan 0,04 boom geweest zijn, optimistisch beschouwd… Het luxe gevoel een hangmat op te hangen tussen de eucalyptus en de tweehonderd jaar oude olijfboom, het doet een stoethaspel’s hart telkens opnieuw vreugdesprongetjes maken.

Er zijn mensen die ons helpen met het regelen van allerlei zaken, we hebben familie om ons heen met wie we het vinden kunnen. De maaltijden die we soms getweeën, maar niet zelden ook in groter gezelschap nuttigen, zijn altijd van een uitmuntende kwaliteit, met voedsel dat in Nederland onbetaalbaar zou zijn, want enkel verkrijgbaar bij de winkels van de eco-maffia. In plaats van een modaal maandsalaris af te geven aan die oplichters, lopen we nu onze moestuin in en nemen eruit waar we op dat moment trek in hebben. Als ik een appeltaart bakken wil, zijn op het meel en de boter na alle ingrediënten van eigen bodem beschikbaar. Iedere door mij geplukte citroen wordt met een brede grijns naar binnen gebracht, hoezo drie stuks voor 1 euro in een geel netje?

In de avond ga ik geregeld met mijn mp3-speler op het platte dak liggen en kijk een uur of wat naar de lucht. Een helderder zicht had ik nog nooit; gitzwarte hemel, fonkelende sterren, zo nu en dan een vallende. Als het beschikbaar is rook ik een hash-jointje, de ingrediënten daarvoor worden ons verstrekt door een politieman in opleiding, die ik bij een zwart baantje heb leren kennen. Contemplatie in deze omstandigheden lijkt constructiever dan het in Nederland was, waar ik werd afgeleid door politiek, die tussen mensen of die van dagelijks bestuur. Ik maak me zelden tot nooit meer boos over de trivialiteiten die het Nederlands leven van alledag zo beheersen.

Hoewel we afgelegen wonen, ruim een uur rijden van Palma, hebben we nog altijd genoeg cultuur van niveau tot onze beschikking staan. De kring om ons heen bestaat voor negentig procent uit kunstenaars; schrijvers, acteurs, zangers, drummers, gitaristen, alles van een kwaliteit die normaal gesproken alleen de beter gesitueerden tot zich kunnen nemen. Voorwaar een rijkdom waar we beiden gelukkig van worden.

Maar, als gezegd, het is niet allemaal even gemakkelijk. Zo lijkt men in Nederland bijvoorbeeld te denken dat het wonen op Mallorca gelijk staat aan een eeuwigdurende vakantie. Men nodigt zichzelf ongevraagd uit, dringt zich in ons bestaan met emotionele chantage als “ons gezin is zo verschrikkelijk hard aan een vakantie toe, daar kun je toch geen nee tegen zeggen? Mijn bloedjes van kinderen…” En dat is niet slechts één gezin, er zijn tientallen mensen. Lieden die ik in jaren niet sprak in Nederland, lieden die mij weerzinwekkend racistisch vonden omdat ik een fundamenteel probleem heb met de islam, lijken plots over hun afkeer heen te zijn gestapt en bellen doodleuk op om te melden dat ze over twee weken graag van het vliegveld afgehaald zouden worden. Nederlandse hypocrisie volgt je over de aarde, hoe ver je er ook vandaan denkt te zijn.

Moeilijk ook, is het vinden van betaalde arbeid. Tuurlijk, tijdelijke baantjes zijn er altijd wel, maar een degelijke baan met verzekering en een redelijk salaris om twee mensen van te kunnen onderhouden, dat is niet zo eenvoudig. En als je dan twee maanden moet wachten om het Spaanse equivalent van een sofi-nummer te bemachtigen, dan blijven de vacatures daar natuurlijk niet op wachten. En soms zit het lot een stoethaspel gewoon tegen. Nog geen twee, drie dagen nadat ik mijn NIE-nummer dan eindelijk bemachtigd had, werd in Palma mijn paspoort gestolen. Opnieuw een probleem want zonder legitimatie mag je niet werken en alle grote hotels zijn als de dood voor zwartwerkers gezien de veelvuldige arbeidsinspecties. Zo komt het dus dat ik inmiddels een half jaar in Spanje ben en nog altijd geen serieuze baan heb weten te bemachtigen. Het Nederlands consulaat heeft drie maanden moeten wachten voor de idioten van stadsdeel Westerpark te Amsterdam een keer van hun luie reten opstonden om de vereiste controle documenten te ondertekenen en naar Madrid te sturen. Na zes maanden zijn de papieren dus eindelijk in zoverre op orde dat er officieel gewerkt mag worden. Helaas is het toeristenseizoen voorbij en met een beetje pech moet ik wachten tot het nieuwe seizoen weer aanbreekt.

Laat u dus niets wijsmaken; emigreren is niet zo eenvoudig als het lijkt. Ook als de meeste zaken op orde zijn, blijven er tal van losse eindjes over om je des nachts zorgen over te kunnen maken. Maar eerlijk is eerlijk, ik maak me liever bezorgd vanuit het Middellandse zeegebied, dan vanuit het Amsterdamse.

Ik hoop dat het u goed gaat.

Stoethaspel is politiek geëngageerd sinds de Arend Glas-affaire.

Algemeen