Zere schenen
Hassnae Bouazza

Foto: Wilhelm von Gloeden
Op Mirsab, de site ‘voor en door moslims’, schrijft Mohamed Jabri:
Meer dan ooit, is nu het moment om in diepte kritisch te zijn. Alles staat op het spel. Misschien is een van de meest revolutionaire dingen die we als Nederlandse Marokkanen kunnen doen, juist het consistent kritisch nadenken over allerlei zaken.
Wat een weldaad. Een Marokkaan die oproept tot kritisch denken. Maar dat kritische denken is wel beperkt tot een aantal voorwaarden; het moet de zegen krijgen van opperhoofd Jabri, anders kruipt hij achter zijn Maroc.nl-masker en schrijft:
‘Hassnae Bouazza, Raja Felgata en Aicha Marghadi Deze 3 dames moeten gewoon een Lick-Her License aanvragen en voortaan door het leven gaan als brownnosers. Misschien vergeten ze dan voor even dat het eeuwige mislukkelingen zijn bij de mannen, door gewoon de liefde met elkaar te bedrijven. Je moet een ieder ander namelijk een orgasme gunnen. Zelfs overrated frigide dikes.’
Alstublieft, wat een revolutionair kritische diepgang. Raja, Aicha en ik zijn dikes (sic), kunnen geen man krijgen, geen orgasme. Waarom hij dit schrijft? Als reactie op mijn stuk Hondepis waarin ik Samira Bouchibti en Mohamed Cheppih van repliek dien.
Nog even over het woord dikes. Het valt me op dat de zichzelf tot de elite rekenende Marokkanen graag met Engels strooien. Dat doen sowieso vaak mensen die geen zin zonder taalfouten kunnen opschrijven. Je kunt van Raja, Aicha en mij veel zeggen, maar niet dat we dijken zijn. Als je ons zo graag in het Engels voor lesbo’s wilt uitschelden, spel het dan in ieder geval goed, met een ‘y’.
Hondepis, het zal duidelijk zijn, heeft tot een storm van verontwaardiging en agressie geleid. Van alle Marokkanen die het land rijk is, heb ik van een handvol, om precies te zijn vier mensen, steun gekregen.
Eén van die mensen bezwoer me dat het gros er net zo over denkt als ik, maar het niet uit durft te spreken. Een ander deelde anekdotes met me die mijn verhaal onderstreepten. Dit alles in vertrouwen, want de Marokkaanse Nederlanders zijn helaas nog niet zo ver dat ze openlijk afstand durven nemen van maatschappelijke voorgangers. De facto sta ik dus alleen met mijn kritiek.
Niet dat me dat verbaast, want tot nu toe hebben Marokkanen nooit iets van zich laten horen, alleen als er wat te schelden viel, en schelden doen ze als de beste, maar als er een keer een verbale klap terugkomt, is het Internet te klein.
Fenna Ulichki, gemeenteraadslid voor GroenLinks, vindt mijn stuk bagger en roept op tot beschaving. Fatima Elatik schaarde zich snel achter haar, net als Samira el Kandoussi, die haar hoofddoek maar meteen af kan doen, want er is niets vrooms aan haar achterbakse geroddel.
Toen El Kandoussi zich nog veilig waande op Facebook, meldde ze trots dat ze haar zuigerige vragen er bij mij in had gewreven. Op het moment dat haar duidelijk werd dat Peter mee las en ik het dus ook onder ogen zou krijgen, veranderde ze subiet van toon; dat ze mijn stukken geweldig vindt. Ja, vast. Dat is dan je sterreporter bij MTNL: een laffe, hypocriete draaikont die er grif voor uitkomt haar persoonlijke rekeningetjes belangrijker te vinden dan haar journalistieke taak.
Verder dan de morele verontwaardiging komen de critici niet, want wat er nou zo erg is aan wat ik schrijf, wordt niet onderbouwd. Kennelijk vinden Fenna en consorten dat hun vriendjes en vriendinnen mogen liegen en aanvallen en dat anderen, ik in dit geval, zich dat lijdzaam moeten laten welgevallen.
Mohamed Cheppih was ziedend van woede, hoorde ik. Hij ontkent me te hebben gezien op de Nacht van de Vrede. Vreemd, want er waren meerdere mensen bij, waaronder zijn goede vriend Tariq Ramadan. Nog vreemder vind ik het dat hij zoiets ontkent, net zoals Samira ontkent op het laatste moment te zijn afgehaakt voor de documentaire waarvoor ze haar medewerking had toegezegd. Waarom staan deze mensen niet gewoon voor wat ze vinden en doen?
Een vriendin wreef me in: ‘tja, je schopt tegen veel schenen aan’. Ja en? Deze types schofferen zelf massa’s mensen, maar niemand die erom geeft. Zodra één van hen wordt aangepakt, sluiten de rijen zich onmiddelijk. Elke exces van elke moslim wordt onmiddellijk vergoelijkt.
Kennelijk wordt het heel beschaafd gevonden dat Samira Bouchibti mij wegzet als leugenaar en Cheppih mij als een stuk vuil ziet, en moet ik dat allemaal prachtig en inspirerend vinden. Want hé, het zijn wel Bouchibti en Cheppih. Wie de hysterische reacties ziet, zou denken dat ik de profeet heb beledigd.
Laten we er niet om heen draaien: het gros van deze mensen vindt mij verderfelijk en scheldt mij constant uit, al was het maar vanwege mijn schrijvende broer die ze om de haverklap uitmaken voor alles wat laag en smerig is. Het zijn zulke goede moslims, die hem graag bespotten en veroordelen om zijn levenswijze, maar echt, als iemand in beschonken staat nog zulke brille weet voort te brengen, past slechts nederig respect. Want wat kunnen al deze agressieve borstkloppers tegenover het leesplezier plaatsen dat hij de mensen heeft gegeven? Niets, behalve heel veel zure braaksels op Internet.
En ze mogen hun gang gaan, scheld maar door, ontken waar je voor staat. Maar onthou dit: als je zelf maar wat graag tegen schenen schopt en scoort ten koste van anderen, moet je niet zeuren als je zelf eens de wind van voren krijgt. Dat hoort bij het debat en als je daar niet tegen kunt, moet je je mond maar houden.
Hassnae Bouazza (حسناء بوعزة) schrijft voor Vrij Nederland, De Volkskrant, NRC Handelsblad, en de Arabische site van de Wereldomroep. Tegenwoordig is ze (bijna) wekelijks te bewonderen in Vrouw & Paard. Dat ze nog tijd heeft om in het geheim voorbereidingen te treffen voor de vestiging van het kalifaat in Nederland, mag een wonder heten. Volg haar op Twitter.





RSS