Kyoto – dag drie
Peter Breedveld

Japanners staan bekend om hun verfijnde manieren en hun obsessie met hygiëne, maar net als bij hun spreekwoordelijke werkethiek, valt het in het echt allemaal erg mee. Sterker nog, Japanners en Chinezen zijn behoorlijk aan elkaar gewaagd als het gaat om tafelmanieren. Ze doen vreselijk moeilijk over de richting waarin en de manier waarop een theekommetje moet worden gedraaid alvorens het op tafel wordt gezet, maar ze slurpen en smakken tijdens het eten dat het een aard heeft. Althans, de mannen doen dat. De vrouwen zijn, zoals bijna overal, toonbeelden van welgemanierdheid en onaanstootgevendheid.
Vandaag lunchten we in The Garden Oriental, een Italiaans restaurant, gevestigd in een prachtig traditioneel houten gebouw, waar de vier mannen aan de tafel naast ons helemaal losgingen op de spaghetti. Ze gaven een waar concert ten beste:
SHLRRPP!
shlrp!
SHLRRRPP!
shlrpshlrp!
SSSHHLRRP!
En zo verder. Eén van hen zoog de hele portie spaghetti op zijn bord in één keer naar binnen, om vervolgens een deel ervan weer uit te braken, als Jeff Goldblum in The Fly. Het was walgelijk, weerzinwekkend, en oorverdovend bovendien.
Dit was niet de eerste keer dat we dit meemaakten. Gisteren, in dat oude noedelrestaurant, zat er een stel naast ons waarvan de mannelijke helft ook al blijk gaf van zoveel geldingsdrang jegens zijn soep. Vorig jaar aten we in Kyoto eveneens in een Italiaans restaurant waar de spaghetti het donkerste in de ziel van een mannelijke gast achter ons losmaakte.
Waarom doen Japanse mannen dit? Misschien is het hun enige uitlaatklep, misschien is het gewoon onhandigheid, misschien denken ze dat hun vrouwen er opgewonden van raken. Ik weet het niet. Maar het moet stoppen, dat weet ik wel.
En daar laat ik het voor vandaag bij.










Samen met zijn moslima reist Peter Breedveld morgen per shinkansen naar Tokyo.





RSS