Frontaal
Naakt
26 juni 2013

Tijd

Hedwig Vos

FKK11
Naakt omdat het moet

Wat is kwaliteit? Wat is een goede arts? Wanneer is zorg goed? Als je me vraagt wanneer ik een arts goed vind (want ik kom ook wel eens bij mijn huisarts of in het ziekenhuis) dan vind ik vooral het persoonlijke belangrijk. Dat ik gehoord word. Dat ik zeker weet dat de betreffende arts weet waar ik mee zit en een voor mij zo adequaat mogelijk behandelplan opstelt, samen met mij. En dat ik ook kan zien hoe dat proces plaatsvindt.

Het is eigenlijk een beetje zoals dat bericht van De Speld van 8 mei 2013: ‘Arts geeft beroepsgeheim prijs: Gewoon zo goed mogelijk proberen de patiënt beter te maken’.

Empathisch vermogen

En dan zit ik wel eens te denken: wat heb ik nou nodig om een goede arts te kunnen zijn? Naast een empathisch vermogen, kennis en natuurlijk alle randvoorwaarden om te kunnen werken, is dat toch vooral tijd.

Tijd om iemand te horen. Tijd om erop in te gaan als iemand opeens in huilen uitbarst in de spreekkamer. Tijd als iemand in paniek de praktijk in komt rennen na een traumatische gebeurtenis. Tijd als iemand zegt: “O ja, dokter, en dan had ik nóg een vraag…” (en dat is dan meestal de belangrijkste vraag van het consult).

Vraag achter de vraag

Tijd om het overgewicht van een kind te bespreken als dit niet de hulpvraag is, maar ik het wel zie. Tijd om het hoesje van de thermometer bij iemand thuis te zoeken om erachter te komen dat de thermometer mét hoesje geen koorts meet en zonder hoesje wel. Tijd om iemand te helpen met aankleden. Tijd om te vragen hoe het nu gaat, een jaar na het overlijden van een partner. Tijd om de vraag achter de vraag te achterhalen.

Nou ja, de boodschap is helder. Tijd dus.

Maar ja, tijd is schaars, tijd is geld en de tijd vliegt (of vlucht). En vanwege de ‘ombuigingen’ in de zorg is het steevast noodzaak efficiënter te werken. Eén van de betekenissen van ‘efficiënt’ is: ‘met zo weinig mogelijk geld of tijd en zoveel mogelijk resultaat’.

Meer tijd gunnen

Dat zou dus betekenen dat we met minder tijd (= geld) meer gaan doen. En dat wringt. Want een consult bij de huisarts duurt tien minuten. En een dubbel consult duurt meer dan twintig minuten, maar als ik iemand twintig minuten zie, kan ik iemand anders níet zien.

Dus iemand meer tijd gunnen, gaat van de tijd van iemand of iets anders af. En die iemand anders kan een andere patiënt zijn, maar dat kan ook mijn eigen vrije tijd zijn, of de tijd die ik aan mijn kinderen besteed. Ik noem maar wat. Het moet tenslotte uit de lengte of uit de breedte komen.

Uitstrijkjes weigeren

Ik wil het niet hebben over het overwerken. Maar we moeten dus een efficiëntieslag maken in de zorg: meer mensen behandelen in minder tijd. Dus ik neem aan dat de tien minuten dus verkort worden naar zeven minuten of zo. Ik zeg maar wat. Dertig procent efficiëntie. Briljant. Kan dat?

Ik merk nu eigenlijk sinds ruim een jaar dat ik steeds minder vaak genoeg heb aan die tien minuten. De problematiek bij de huisarts neemt toe.

Ten eerste omdat mijn praktijkondersteuners en assistentes steeds vaker de ‘gemakkelijke’ consulten overnemen. Een simpele bloeddruk meten is er vaak niet meer bij. Het is dat mijn assistente weigert uitstrijkjes te maken, anders zou ik die ook nog missen.

Tien minuten achterhaald

Maar meer nog merken wij huisartsen de gevolgen van het beleid van de overheid. Steeds meer psychiatrie blijft in de eerste lijn of komt terug naar de huisarts. Steeds meer ouderen blijven langer thuis wonen. Steeds meer mensen kunnen de zorg in het ziekenhuis niet betalen en blijven liever onder behandeling van de huisarts.

Steeds meer behandelingen horen ook bij de huisarts thuis en het is dus ook terecht dat deze mensen niet naar het ziekenhuis gaan. Maar hierdoor is de tien minuten per consult dus inmiddels eigenlijk achterhaald. En dan moet het dus efficiënter? Wat gebeurt er dan? Tja, dat laat zich raden.

Mooiste beroep

Zo af en toe betrap ik mij erop, als ik langs een gebouw rijd waar beleid wordt gemaakt (en daar zijn er in Den Haag genoeg van), dat ik wegdroom over een baan waar ik niet iedere tien minuten weer in een nieuw, vaak gecompliceerd probleem hoef te duiken. Waar ik me gewoon eens een uur, of misschien wel langer, aan één ding kan wijden.

Waarin ik niet steeds hoef te denken aan mijn spoedmobiel en of ik die wel kan horen als ik naar een andere kamer loop. Waarin ik vast ook wel hele lange dagen moet maken, maar dan wel elk weekend vrij ben, op een verdwaalde beleidsdag na, die ik dan in tegenstelling tot een dienst met een borrel kan afsluiten.

En dat terwijl ik het mooiste beroep heb wat er is: huisarts.

Taakverzwaring

Waarom dan toch deze dagdromen? Omdat er geen sprake is van versterking van de eerste lijn, maar van taakverzwaring. Omdat er wel steeds meer taken voor de huisarts bij komen, maar er niets vanaf gaat.

Maar vooral omdat ik merk dat ik mijn werk steeds minder goed kan doen en straks niet meer kan voldoen aan juist datgene wat ik belangrijk vind aan de kwaliteit van een arts: Gewoon zo goed mogelijk proberen de patiënt beter te maken. Dat kost namelijk tijd.

Hedwig Vos is huisarts, promovendus, moeder, chocoholic en PvdA’er. Volg haar op Twitter.