Zugzwang
Peter Breedveld

Illustratie: Robi Roboter
Zugzwang is een begrip uit de schaakwereld. Het wil zeggen dat een speler gedwongen is tot een zet die zijn positie alleen maar kan verslechteren. Er is geen uitweg uit de misère. Emanuel Lasker, de dode in het verlopen hotel waar ook politierechercheur Meyer Landsman zijn eenzame dagen als gescheiden ontheemde slijt, was net in een positie van Zugzwang gemanoeuvreerd toen een kogel een einde aan zijn leven maakte, zoals blijkt uit het schaakspel dat Landsman naast zijn lijk aantreft.
Landsman is de hoofdpersoon van Michael Chabons laatste boek The Yiddish Policemen’s Union, dat zich afspeelt in een alternatief universum, waar de wereldgeschiedenis in 1948 een andere loop heeft gekregen dan in het onze. De Joden zijn in dat jaar met geweld uit Israël verdreven en hebben een tijdelijk thuisland gekregen in het district Sitka in Alaska (alwaar ze het meteen aan de stok kregen met de inheemse bevolking, vanwege illegale Joodse nederzettingen in Indiaans territorium ‘Jews need livable space’ aldus Chabon get it? Die Chabon toch). Zestig jaar later staat de Amerikaanse regering echter op het punt het district op te heffen en dan moeten de meeste Joden, behalve die met een permanente verblijfsvergunning, hun biezen pakken. Ook de inwoners van Sitka bevinden zich dus in een positie van Zugzwang.
Zugzwang beheerst de levens van de meeste personages in The Yiddish Policemen’s Union. Landsman kan ook nog maar één kant op, namelijk naar beneden. Hij is de pineut als hij handelt en hij is de pineut als hij niet handelt. Zijn onderzoek naar de moord op Lasker brengt hem op het spoor van Mendel Shpilman, de zoon van een Chassidische rabbi. Mendel is een wonderkind, een schaakgenie, en de Chassiden zien in hem de Messias van hun generatie, die hen naar het Beloofde Land zal leiden. Mendel heeft echter andere plannen voor zichzelf en is bovendien de herenliefde toegedaan. Hij probeert te ontsnappen uit de wurggreep van de Chassidische sekte, waar hij deel van uitmaakt – Zugzwang. Mendels moeder, Batsheva Shpilman, wordt verscheurd door loyaliteit aan haar echtgenoot en liefde voor haar zoon – Zugzwang
Het probleem, zo constateert een vertegenwoordiger van de Amerikaanse federale overheid in het laatste deel van Chabons boek, is dat niemand de auteur is van zijn eigen verhaal. The story, Detective Landsman, is telling us. Just like it has done from the beginning. We’re part of the story. You. Me.‘
Iedereen is verstrikt in andermans verhaal. Mendel, Landsman, Landsmans halfindiaanse partner Berko Shemetz, Landsmans ex-vrouw die tevens zijn baas is, Mendels moeder, allemaal worden ze gedwongen hun rol te spelen in het verhaal dat door anderen voor ze is bedacht. Zugzwang, de enige manier om uit de val te geraken, is het schaakbord omver te gooien en de gevolgen onder ogen te zien.
Maar de gevolgen zijn niet altijd te overzien, zeker niet als het gaat om het eeuwenoude verhaal van het Beloofde Land, dat niet alleen de inwoners van het district Sitka, maar de hele wereld in gijzeling houdt. Landsman stuit op een complot om de belofte van het Beloofde Land Israël, voor de duidelijkheid: ‘En Ik zal u, en uw zaad na u, het land uwer vreemdelingschappen geven, het gehele land Kanaan, tot eeuwige bezitting’ – in te lossen (benodigdheden: één volkomen rode vaars zonder een enkel vlekje en één messias) en iedereen, die daarbij in de weg staat, moet het veld ruimen. De zionisten slagen erin de Al-Aqsamoskee op de Tempelberg in Jeruzalem op te blazen en de vreugde in Sitka neemt angstaanjagende proporties aan:
‘Up in Yakovy, did you see what happened, they were dancing, those fucking maniacs, they were so happy about all this craziness, the whole floor collapsed right onto the apartment underneath. A couple of little girls sleeping in their beds, they got crushed to death. That’s the kind of shit we have to look forward to now. Burning cars and homicidal dancing.’
Natuurlijk is Chabon, vanwege zijn boek, inmiddels van antisemitisme beschuldigd. Novelist’s ugly view of Jews‘, schreef de New York Post. Chabon zei tegen de Daily News dat hij dat beschouwt als een badge of honor‘. Nu ben je een echte Joods-Amerikaanse schrijver, had zijn moeder tegen hem gezegd naar aanleiding van de beschuldiging. Als je door andere Joden van antisemitisme wordt beschuldigd, dán weet je dat je het gemaakt hebt.
The Yiddish Policemen’s Union is een zogenaamde hard boiled detective volgens het boekje: een politieman (alcoholische cynicus, bijdehandte flapuit) onderzoekt een moordzaak, gaat ietwat onorthodox te werk, wordt van de zaak gehaald, laat zich daardoor natuurlijk niet stoppen en stuit dan op een nog veel grotere zaak die hem ver boven het hoofd stijgt. Alleen de setting van deze conventionele detective is nogal bizar, ongeloofwaardig zelfs. Ongeloofwaardig als niet Chabon de schrijver was geweest. En als het niet inderdaad allemaal zo had kunnen lopen als Chabon schetst. Want wie schetst mijn verbazing dat Philippine, die hier beweert dat er werkelijk een plan is geweest om een Joodse safe haven in Alaska te vestigen, deze keer eens niet uit haar nek blijkt te lullen?
Chabon is niet alleen een meesterlijke verhalenverteller die geloofwaardige personages creëert die je nog lang, nadat je zijn romans uit hebt, blijft missen als een soort vakantievrienden met wie je het een paar dagen vreselijk naar je zin hebt gehad, maar wier adres je tijdens de reis terug naar huis moet zijn kwijtgeraakt (hetzelfde overkwam me met Chabons The Amazing Adventures of Kavalier and Clay), hij schrijft ook erg mooi. Zijn stijl is fris knisperend met warme ondertonen als een jonge Riesling, zijn humor is droger dan een Pouilly Fumé en hij jongleert behendig met understatements en hyperbolen.
Chabon, bovendien, is ook de god van de ambachtelijk gesmede metafoor. Neem bijvoorbeeld deze: ‘Landsman drinks to medicate himself, tuning the tubes and crystals of his moods with a crude hammer of hundred-proof plum brandy. Of deze: ‘I’m Dr. Roboy, says the tall man at last. He swings one of his hands towards Landsman, like the payload of a crane at the end of its cable. Landsman wants to get out of the way, but he takes hold of its dry cool bulk.’
‘His eyes are two dull pennies.’
Black eyes hard as a couple of stones left on a grave marker.’
Eyes swollen in their blood-dark orbits.’
Onder het stijlvolle cynisme schuilt een warm kloppend hart. Chabon beziet zijn medemens met een alziend oog tot in elk lullig detail, maar ook met liefde: ‘She holds a home pregnancy test stick with a bead, on its business end, of what must be urine.’
‘The face of a woman worthier than himself of being loved.‘
‘Even the most casual study of the record, Landsman thinks, would show that strange times to be a Jew have almost always been, as well, strange times to be a chicken.‘
En dit is puur erotisch proza in de traditie van het Hooglied:
‘They lie there on their sides, a couple of aging yids stuck together like the pages of an album. Her shoulderblades dig into his chest. The knobs of his patellas are notched against the soft moist backs of her knees. His lips can blow softly across the teacup of her ear. And a part of Landsman that has been the symbol and the site of his loneliness for a very long time has found shelter inside of his commanding officer, to whom he was once married for twelve years. Although, it’s true, his tenure inside her has grown precarious.
One good sneeze could pop him loose.‘
Peter Breedveld leest thans Rode Spijkers






RSS