Ankara
Tayfun Balçik

Zo, eindelijk weg uit Nederland. Eindelijk ben ik opgerot naar ‘mijn eigen land’: Turkije.
Ik kom nog best vaak Turkse Nederlanders tegen die Turkije beschouwen als hun eigen land. Daarnaast zijn er ook veel allochtonen die zichzelf als ‘gewone’ Nederlanders zien. In werkelijkheid ıs de dikte van je portemonnee de meest bepalende factor als het gaat om acceptatie als Nederlander of Turk. Kun je je eigen broek ophouden in Nederland? Dan doe je gewoon mee en moet je verder je bek houden. Kun je dat niet? Dan ben je een subsidieallochtoon die het liefst zo snel mag vertrekken naar ‘het land van herkomst’.
Hollands gezeik
In Turkije zıjn de verhoudingen nog agressiever, vanwege het ontbreken van een verzorgingsstaat. Schrijnende gevallen zijn hier allang genormaliseerd en onderdeel van het straatbeeld. Zo kun je veel Roma op straat zien die vuil ophalen en die ‘wonen’ in gecekondu-getto’s (huizen van klei en mest die in een nacht gebouwd zouden zijn). Niemand die zich erom bekommert. Ik ben tien dagen in Ankara en nu al in een staat van vervreemding.
Het was gelijk al raak in het vliegtuig van Schiphol naar Esenboga. Ik liep naar m’n plek en zag een oudere mevrouw dıe haar handen vol had aan een hyperactief kind. “Abi wil je kauwgom?” Nee. “Abi, kan je even mıjn tas pakken?” Oke. “Abi wat doet het vliegtuig nu?” Zonder emotie: “Ben geen vlıegtuigdeskundige”. Ik verkaste naar een andere zitplaats. Geen zin in Hollands gezeik.
Turks gezeik
Aangekomen in Ankara kregen we – ben met familie op reıs – Turks gezeik. De auto is aan iemand anders verhuurd, terwijl we drie dagen eerder hadden gereserveerd. Daar sta je dan met een kind van twee, een bezorgde moeder en acht koffers. Bij toeval vonden we een taxichauffeur, die ergens in een dorp een oom had die auto’s verhuurde. Daar reden we naartoe en m’n broer tekende in een villa in de nacht een huurovereenkomst waar we niks van begrepen. Een beetje afdingen heeft het volgende opgeleverd: vierhonderd euro voor de auto voor twee weken plus 75 Turkse lira voor de trip van de luchthaven naar Keçiören. Waarschıjnlıjk een rip-off, maar goed. Om twee uur ’s nachts waren we eındelıjk ’thuıs’.
Aangezien het de volgende ochtend offerfeest was, waren we al om zes uur ’s ochtends op weg naar Haymana. Het platteland, dat ongeveer zestig kilometer ten zuiden van de stad ligt en waar mijn oma nog steeds woont. Het heeft altijd wel iets om die reis te maken door het goudgele akkerlandschap.
Veel te grote moskee
Maar de ontnuchtering kwam snel. Ik zag achterop een pick-up truck een vastgebonden koe. Dat waren waarschijnlijk zijn laatste uurtjes. We waren net op tijd voor het ochtendgebed in een veel te grote moskee. Door migratie naar de grote stad en Europa zijn veel dorpen in Centraal-Anatolië sterk ontvolkt. Maar toch was er dus de behoefte om een gloednieuwe moskee te bouwen in een piepklein dorp als Karacaören.
Daar zaten m’n ooms, neven en andere mannen naar de preek van de imam te luisteren. Hij had het over Syrië en dat islamitische saamhorigheid meer dan ooit noodzakelijk was.
Islamitische superioriteit
Ik heb me altıjd afgevraagd waarom dat islamitische niet meer verbreed kon worden naar meer menselijke saamhorigheid. Het negatieve antwoord daarop gaat altijd over islamitische superioriteit enzovoort. Het minder negatıeve antwoord is dat de islam per definitie menselijk is.
Na het gebed kuste ik publiekelijk de handen van de oudere familieleden. Soms is dit een teken van wederzijds respect, maar vaak het moment waar de patriarchale machtsverhoudingen worden bevestigd. Daarna was het tijd voor het gezamenlijke ontbijt. Tenminste, gezamenlıjk onder de mannen. Vrouwen zaten apart.
Op de terugweg (naar de stad) liet mijn neef nog een filmpje zıen van de slachting van een koe. In Syrië doen ze dat met mensen.

Roma getto

Roma vuilnisauto


Tayfun Balçik is historicus, gespecialiseerd in de moderne geschiedenis van Turkije en die van Amsterdam-West.





RSS