Kalf
Hassnae Bouazza

Illustratie: Mihály Zichy
Na de aanvankelijke ontroering door de reacties op het dankwoord van Gouden Kalf-winnaar Nasrdin Dchar, vond ik eerlijk gezegd dat mensen zich erg lieten mee slepen. De speech werd in het Frans vertaald en met Engelse ondertitels op YouTube geplaatst. Dat ging me allemaal wat ver, maar allez.
De behoefte aan iemand, die zich positief presenteert zonder enig slachtofferschap of verongelijkt gejammer, was kennelijk zo groot, dat de woorden van de jonge acteur bij velen als een warme bom insloegen. Mooi. Klaar.
Zou je denken.
Maar na de eerste lof kwamen ook meteen de zure stemmen op: ‘hoezo noemt hij zich Marokkaan.’ ‘Zijn achtergrond doet er toch niet toe’, sneerden lui die niks anders doen dan Nederlandse-Marokkanen altijd aanspreken op hun Marokkaans-zijn.
‘Hij zei deze in plaats van dit‘, gniffelden halve analfabeten die ‘zelf het verschil tussen een d en een t niet eens kennen, maar die opeens een groot taalgevoel aan de dag leggen als een buitenlander eens een fout maakt.
‘Als het een Nederlander was geweest, was er niet zo’n hype geweest’, schrijft Liesbeth Wytzes, vol instemming geretweet door Sylvia Witteman. Over misplaatst slachtofferschap gesproken.
Een Nederlander wordt niet elke dag over één kam geschoren met alle andere Nederlanders. Een Nederlander heeft niet te maken met een xenofobe overheid die hem tegemoet treedt als lid van een ‘problematische gemeenschap’ en niet als individu. Als een gemeenschap waaraan allerlei eisen worden gesteld en over wie constant gesproken wordt in termen van ‘vijfde kolonne’, ‘horizonvervuiling’, ‘gevaar voor de democratie’, ‘straatterroristen’ en zelfs veroorzakers van het fileleed. Om er maar eens een paar te noemen.
Ik heb helemaal niks met slachtofferschap. Ik heb een broertje dood aan subsidieallochtonen die in plaats van echt werk te zoeken, steeds maar uit de staatskas vreten met hun zogenaamde integratiebevorderende projectjes.
Een even zo grote hekel heb ik aan moslims en allochtonen die alleen klagen, maar nooit eens het debat aangaan, die niks doen om de vele onzin die er over hen gedebiteerd wordt, te ontkrachten, maar juist nog eens bevestigen.
Lang heb ik ook het autochtone onbehagen begrepen: het landschap is veranderd, de bevolkingssamenstelling is dat ook, er zijn veel problemen. Ik ging het gesprek en het debat aan en wat me opviel, was dat het voor een bepaald deel van de autochtonen gewoon nooit genoeg is. Er blijft altijd wat te klagen; integratie is niet genoeg, assimilatie willen ze. Je eigen identiteit koester je maar lekker thuis. Behalve dan als die identiteit door Hollanders gebruikt kan worden om de schuld van alles te geven, dan ben je gewoon weer nadrukkelijk de Marokkaan. Een normaal mens zou om minder gek worden.
Ik ben er nu wel klaar mee. Na decennia is het nu eens tijd dat mensen maar eens wennen aan de aanwezigheid van andere culturen. Dat eeuwigdurende gezeik kennen we nu. We zijn hier, we gaan niet weg en we blijven ook niet ergens onderaan de maatschappelijke ladder bungelen om vooral het superioriteitsgevoel van de autochtonen niet aan te tasten.
Toen ik vandaag weer geïrriteerd twitterde op het doorgaande gepruttel over de Dchar, reageerde iemand, uit geheel onverdachte hoek, met de oneindige wijsheid dat we nu eenmaal in een open samenleving wonen en dat er verschillende meningen zijn. Wat een openbaring. Maar wat een pedanterie ook vooral. Even de Marokkaan erop wijzen dat er ook mensen zijn die andere meningen kunnen hebben.
Weer een ander vond dat Dchar de ‘zorgen over zijn landgenoten onder het tapijt wil vegen’. Serieus.
Dchar, noch wie dan ook, moet helemaal niks. Ik ben klaar met al die particuliere wensjes en eisjes, met die oneindige verlanglijsten waaraan we moeten voldoen, hoe we ons moeten uiten, en hoe we ons moeten identificeren.
Steek dat onbehagen maar ergens heel erg diep. Ga er zelf maar mee aan de slag, want ik doe het niet meer.
Hassnae Bouazza (حسناء بوعزة) schrijft voor Vrij Nederland, De Volkskrant, NRC Handelsblad, Elle en de Arabische site van de Wereldomroep. In 2009 was ze te bewonderen in Vrouw & Paard, afgelopen kerst won ze bijna De Nationale Wetenschapsquiz. Dat ze nog tijd heeft om in het geheim voorbereidingen te treffen voor de vestiging van het kalifaat in Nederland, mag een wonder heten. Volg haar op Twitter.





RSS