De onvrede van Thierry Baudet
Jona Lendering

Illustratie: Jacques Touchet
Literatuurwetenschapper Ernst van den Hemel en theoloog Wilfred van de Poll schrijven in Trouw een mooi stukover de theorie van Thierry Baudet, dat een linkse elite Nederland aan het verkwanselen is. Bij wijze van repliek wijzen Van den Hemel en Van de Poll erop dat links al tien jaar steeds rechtser wordt – volgens mij is dat proces al sinds de PvdA-nota Schuivende Panelen (1987) gaande overigens – en dat de door Baudet gevreesde multiculturalisten helemaal niet bestaan.
Daarin hebben ze gelijk, maar volgens mij heeft Baudet, in al zijn verongelijkte woede, wel degelijk een probleem bij de lurven.
Internationalisering
Ik vrees namelijk dat de voorspelling van Christopher Lasch is uitgekomen: er is een elite ontstaan die internationaal is gevormd, internationaal is georiënteerd en vooral naar zijn internationale collega’s kijkt voor de aai over de bol die iedereen van tijd tot tijd nodig heeft. Nu is “elite” een erkend lastig te definiëren begrip, maar in dit blogstukje volstaat het om te werken met familiegelijkenissen (en af te zien van definities, ideaaltypen, typen en andere categoriseringen). Er bestaan niet duidelijk af te bakenen maar daarom niet minder reële elites in het bedrijfsleven, aan de universiteiten, in de kunsten, enz.
Daarvoor zijn goede redenen. De economie is geïnternationaliseerd, de wetenschap is het gemeenschappelijk bezit der mensheid, de artistieke avantgarde kijkt niet op een grens meer of minder. Door verbeterde communicatiemiddelen neemt deze internationalisering toe, met als nadeel dat er minder loyaliteit is naar de thuisbasis.
Burger negeren
De ergernis daarover is reëel. Het is vervelend dat de Nederlandse belastingbetaler opdraait voor de bail-outs die nodig waren voor bankiers die meenden wereldspelers te zijn. Steeds weer brengen de universiteiten naar buiten dat hun onderzoek het internationaal buitengewoon aardig doet, maar het is gênant dat we een oudhistorisch onderzoeksnetwerk “impact of Empire” hebben dat nou niet bepaald het vuur uit de sloffen loopt voor de re-enactors die het verleden aan u uitleggen bij de monumenten van de limes (u weet wel, de plaats waar de “impact of Empire” in eigen land het grootst is). Ik vind het pijnlijk dat het Rijksmuseum zóveel internationale allure heeft dat de directie durfde te verwachten dat Amsterdammers er wel een gevaarlijkere fietsroute voor over zouden hebben (meer). Dit laatste is gelukkig teruggedraaid, maar de vanzelfsprekendheid waarmee de directie de burger meende te mogen negeren, vind ik nog steeds schokkend.
Verplichting jegens de gemeenschap
De onvrede is er. Nog vorige week publiceerden de VU en Trouw een onderzoekje naar de emotionele staat van de burgerij, die met één woord viel te typeren: woede. Die zal ook niet weggaan, tenzij we bankiers, academici, kunstenaars enz. hebben die begrijpen dat hun loonschaal-12-inkomens een verplichting impliceren jegens de gemeenschap: “het privilege van de ware aristocraat is plicht”, zoals Don Quichot zegt in De man van La Mancha. (Tussen haakjes: de ridder met het droeve gelaat is weliswaar verdwaasd, maar de spanning zit in het feit dat hij zijn morele kompas wél op orde heeft, terwijl de zogenaamde realisten dat niet hebben.)
Ik sta gevoelsmatig dichter bij Van den Hemel en Van de Poll dan bij Baudet, maar volgens mij herkennen ze alle drie het werkelijke probleem niet. Baudet verklaart de onvrede door een Linkse Kerk te postuleren die hij, zoals zijn critici terecht opmerken, nergens kan aanwijzen. Omgekeerd negeren Van den Hemel en Van de Poll waar de onvrede vandaan komt. De woede is echter reëel. We lijden wel degelijk onder onze elites – ze zijn alleen niet links.
Pseudowetenschap en kwakgeschiedenis
Misschien is Lasch’ theorie niet juist, maar dat is voor dit stukje eigenlijk van ondergeschikt belang. Het gaat me erom dat het stuk van Van den Hemel en Van de Poll staat in de traditie waarmee de universiteit pseudowetenschap en kwakgeschiedenis bestrijdt: benoem de feiten, wijs op redenatiefouten, ga eventueel in op de methode maar negeer de achterliggende bezorgdheid. Hun stuk zal daarom ineffectief zijn.
Eerder gepubliceerd op Lenderings blog Mainzer Beobachter. Jona Lendering is als historicus werkzaam bij Livius Onderwijs, wanhoopt aan de toekomst van de geesteswetenschappen en schrijft daarom, of desondanks, een boek over het ontstaan van het christendom en rabbijnse jodendom. Tegenwoordig is hij ook columnist bij Sargasso.





RSS