68
Willem de Zwijger
Ik ben niet van ’68 maar van een jaar later. Onze opstand was dat we besloten als examenklas in ’69 af te reizen naar Parijs, voor de beslissingswedstrijd Ajax-Benfica, het begin van het Nederlands voetbal op het wereldtoneel. De eerste en laatste wedstrijd in het betaalde genre die ik ooit zag. Het mocht niet van de directeur, maar we gingen toch, en kregen toen toch maar de leraar Frans mee als oppas.
Mei’ 68 is ineens een onderwerp. In 1978 was het dat ook, maar daarna hoorden we er niet meer van. Nu horen we dat ’68 echt voorbij is, of dat het nooit gebeurd is, of dat het de bron van alle ellende is geweest. Sarkozy zegt dat laatste, en Bolkestein zei het eerder.
Onzin. De jaren zestig waren een cultuurbreuk van monumentale omvang, en de jaren zeventig maakten het karwei af. In ’69 durfden mijn gereformeerde generatiegenoten nog niet eens op dansles, vijf jaar later woonden we ongehuwd samen. Het belangrijkste agendapunt van de StudentenVakBeweging van 1963 was ‘het studentenhuwelijk’. Niemand kan in nu nog begrijpelijke taal navertellen waar dat over ging.
Op een bepaald moment ging het mis, en ik herinner me nog precies wanneer en het gevoel dat er bij hoorde. Jimmy Carter, die nog als president (met bakkebaarden) ijverde voor de legalisering van cannabis, sloeg om toen de Russen Afghanistan binnenvielen.
1979.
Een koude wind. Het conservatisme was in aantocht, Reagan, Thatcher, Lubbers, bezuinigingen, afbraak. Onafhankelijk links denken verdween en werd vervangen door een ideologie die gedragen werd door nieuwe beroepsgroepen. De ‘socialen’, naar het boek van Gerard van Westerloo (Niet spreken met de bestuurder), vonden het politiekcorrecte gedachtegoed uit. Positieve discriminatie. Multiculturele samenleving. Dubbele nationaliteit. Illusies in strijd met feiten.
Niettemin. Zonder de ludieke jaren zestig en de politieke jaren zeventig geen Fortuyn, Ayaan, Wilders, van Gogh of Verdonk. En ook geen van Dam, van der Zwan of Halsema, overigens, en evenmin Van der Ham of Pechtold, en zelfs geen Rutte. Of hij het leuk vindt of niet, Rutte verschilt cultureel meer van Wiegel of Bolkestein dan van Bos.
Veertig jaar geleden draaide de radio plaatjes van de Beatles, Dusty Springfield en Janis Joplin. Toen ik vandaag naar huis reed draaide de radio tussen de nieuwsitems door – nog steeds- plaatjes van de Beatles, Dusty en Janis. Niet van Lou Bandy of Eddy Christiani. Ook niet van Gary Glitter of de Sex Pistols. Ik bedoel maar.
Nooit is een generatie zo bepalend geweest als de babyboomers. We gaan vanzelf een keer dood, maar tot die tijd zijn we forever young, voor directe democratie, tegen verzuring en stroperigheid, en vóór opschieten want we hebben meer dan ooit haast. Time is inmiddels een beetje minder on or side, namelijk.
Willem de Zwijger is ‘de stem van politiek incorrect links’. Hij rijdt een poenige SUV.






RSS