Frontaal
Naakt
28 oktober 2011

Schelden

Suna Floret


Illustratie: Norman Lindsay

Het is al bijna een week geleden dat Feyenoord tegen Ajax heeft gespeeld, maar nog steeds hebben veel Rotterdammers het over de wedstrijd tussen de twee rivalen. Bij een ontmoeting zoals afgelopen zondag zijn de Rotterdammers op hun agressiefst. “Ik had gehoopt dat onze jongens een paar benen hadden gebroken in dat lelijke stadion”, hoorde ik twee heren tegen elkaar zeggen terwijl ze vrolijk aan het winkelen waren op Het Zuidplein. “Wat baalde ik zeg, van die 1-1.”

De frustratie die sommige Rotterdammers voelen tegenover de Amsterdamse ploeg (mijn broertje zou nu zeggen: waarom moet je nou schelden? Zeg alsjeblieft 020!) maakt deel uit van de Rotterdamse cultuur. Het is een vorm van trots, van verbondenheid, bijna te vergelijken met nationalisme. Alleen duurt dat gevoel -gelukkig maar – negentig minuten. Over een week hoor je er niks meer over.

Onschuldige trots noem ik het maar en die mag best bestaan. Want als ik het vergelijk met het nationalisme in de Turkse media na de aardbevingen in het oosten van Turkije… plaatsvervangende schaamte voelde ik. En die voel ik bijna nooit, want zó verbonden ben ik niet met Turkije. Maar toen ik uitspraken hoorde zoals “die minderheden in het oosten hebben het verdiend, ze schieten onze militairen neer, moge de omliggende steden het zelfde overkomen!”, draaide mijn maag om.

Dit soort uitspraken over onschuldige burgers kwamen niet alleen maar van Ahmet de buurman, maar van populaire mensen in de media, die miljoenen kijkers toespreken op de televisie. Het lijkt alsof deze mensen leven als paarden met oogklepjes, ze sluiten zich af voor links en rechts, ze zitten in een andere wereld, ver weg van de menselijkheid. Waarschijnlijk voelt het paard zich nu zelfs beledigd dat ik hem gebruik als metafoor.

Het is dan toch een opluchting om te zien dat Rotterdammers op z’n agressiefst zijn tijdens voetbal. Dat we tijdens een spel van negentig minuten elkaar de tering in schelden en vervolgens verder leven omdat er niks aan de hand is. Dat we elkaar een nederlaag wensen terwijl we staan te springen en te zingen? Er zijn een hoop Rotterdamse Turkse jongeren die via sociale netwerken geld proberen in te zamelen voor de slachtoffers. Er worden dekens, kussens en tenten opgestuurd en dat maakt een hoop goed. Ik doe ook maar oogklepjes op en doe net of dat groepje hersenlozen in Turkije niet bestaat.

Eerder gepubliceerd in Algemeen Dagblad, waar journalist Suna Floret (28) een wekelijkse column heeft. Haar weblog is meer dan de moeite waard. Volg haar ook op Twitter.


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home