Frontaal
Naakt

29 mei 2007

Opportunist

Stan de Jong

cd_17 (30k image)
Illustratie: Ilah

Gisteren bracht KRO Reporter een uitzending over ‘het succes van Geert Wilders’. Reporter doet doorgaans aardig (hoewel nogal links gekleurd) uitzoekwerk. Maar ik vond het zondag een teleurstellende en ook wel gemene uitzending.

Wilders zelf had afgezien van medewerking aan het programma. Wie Reporter zag, begreep waarom. Het was duidelijk opgezet om hem neer te zetten als een gewetenloze opportunist die de befaamde onderbuikgevoelens bespeelt, zuiver omwille van electoraal gewin, en die inmiddels Janmaat, Fortuyn en Dewinter (extreem-)rechts is gepasseerd.

Vermoedelijk zullen de makers van Reporter de voorman van het Vlaams Belang, Filip Dewinter, doorgaans niet gauw als deskundige in hun uitzendingen laten opdraven. Maar in dit geval kwam het wel goed uit. Dewinter had enige milde kritiek op de verder door hem gerespecteerde Wilders. Volgens Dewinter ging het uitpluizen en evalueren van de koran een brug te ver. Wie de scheiding van kerk en staat hoog in het vaandel had staan, betoogde hij, moest zich op dat gebied een beetje intomen.

Daar had hij wellicht een punt. Maar Reporter gebruikte deze kritiek om aan te tonen dat zelfs de ‘extreemrechtse’ (…) Dewinter vond dat Wilders ‘te ver was doorgeschoten’. Hoe extreemrechts moest Wilders dan wel niet zijn?

Nogal mallotig was de ‘reconstructie’ waarin een oud jeugdvriendje anoniem (angst voor bedreigingen door de Partij voor de Vrijheid of zo?) over de puberjaren van Wilders vertelde. Ja, us Geert was een moeilijke jongen, een punkrocker die blowde en dronk en sympathie koesterde voor de SP, ‘in die tijd nog maoïstisch’ voegde Reporter er ijlings aan toe. Wederom de suggestie: Wilders als de gewiekste opportunist die zijn politieke voorkeur laat afhangen van de onderbuikwaan van de dag. Dat de SP in de beginjaren ook nogal kritisch was over migranten bleef uiteraard onvermeld.

Verder veel opgewarmde oude prak over de LPF en natuurlijk werd Janmaat nog even opgevoerd – niet dat het enige toegevoegde waarde had, maar voor de beeldvorming wel handig, nietwaar?

Ach, heremijntijd. Het was allemaal wel èrg doorzichtig.

Ook mocht die oervervelende Hans Dijkstal weer zijn riedel afdraaien dat de verkiezingsoverwinning van Fortuyn in 2002 vooral op effectbejag en oneliners was gebaseerd. Wat is dat toch een leugenaar die man. Terwijl Dijkstal her en der op zijn toeter blies (en, zo bleek uit de uitzending, Geert Wilders adviseerde om zijn haardracht te veranderen; inderdaad: heeeel inhoudelijk…) schreef Fortuyn het ene na het andere boek. Vermoedelijk is er de afgelopen tachtig jaar geen lijsttrekker geweest die zijn opvattingen zo uitgebreid op papier had gezet als Fortuyn. Hoezo, oneliners? De verkiezingen van 2002 werden dan ook de meest inhoudelijke sinds pakweg begin jaren zeventig Den Uyl voor de macht ging.

De feiten zoals Reporter die presenteerde, klopten ook niet. Zo was er de analyse dat Fortuyn na 11 september 2001 zijn kans schoon zag om op de gevaren van de islam te wijzen. Maar het omgekeerde was juist het geval. Al in 1997 had Fortuyn immers zijn boek Tegen de islamisering van onze cultuur geschreven. De gebeurtenissen op elf september deden hooguit bij grote delen van de bevolking het vermoeden rijzen dat Fortuyn een angstwekkend goede voorspelling had gedaan.

Na de aanslagen op de Twin Towers matigde Fortuyn zijn toon. Dat weet ik zo zeker, omdat ik recent nog twee interviews door Theo van Gogh (ze zitten als extraatje bij de film 06/05) met Fortuyn heb bekeken. In het eerste Prettige Gesprek legde Fortuyn uit waarom hij een ‘koude oorlog’ tegen de islam wilde voeren. Let wel: een koude oorlog, zoals het westen die eerder tegen het communisme had gevoerd. Het tweede gesprek met Van Gogh vond kort na 9/11 plaats. Fortuyn vertelde daarin dat hij de term ‘koude oorlog’ niet meer wilde gebruiken, omdat hij de gemoederen niet extra wilde verhitten.

Nee. Als de uitzending van Reporter illustratief is voor hoe de gevestigde media de komende jaren met het fenomeen Wilders omgaan, kunnen we gevoeglijk concluderen: van de periode Fortuyn heeft men niets geleerd.

Stan de Jong (1963) publiceerde De Deventer moordzaak – de omstreden veroordeling van Ernest L. (uitgeverij Balans) en Prettig weekend ondanks alles (uitgeverij Xtra). Momenteel werkt hij als onderzoeksjournalist bij Nieuwe Revu.


Reacties gesloten. Reageren? Mail de redactie.

« home