Eigen stemmers eerst!
Bram Weijsman

Julien Mandel, uit Blab no. 12.
De PVDA en ons Woutertje zitten één week in de regering en de koerswijziging is meteen wel heel erg duidelijk. Eerst wilde ons Woutertje eens goed scoren bij zijn achterban en regelde hij een generaal pardon voor de 26.000 illegalen, ook wel 26.000 schrijnende gevallen genoemd. Toen belde ons Woutertje met Minister Ella Vogelaar en gezamenlijk besloten ze tijdens het ontbijt dat de boerka gewoon moest kunnen. Ons Woutertje vindt totaal gesluierde vrouwen (of mannen?) die als pinguïns door de straat heen waggelen zelf waarschijnlijk hoogst erotisch en dus een aanwinst in ons straatbeeld.
Woutertje zat echter met een probleem, want ook de Turken en Marokkanen moesten beloond worden voor hun trouwe stemgedrag. Aangezien het hier om grote groepen kiezers gaat, moest de beloning ook bestaan uit een royaal gebaar. Hij zou twee bewindslieden benoemen met een dubbele nationaliteit, de dubbele loyaliteit zou hij wel op de koop toe nemen. Albayrak zou staatssecretaris moeten worden en gaan beslissen over asielaanvragen uit Turkije, dan zou ze nog meer stemmers kunnen gaan binnenhalen. Ons Woutertje glimlachte om zijn eigen genialiteit en leunde even ontspannen achterover in zijn pluche zetel. Over de Marokkaanse vertegenwoordiger hoefde hij niet lang na te denken, dat moest Aboutaleb worden. Die zat een beetje in het nauw in Amsterdam, vanwege wat uitspraken over een moskeebezoeker die wat vreemde dingen had gezegd en er was wat spanning binnen de gemeenteraad over de wanprestaties van Aboutaleb bij de Dienst Werk en Inkomen. Dus Aboutaleb zou niet twijfelen en zich meteen loyaal verklaren aan ons Wouterje.
Daarna vond Woutertje het tijd voor een goed lunchgesprek met Nebahat Albayrak, ze hadden tijdens de verkiezingen zoveel stemmen gehad van allochtonen dat ze er nog wel wat voor terug moesten doen. Samen bedachten ze de volgende zielige groep, de Tamils. Woutertje was van mening dat het onmenselijk zou zijn om nog Tamils uit te zetten en voorlopig zouden de uitzetprocedures dan ook gestaakt worden.
Eenmaal terug op zijn kamer bedacht ons Woutertje dat het nog niet genoeg was. Hij moest nog wat doen voor de Antillianen en als hij dan ook meteen dat nare mens van Verdonk een hak kon zetten zou dat prachtig zijn. God, wat had hij een hekel aan dat mens Verdonk. Vier jaar lang had hij geen vuist kunnen maken tegen haar want Rita had ruggengraat, en ons Woutertje kon dat niet uitstaan want zijn eigen ouders noemende hem vroeger al een ruggengraatloos weekdiertje. Maar nou had hij een kans om eens wat terug te doen. Verdonk had net een wet ontwikkeld om criminele Antillianen terug te sturen en hij zou die wet ongedaan maken. Hij zou daar zelf weinig last van hebben want in zijn buurt wonen geen Antillianen. Ons Woutertje was helemaal content met zichzelf en hees zijn lichaam uit zijn zetel. Hij liep naar de spiegel in zijn werkkamer en bekeek zichzelf vol trots in de spiegel. Een brede glimlach kwam op zijn gelaat bij de gedachte aan al het goede wat hij al in één week bereikt had onder het mom van eigen stemmers eerst!
Bram Weijsman is de auteur van ons Woutertje.





RSS