De beste strips van 2008
Peter Breedveld

Ik lees steeds minder strips, wat ik jammer vind, want ik hou er zielsveel van. Aan de andere kant is wat ik wel lees, meestal een voltreffer. Ik ben inmiddels zo doorgewinterd op stripgebied dat ik van tevoren aardig kan inschatten wat de moeite waard is en wat niet. Bespaart een hoop tijd en ergernis. Grootste teleurstelling van het afgelopen jaar was het stripblad Eisner. Eigenlijk moet ik niet zeuren over teleurstellingen, want Eisner is precies geworden wat ik verwachte: een veel te dure bundeling interessantdoenerij van mensen die zichzelf en het medium strip (maar vooral zichzelf) veel te serieus nemen. Van die types die lijken te denken dat een strip literair is als-ie kut is getekend.
1) ’n Net Meisje van Fred de Heij: In ’n Net Meisje wordt constant geneukt, gebeft, gepijpt, gevingerd en gerukt, maar de aanleidingen die Fred de Heij steeds voor al die promiscuïteit verzint, zijn zo hilarisch, de dialogen zo absurd, dat het geheel vooral op de lachspieren werkt. Wat niet wil zeggen dat ’n net Meisje niet sexy is. Het is een kruising tussen The Office (het personage van kantoorchef Frans lijkt verdacht veel op Ricky Gervais) en De Fred Haché Show, maar dan de pornoversie op anabole steroïden, want het zijn me een stel opgefokte kantoorfriks, die elkaar tussen het neuken al gesticulerend staan toe te schreeuwen als de acteurs in een driedubbelovergehaalde Italiaanse komedie.

Scène uit ’n Net Meisje
2) Vermist van Rutu Modan: Binnenkort verschijnt eindelijk mijn interview met Rutu Modan in Stripschrift, waarvan de redactie constant zit te zeuren om mijn artikelen, blijkbaar om er een paar maanden op te kunnen zitten. Vermist is een mooie roman over de zoektocht van een Tel Avivese taxichauffeur en een pas afgezwaaide soldatin naar de vader van de taxichauffeur, die zou zijn omgekomen bij een aanslag. Door de ogen van de vrouw, die zijn vaders minnares was, leert de taxichauffeur een compleet andere man kende dan van wie hij is vervreemd. Intelligent en ontroerend verhaal over gewone levens in de randen van de woeste wereldstormen. Modan beheerst het medium strip tot in de puntjes. Dialogen en mise en scène zijn steeds weer feilloos.

Scène uit Vermist
3) Operatie Hanuman van Michiel de Jong en Milan Hulsing: ik ben al jaren fan van het werk van Michiel de Jong, eigenlijk de enige waardige erfgenaam van de betreurde meester Yves Chaland en via hem heb ik kennisgemaakt met Milan Hulsing, wiens werk een acquired taste vergt. Operatie Hanuman is een ouderwetse avonturenstrip in de traditie van Robbedoes en Kwabbernoot en dergelijke, maar dan allemaal net iets gekker, met een mild-cynisch sausje. En Hulsing heeft er zijn voorliefde voor exotische subculturen in gebotvierd. Het eerste deel van een serie, als alles gaat zoals het moet. Prachtig vormgegeven, allemaal. De laatste keer dat ik Hulsing sprak, werkte hij in Caïro aan een verstripping van een Egyptische schrijver. Ben zeer benieuwd wat dat wordt.

Scène uit Operatie Hanuman
4) Avonturen, Avonturen van Berend Vonk: Avonturen, Avonturen (de voorkant belooft ons 55 hoofdpersonen en 237 bijfiguren) bevat korte verhalen en grappen die Vonk de afgelopen tien jaar voor verschillende media heeft gemaakt. Vonk creëert een universum vol tragikomische personages die het nu eenmaal met hun eigen microkosmos moeten doen. Elvis Presley leeft er nog (bij een hospita in Duitsland) en er is een superheld in de vorm van een betonnen gebouw, die zich als een Jezus-figuur steeds opoffert in dienst van een mensheid die dat niet waard is. Mijn favoriet is het hilarische, waargebeurde verhaal over het bezoek dat Vonk als student kreeg van twee ambtenaren van de Binnenlandse Veiligheidsdienst omdat hij strips tekende voor het krakersblad Bluf.

Scène uit Avonturen, Avonturen
5) Schatjes van Arthur de Pins: De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik deze Nederlandse vertaling helemaal niet gelezen heb, en de titel bevalt me helemaal niet, die luidt in het Frans Péchés Mignons, Zoete Zondes’. Ik begrijp die eigenwijze Nederlandse vertalers nooit. Ze lijken totaal gespeend te zijn van enige poëzie. Het hierboven besproken boek van Rutu Modan heeft ook zo’n krakkemikkig vertaalde titel, die oorspronkelijk Exit Wounds luidde. Maar goed, het is mooi dat De Pins, bij Frontaal Naakt-lezers welbekend, eindelijk in het Nederlands is vertaald. In Frankrijk is inmiddels het derde deel uit van Péchés Mignons. Het zijn bundelingen van De Pins spottende commentaren op het gedoe tussen mannen en vrouwen. Die zijn heel leuk, maar wat De Pins werk vooral zo aantrekkelijk maakt, zijn zijn voluptueuze, sexy vrouwen die ik, al zijn ze getekend, mijn bed niet zou uitschoppen, eerlijk waar niet.

Scène uit Péchés Mignons
Peter Breedveld verheugt zich op de terugkeer van de Eppo.
Reacties op dit artikel zijn gesloten. Wilt u reageren?
Stuur een e-mail naar de redactie.





RSS