Berbers en Arabieren in Europa

Jona Lendering


Scène uit: ‘Vivre Nu, à la recherche du paradis perdu’.

Vorige week blogde ik over het Rijk van Toledo en ik schreef dat deze laat-Romeinse staat, centraal georganiseerd als ze was, door Arabieren in één keer kon worden overgenomen. Koning dood, het hof uitgeschakeld, hoofdstad ingenomen: dan houdt het verder op.

Ik werd terecht gecorrigeerd: het leger dat de genadeklap uitdeelde bestond uit Berbers. Het grappige is dat ik daar bij het schrijven aan had gedacht. Omdat het leger marcheerde uit naam van de Umayyadische kalief van Damascus, had ik besloten het stukje niet nog ingewikkelder te maken dan het al was – maar het is geen onbeduidend detail.

De verovering begon in april 711, toen generaal Tariq, een islamitische Berber, met zo’n 12.000 soldaten de Straat van Gibraltar overstak. (“Gibraltar” is overigens een verbastering van Jebel Tariq, “Tariqberg”.) In juli versloeg hij bij Jerez het leger van de Toledaanse koning Roderik, waarna de joden in Cordoba en Écija Tariq en zijn mannen als bevrijders binnenhaalden. Of het enthousiasme oprecht was of een lepe reactie op het simpele feit dat er geen Toledaans leger meer was dat de steden kon beschermen, zullen we nooit meer weten. Wel moet worden aangetekend dat de handelingen van de diverse kerkelijke synodes duidelijk maken dat de christelijke autoriteiten de joden liever zagen gaan dan komen.

Dochter verkracht

Merkend dat de verovering van het Iberische Schiereiland eenvoudig was, voegde Musa, de Umayyadische gouverneur van Ifriqiya (Tunesië), zich met 18.000 man bij Tariq. In de herfst viel Toledo, waarna nog slechts wat schermutselingen restten, onder meer bij Mérida.

Het succes was eigenlijk iets te groot. In de Arabische denkwereld waren er destijds drie soorten oorlog: de plundertocht (gazwa), de strafexpeditie (katat) en de heilige oorlog (jihad). Tariqs actie was begonnen als een plundertocht met als doel makkelijke buit te halen. Annexatie van een koninkrijk was niet de opzet maar omdat dit wel het resultaat was, moest de expeditie met terugwerkende kracht als strafexpeditie worden gepresenteerd.

Daartoe moest een vergrijp worden verzonnen: Roderik zou de dochter van de Byzantijnse gouverneur Julianus van Ceuta hebben verkracht, waarop deze Tariq zou hebben geholpen. Dit verhaal is nogal verdacht, want het is een standaardmotief uit de volksliteratuur. In onze contreien is het bijvoorbeeld toegepast op Floris V en de echtgenote van Gerard van Velzen.

Vijanden van de islam

Na de succesvolle verovering organiseerde Musa het bestuur. De laatste Toledaanse comites (“graven”) kregen verdragen aangeboden waarin hun steden de hegemonie erkenden van de veroveraars, toezegden geen hulp te verlenen aan vijanden van de islam, een bescheiden belasting beloofden te betalen en verder zowel bestuurlijk als religieus vrij werden gelaten.

Musa had haast: aan de andere kant van de Pyreneeën was het rijk van de Franken immers rijp voor nieuwe plundertochten. Alleen daar waar de veroveraars steden hadden moeten innemen – Écija, Córdoba, Toledo en Mérida zijn al genoemd – waren Musa’s eisen hoger. Daar werd grond onteigend en kregen de troepen land toegewezen.

En daar zit de crux.

In 742 zou een burgeroorlog uitbreken en één van de aanleidingen zou zijn geweest dat Musa de Berbertroepen slechtere stukken land had gegeven dan de Arabieren. Dat zou best waar kunnen zijn, maar in 1989 wees Abdulwahid Taha erop dat het weleens anders in elkaar kan zitten dan de Arabische bronnen het presenteren. Hij keek naar de gebieden waar de diverse Arabische en Berber-stammen vandaan waren gekomen en constateerde dat de landerijen die ze kregen, leken op de landen van herkomst. Bergstammen kregen dus bergland en zo voort. Het is dus maar de vraag of de Berbers over het land ontevreden waren.

Familie uitgemoord

Ze hadden wel andere grieven. De burgeroorlog die ik noemde, begon toen het leger een Arabische generaal kreeg die voor de Berber-soldaten onaanvaardbaar was: deze Al-Malik had enkele jaren eerder gestreden tegen een groep Berbers. Voordat de gemoederen al te hoog op konden lopen, stuurde de kalief Syrische Arabieren naar het Iberische Schiereiland, die de onrust inderdaad wat wisten te dempen. Er bleven echter ergernissen en we weten dus niet of die alleen maar samenhingen met de persoon van Al-Malik of werden versterkt door oneerlijke landverdelingen.

Een extra probleem was dat de Syrische Arabieren behoorden tot een andere groep dan de Arabieren die al in Andalusië waren – en dat viel niet goed, zodat de situatie onrustig bleef. Toen in 750 de laatste Umayyadische kalief werd afgezet en zijn familie werd uitgemoord, verkeerde het Iberische Schiereiland al acht jaar in volledige burgeroorlog.

Deze kwam pas ten einde toen een avonturier uit Damascus aankwam, Abdalrahman. Hij beweerde de enige overlevende te zijn van de Umayyadische dynastie en slaagde er langzaam maar zeker in een eigen emiraat op te bouwen. Dat is een geweldig spannend verhaal, maar de conclusie die ik vandaag trek is een andere: door de onrust na 742 kwam een einde aan de expansie van de – u mag kiezen – Arabieren of moslims of Berbers in West-Europa.

Arabische bronnen

Het einde van de expansie heeft dus niets te maken met de slag bij Poitiers, waarin Karel Martel de jihadi’s zou hebben verslagen en de Europese christenheid zou hebben gered. Je leest dat nog vaak, maar van een jihad is nooit sprake geweest en het is Karolingische propaganda dat de slag bij Poitiers een keerpunt vormde.

Doe kon alleen blijven rondzingen doordat Arabische bronnen lange tijd niet voldoende konden worden bestudeerd. En zelfs nu ze wel zijn ontsloten, moeten we erop bedacht zijn dat die teksten óók niet helemaal waar hoeven zijn: het is, zoals we hebben gezien, maar de vraag of Berber-ressentimenten over de verdeling van de landgoederen een rol hebben gespeeld.

Jona Lendering is oudheidkundige, schrijft goede geschiedenisboeken (maar echt), heeft zijn eigen onderwijsinstituut en schrijft voor een oudheidkundig magazine. Dit stuk is eerder gepubliceerd op zijn eigen website.

21 juni 2017 — Jona Lendering

Reacties gesloten. Reageren? Mail de redactie.

« home