Wetenden
Frans Smeets

Volgens een onderzoek van het CPB over religie in de eenentwintigste eeuw zet de ontkerkelijking zich voort. Niet alleen katholieken en protestanten, maar ook islamieten bezoeken steeds minder hun gebedshuis. En dit laatste is vooral een nachtmerriescenario voor al diegenen die hun zingeving vinden in hun schlemiele strijd tegen de zogenaamde “islamisering”. Zoals te verwachten ontkennen zein alle toonaarden dan ook het voor mij goede nieuws.
Toch denk ik niet dat de ontkerkelijking meteen minder religiositeit betekent. Als ik in mijn katholieke achtergrond kijk, dan zie ik toch vooral het einde van sociale dogma’s en religieus burgerlijke verplichtingen. Mijn ouders (tachtig-plus) zijn geëvolueerd van een streng katholiek dwingend milieu naar een agnostische benadering, waarin ze de kerk als een aanvulling op hun persoonlijke leven zien in plaats van dat zij de kerk dienen. Enkele keren per jaar wonen ze nog een dienst bij als het hen schikt. Mijn eigen generatie noemt zich vaak nog katholiek, terwijl ze de kerk vooral gebruiken als een voorzienende dienst van geboortes, trouwerijen en begrafenissen.
Van de ‘ze-fokken-als-konijnen’-doemscenario’s uit protestantse kring is weinig terecht gekomen. Limburg is de meest vergrijsde provincie en de oerkatholieke landen als Italië en Spanje hebben de laagste geboortecijfers ter wereld. Zelfs opperhomofielen als Pim Fortuyn en Gerard van het Reve konden goed gedijen in dit oude instituut.
Maar ook in de meeste protestantse gebieden waar ik nu vertoef, is de strengheid grotendeels verdwenen en kiezen de meeste mensen voor een persoonlijke invulling van hun geloofsbelevenis. Hoe zot die vaak kan zijn.
En ik zie niet in waarom dat in islamitische hoek anders zou zijn. De mensen met een islamitische achtergrond die ik ken zijn nou ook niet echt het prototype van de vrome gelovige. Trouwens, als mensen moeten kiezen tussen een vette auto of het heilige boek dan is een keuze niet zo moeilijk.
Het is allemaal een soort geloven geworden dat voortkomt uit zingeving, culturele achtergrond, we-doen-maar-wat, groepsgedrag, mystiek, schoonheid, angst voor de dood of een combinatie. Eigenlijk is het een geloof dat voortkomt uit twijfel en het niet-weten. Religie als strohalm in de tragiek die we leven noemen.
Zelfs mensen die zich niet-gelovig noemen, zitten te kloten met allerlei kaaskopreligiesof huppelen bij gebruiken weer terug naar oude rituelen. Ieder het zijne…
Eigenlijk is er nauwelijks een tegenstelling tussen gelovigen en niet-gelovigen, laat staan dat er duidelijke scheidslijnen zijn. Ergens zit dat al in het woord “geloven”, dat immers altijd een alternatief biedt naar een andere kant en uitgaat van meerdere keuzes.
Wat al deze geloven gemeen hebben, is de enorme afstand tussen hen die vanuit hun geboorte “gedwongen” zijn tot een geloofs -of cultuurgemeenschap te behoren en degene die zeggen hen te vertegenwoordigen. We hebben dan ook geen problemen met gelovigen, maar met wetenden. Alle individuele zoekertjes worden vertegenwoordigd in allerlei organisaties door mensen die niet gelòven, maar WETEN dat hun opvattingen universeel en alomvattend zijn.
Wetenden denken de dragers te zijn van begrippen als Waarheid en Vrijheid en eigenen zich morele -en intellectuele zeggenschap en superioriteit toe over hun eigen groep die uitgaat van homogeniteit. Een homogeniteit die een waan is en niet bestaat. Dat verklaart ook waarom al die wetenden altijd direct ruzie met elkaar krijgen om hun eigen kleine imperiumpjes. Ze vertegenwoordigen vrij weinig.
Behalve dat de katholieke-, protestantse- en islamitische instituties (wetenden) mijlenver af staan van degenen waarop ze zich beroepen, geldt dat ook voor de zichzelf benoemde atheïstische tak. Deze verschilt vaak in aanspraak en fanatiekheid weinig van de vertegenwoordigers van datgene wat ze denkt te bestrijden. Vorige eeuw heeft bewezen dat ook atheïsme met een wetenschappelijke pretentie een religie kan zijn en net zo makkelijk voor de waarheid en vrijheid mensen over de kling jaagt.
En dan heb je tegenwoordig ook nog de wetenden die in hun fantasieloosheid en domheid alleen nog een wereldbeeld kunnen hebben gefundeerd op vernietigingsdrang. Het vijandbeeld als ultieme zingeving, als je grote liefde waar je niet zonder kunt. Domrechts, knokploeg van de tijdsgeest.
De aanspraak op homogeniteit in de eigen groep en het afzetten tegen de “andere kant” is typerend voor al deze gevaarlijke idioten zonder humor of relativering. De wetenden weten altijd mooi te simplificeren met hun eeuwige gestrooi met lidwoorden die de alomvattendheid van hun gefingeerde eigen groep, de buitenwereld en hun vijand in een enkel woord kunnen vatten. DE ongelovige, DE criminaliteit, HET terrorisme, HET protestantisme, HET katholicisme, De islam, DE linkschmensch, HET fascisme, HET communisme.
Er bestaan geen individuen meer, maar slechts groepen. Hun wereld heeft de eenvoud van een gevaarlijk sprookje over goeden en slechteriken, een wereld waar slechts plaats is voor een van de twee. De lidwoorden dienen niet de prikkeling van het debat of het vrije woord, maar de praktische uitvoering van een politiek agenda die weinig goeds belooft. Een agenda gestoeld op polarisatie.
Dit soort idioten weten ook altijd precies hoe iedereen zich hoort te gedragen, wat ze moeten denken en hoe ze horen te handelen. En ze eisen dit op voor zowel de eigen groep als voor hun tegenstanders. Enge zure mannetjes (bijna altijd mannen) met een empathisch vermogen en fantasie van een verweekte garnaal (excuses aan de garnaal) die denken te moeten bepalen wanneer vrouwen een abortus mogen hebben, iemand dood mag gaan op zijn oude dag en hoe iemand behoort te reageren bij verkrachting. Je moet maar durven om zo over anderen te oordelen.
Het gebruik van de duidelijke tegenstelling (polarisatie) heeft voor de wetenden twee praktische voordelen. Polarisatie dwingt de twijfelaars tot een keuze (ben je niet voor ons dan ben je tegen ons) en vergroot daarmee de aanspraak van de wetende als vertegenwoordiger van een groep die eigenlijk niets met hem te maken wil hebben. Het tweede gevolg is dat polarisatie de “vijand” simplificeert, uitvergroot en machtiger maakt dan hij in werkelijkheid is. Ook de vijand wordt gedwongen tot kiezen voor zijn eigen wetenden. Beide kampen bestoken de eigen groep met wandaden van extreme individuen of toevallige gekken van de andere kant om angst te creëren .
En dit is een proces dat Wilders goed begrijpt. Hij zou zelf geen leven hebben zonder islam.
Praktisch betekent een leven onder wetenden een erg onaangename samenleving waarin een ieder die niet wil meedoen aan hun bekrompen en paranoïde waarheid zijn keuzevrijheden verliest. Het hoeft niet eens uit te maken aan welke kant van de medaille je staat. Voor iemand die zijn eigen hobbelige weg wil gaan is een Wildersland net zo erg als een baardapenland, als een christenland, als een atheïstenland. Hij krijgt van alle vier in naam van de vrijheid en voor het goede doel respectievelijk een knieschotje, zweepslagen, brandstapel of dwangarbeid.
Wetenden zijn potentiële moordenaars die het zwaard niet schuwen. Tuig van de eerste richel, niet in Tokkie-outfit, maar in driedelig, met schone handen. En mijn God, heden ook nog met blond haar!!
Knutselaar Frans Smeets denkt dat de multiculturele samenleving het beste is wat Nederland is overkomen.





RSS